Advertentie
Advertentie

A&M en Motown: de harde tijden van de ex- onafhankelijken

(tijd) - In juli 1988 werd de onafhankelijke platenfirma Motown Records voor 61 miljoen dollar verkocht aan het mediakonglomeraat MCA en een investeerdersgroep. Het was de voorbode van een koopwoede van de grootste zes platenmaatschappijen, op zoek naar de middelgrote "independents'. De vroegere eigenaars daarvan zitten nu samen op een hoopje in Acapulco, want MCA betaalde nog geen jaar later 545 miljoen dollar voor Geffen, Polygram betaalde 460 miljoen voor A & M en meer dan 200 miljoen dollar voor Island. Maar de voortekenen zijn slecht, Motown en MCA vechten een robbertje uit voor de rechter, A & M maakte voor Polygram 8 miljoen dollar verlies vorig jaar. Er werden wenkbrauwen gefronst in 1988, toen een groep investeerders rond Boston Ventures (70%), MCA (18%) en de voorzitter Jheryl Busby met Diana Ross (samen 12%) Motown Records kochten voor 61 miljoen dollar. Motown Records is wel een bijna legendarische merknaam voor de dansmuziek van de sixties en op de lukratieve markt van het jeugdsentiment, maar de platenmaatschappij was helemaal niet meer wat ze was. In 1987 was er nog een omzet van 20 miljoen dollar, terwijl ze in het tijdschrift Black Enterprise tussen '73 en '84 tien keer op rij als grootste zwarte vennootschap in de VS genoteerd werd. In '77 haalde Motown 61 mln. dollar omzet. Motown was niet zo hot meer als vroeger, stichter Berry Gordy wilde er van af.