Advertentie
Advertentie

Alles kan beter in de 21ste eeuw

Wie een stand van zaken wil maken van het wereldje waarin we rond de eeuwwende zijn verzeild geraakt, kan bij VRT-journalist Dirk Barrez terecht. Zijn inventaris is alles behalve opbeurend. Hoe kan het ook anders?De wereld van het einde van de twintigste eeuw oogt niet zo fraai. En wie wereld zegt, zegt op de eerste plaats de planeet aarde, waarvoor we de voorbije eeuw steeds minder respect opbrachten. Er is het broeikaseffect, de luchtvervuiling, het ozonprobleem, de zure regens, de verspreiding van atoomwapens, het bestaan van chemische en biologische wapens, de gevaren van de kernenergie en het onoplosbare probleem van het atoomafval, de erosie van landbouwgronden, de woestijnvorming, de uitroeiing van tropische wouden en de overbevissing van de zeeën.Planten en diersoorten verdwijnen tegen een beangstigend ritme. De gevolgen van de genetische manipulatie voor mens en natuur zijn niet te overzien. In de hele wereld wordt water een schaars goed, terwijl de strijd voor voedsel steeds scherper wordt. Over de onafwendbare uitputting van de grondstoffen maakt men zich niet te veel zorgen, terwijl het probleem van de afvalbergen uitzichtloos is. De wereld wordt onleefbaarder door de uittocht van het platteland naar de steden, die overvol worden, terwijl het platteland verwaarloosd wordt. De overbevolking van de aarde bezorgt velen koud zweet. De ergste problemen zijn de verslechterende gezondheidstoestand en de toenemende armoede van tientallen miljoenen mensen, vooral in de ontwikkelingslanden.De auteur laat het niet bij die onheilspellende opsomming. Hij pleit voor remedies, zoals het zuinig energieverbruik en het aanboren van alternatieve energiebronnen, kortom de duurzame ontwikkeling. Hij geeft toe dat het schoentje bij de werking van ons economisch stelsel knelt. Tot in de verste uithoeken van de wereld is Coca-Cola te vinden. Zuiver water of leidingwater is veel minder verspreid. Goederen en diensten worden haast uitsluitend geproduceerd voor wie geld heeft.Kan een planeconomie die economische scheeftrekkingen voorkomen? De auteur gelooft het niet en verwijst naar de ervaring in de voormalige communistische landen. Anderzijds geeft hij toe dat de kapitalistische economie geplaagd wordt door een ongeremd winstbejag. Alles wordt koopwaar en de concurrentie drijft de economie, waardoor alleen de sterksten aan bod komen.In een wat duister zinnetje schrijft Dirk Barrez dit toe aan het feit dat de huidige dominante economie ver buiten het eigen terrein is gehold. Erg wetenschappelijk klinkt dit niet, want dat alles een koopwaar wordt, tot en met levende organismen waarop men zelfs een octrooi kan nemen, vloeit voort uit de wetmatigheid van het kapitalisme. Bovendien leidt dit systeem niet tot steeds meer concurrentie, maar wel tot een steeds grotere monopolievorming, waardoor de zo geprezen concurrentie wordt uitgeschakeld.In overeenstemming met de huidige mode, heeft Barrez het over de economie en de politiek. Hij verbaast er zich over dat de politiek volledig voor de economie buigt. Dit is nochtans altijd zo geweest. De economie bestaat immers niet. Er bestaat wel een bepaald economisch stelsel, waarvan de productiemiddelen in handen van de gemeenschap of in handen van enkelen zijn die ook de winsten van de economische activiteit opstrijken. Die bezittende klasse beslist wat er gebeurt, niet alleen op louter economisch vlak, maar ook in het onderwijs, de cultuur, de vrije tijd, en zo meer.De politiek bestaat evenmin. Het is een van de instrumenten waarvan de ware machthebbers, vroeger de vorst en nu de bezittende klasse, gebruik maken om hun belangen te dienen. In landen waar de markteconomie heerst, zal niemand parlementslid en zeker geen minister worden, die de markteconomie, dit wil zeggen de kapitaalbezitters, niet dient. Niet de kiezers, maar de politieke partijen zorgen daar wel voor.Het klinkt dan ook eerder naïef als de auteur in een hoofdstukje over de toenemende kloof tussen arm en rijk stelt dat de overheid zich moet beperken tot het vastleggen van de doeleinden en de krijtlijnen van het economisch spel. De uitvoering moet zijns inziens in hoge mate op het economisch privé-initiatief steunen. Alsof dat laatste zijn doelstellingen niet aan de overheid opdringt.De auteur loopt ook iets te vlug van stapel als hij de internationale politieke organisaties als ideaal vervangmiddel ziet voor de zwakke nationale politiek. Zo kan men zich vragen stellen over het democratische gehalte van die supranationale instellingen, zoals de Europese Unie. Als Barrez liever niet heeft dat de concurrentie de drijfveer van de economie is, moet hij niet bij de EU gaan aankloppen. In dezelfde zin spreekt hij zichzelf tegen, waar hij enerzijds voor meer internationale gewapende tussenkomsten in conflictgebieden pleit en anderzijds de pijnlijke mislukkingen van de operaties van de Verenigde Naties in Somalië, Ruanda, Bosnië en Angola aan de kaak stelt.Spijtig dus dat Dirk Barrez in zijn analyses soms niet tot op het bot gaat. Voor het overige is zijn boek een bruikbare agenda voor de 21ste eeuw. Als men bereid is rekening te houden met zijn waarschuwingen, zal die eeuw een heel stuk leefbaarder worden dan de twintigste. PLDirk Barrez - Ik wil niet sterven aan de XXste eeuw. Over leven in de 21ste eeuw - 1999, Gent, Globe, 238 blz.,ISBN 90-5312-127-7