Advertentie
Advertentie

Arbeidskwaliteit

De Administratie Werkgelegenheid is klaar met een rapport waarin de Belgische kwaliteit van de arbeid gemeten wordt met objectieve criteria, zoals intrinsieke kwaliteit van de arbeid, opleiding, combinatie werk-gezin en veiligheid. Daarmee wil de dienst ongetwijfeld minister van Arbeid Laurette Onkelinx (PS) tegemoetkomen. Zij wil graag dat België de eerste van de Europese klas is als het erop aankomt objectieve indicatoren op te stellen om de werkomstandigheden te meten.Enkele resultaten zijn opmerkelijk. Zo blijken laaggeschoolden zich minder bij te scholen dan hooggeschoolden, en blijkt het met onze tewerkstellingsgraad niet zo erg gesteld te zijn als wordt beweerd. Belgen hebben namelijk in vergelijking met hun buren meer voltijdse jobs.Het belangrijkste resultaat is ongetwijfeld dat 51 procent van de Belgische laagverdieners zijn inkomen tussen 1997 en 1999 wist te verhogen. Maar ook dit is niet verwonderlijk. De voorbije jaren heeft zich op de arbeidsmarkt een duidelijke upgrading voorgedaan: een omgekeerde cascadebeweging zorgde ervoor dat mensen werden bijgeschoold en opklommen op de loonladder. Een mooie trend, die zich nu uit in de statistieken. De sterkte van deze beweging is echter ook haar zwakte: even gezwind als de markt groepen werknemers deed opklimmen, laat ze die mensen nu vallen. Maar één voorbeeld: in de aanloop naar het jaar 2000 lieten heel wat zacht-gediplomeerden zich onderdompelen in een informaticabad om snel een redelijk betaalde job te vinden in de bestrijding van de millenniumbug. Nadien konden ze nog hun diensten bewijzen bij de IT-projecten die in het vriesvak waren gebleven, precies door dat millenniumprobleem. De vraag rijst wat er met hen gebeurt nu de lagergeschoolde informaticus weer minder gegeerd is.Laurette Onkelinx komt met haar lijstje reglementen ter verbetering van de arbeidskwaliteit dan ook rijkelijk laat. De verzwakte conjunctuur maakt de schaarste aan bepaalde arbeidskrachten minder nijpend. Daardoor zijn de werkgevers niet langer bereid om het even welk eisenpakket te aanvaarden. Een veiligheidscoördinator op de werven heeft ze er, op papier althans, door gekregen, maar met de regel om een werknemer tweemaal per dag een kwartier zittende rustpauze te garanderen, de borstvoedingspauze of komt ze vanuit tactisch-politiek standpunt te laat. Een pak van haar regels - die op zich terecht of onterecht kunnen zijn -, zoals ook een uur borstvoedingspauze, de maatregelen tegen pesten op het werk, drijven de loonkosten alleen maar op.Maar nog zwaarder dan het tactische argument wegen de praktische hindernissen. Heel wat van de Onkelinx-regels worden opgelegd zonder overleg met de werkgevers. Ze missen daarom vaak aansluiting met de realiteit. Neem nogmaals de veiligheidscoördinator: heel wat werfarbeiders durven bepaalde kwetsuren niet meer laten verzorgen, omdat dat ook betekent dat ze in de officiële werfrapporten worden opgenomen. En heel wat werfchefs willen daar niet van weten. Het perverse effect is dat de officiële statistieken een vermindering van het aantal werfongevallen in de bouwsector vertonen, terwijl in werkelijkheid de gevolgen van een ongeval verergeren doordat er niets aan gedaan wordt.Het is maar één voorbeeld van hoe een goedbedoelde, maar paternalistische mentaliteit door gebrek aan dialoog wordt omgebogen tot het tegendeel van wat beoogd wordt. Tom Michielsen