Advertentie
Advertentie

Bauhaus, steriele droom van de 20ste eeuw

Bauhaus Dessau is een heldere, maar officiële en celebratieve tentoonstelling afkomstig van het huidige Bauhaus Archiv. Ze geeft een chronologie van de beroemdste kunstschool van de 20ste eeuw, met een pedagogisch programma waar eindeloos lippendienst aan zichzelf wordt bewezen. Wat blijft aantrekken, is de reductie: in de beroemde Vorkurs (inleidende colleges) worden alle aspecten van materiaal, vorm, kleur tot hun meest elementaire componenten herleid. Geen ambachtelijke geheimen, geen historisch apriori; de Vorkurs vertrekt van een analyse tot het elementaire. Het is de grote formalistische droom van de 20ste eeuw. Uit de officiële feiten alleen al blijkt hoeveel andere krachten de zuiverheid van de elementaire deeltjes verstoorde. De school bestaat van 1919 en sluit in 1933. In die korte periode zijn er drie vestigingen (Weimar, Dessau en heel kort in Berlijn), drie directeuren, een zeer wisselende ploeg van docenten, verschuivende ateliers en sterk veranderende opvattingen over de richting van de school. De interne conflicten zijn uiteindelijk veel belangrijker dan dat het nationaal-socialisme het instituut tot sluiting dwong. Dat politieke feit stileert al decennia Bauhaus in een monolitische heldenrol. Eénvormig was Bauhaus zeker niet. Haar interne contradicties zeggen veel over die van het modernisme dat de eeuw beheerste. Aanvankelijk is Bauhaus een typische erfgenaam van de vooroorlogse modernen: Jugendstil en Werkbund. De nieuwe school neemt de traditie van Henri van de Velde in Weimar op. De eerste benoemingen (Itten in 19; Klee in 21, Kandinsky in 22) maken van de school een bolwerk van Duits Expressionisme. De ideeën zijn holistisch. Het gaat om de synergie tussen verschillende disciplines (met Oskar Schlemmer wordt theater in 21 een cruciaal deel van de school), om de symbiose van vorm en expressie, om het vinden van intuïtieve harmonieën tussen leven en vorm. Kortom, de school zet een lange traditie van de reform-cultuur van de belle epoque voort. Ze breekt niet met dat verleden, maar is er het ultiem product van. Toch in de eerste mythische jaren. Het modernisme is in feite een areligieuze reformatie, de tweede van Europa. De parallellismen zijn talrijk. Neem hun beider verzet tegen de renaissance en barok. Ook, de tweede reformatie wil een zuivere leer, bevrijd van de complexiteit van de historische traditie die de vorige eeuw obsedeerde. Ook de tweede reformatie ontstaat in het noorden, in Holland (De Stijl) en in Duitsland. Ook de tweede reformatie maakt gebruik van de nieuwste technieken (zoals Luther van de drukpers) om de nieuwe vormen bij de mensen zelf te krijgen (nieuwe materialen en nieuwe technieken zoals fotografie in het atelier van Moholy-Nagy). Ook de tweede reformatie wil de voetnoten, exegese en glossen van de eruditie en van de geschiedenis wegwerken. Met de leer van het elementaire van kleur, vorm, volume, geometrie en beweging moet de esthetische kwaliteit direct toegankelijk zijn (zo vertaalde ook Luther de bijbel in de volkstaal). Bewegingsleer (Schlemmer), kleurleer (Itten), vormleer (Klee), materiaalleer (Moholy-Nagy): men zoekt de sleutel in een combinatiespel van elementaire bouwstenen. Centraal staat het functionele lichaam. De referentie is de zakelijke economie. Bauhaus ziet overigens nergens de tegenstellingen tussen mensen en in ieders leven: de vorm staat in dienst van een conflictloos mensbeeld. Terwijl de school juist zelf een zeer bewogen geschiedenis was, terrein van intriges zonder einde. Maar zo negeert de zuivere stijl ook de frivoliteit en de tijdelijkheid van de mode: je zou om zoveel blindheid alleen maar lachen, ware het niet dat Bauhaus-projecten zo vaak objecten hebben gerealiseerd waar de tand des tijds inderdaad maar geen greep op lijkt te krijgen: de lamp van Marianne Brandt, de stoel van Breuer, de grafische vormgeving van Herbert Bayer, ze hebben een tijdloos statuut dat weinig andere objecten uit de wereldcultuur haalden. 1923 is een cruciaal jaar. De school is nog steeds gevestigd in Weimar, onder leiding van Gropius. Van Doesburg komt de sympathieke school in Duitsland de les spellen: Jullie zijn teveel expressionisten, de school moet zakelijker. Itten gaat weg, Moholy-Nagy geeft een andere wending aan de research, weg van de meditatie-ruimte naar het laboratorium. In 26 vestigt de school zich in een eigen gebouw in Dessau. Het ultieme bewijs dat Bauhaus er niet is voor de individuele studenten en hun ontwikkeling (als mens), maar dat het een valabele gesprekspartner wil zijn voor de industrie. Pas na 23 krijgt Bauhaus het gezicht van de 20ste eeuw. De reductie die zo centraal stond had aanvankelijk nog platonische resonantie, nu is ze een machinistische reductie. Uit de Bauhaus-tentoonstelling in het Londense Design Museum kom je buiten met een geëxalteerd gevoel voor de elegantie van haar schraalheid. Het is een enorme afslankingskuur waarvan je vanuit de 19de eeuw naar kijkt als een bevrijding, maar vanuit de 20ste eeuw met heel wat ambivalentie. Soms lijkt het alsof de remedies van dit toplaboratorium van de vorm erger zijn dan de kwaal.De stijl van Bauhaus is tiranniek en daardoor ook steriel. De opvattingen van het lichaam, van het samenleven, van intimiteit en sociabiliteit zijn op maat van mensen die met macht, ambitie en de geest leven. Verlangens, frivoliteit en onverantwoordelijkheid zijn hier onmogelijk, laat staan een geheim, een ondeugd. De ideale klant is de gestandaardiseerde bureaucraat. Wat een merkwaardige cultus van het onbeschreven blad. Deze prestigieuze school dient blijvend overdacht te worden om ons de mogelijkheid te geven steeds weer afstand te doen van haar illusies. DLBauhaus, Design Museum,28 Shad Thames, SE1, Londen, tot 4 juni.