BBTK-topman schreeuwt opnieuw onschuld uit

(belga/tijd) De gerechtelijke klacht tegen Albert Faust, de ontslagen algemeen secretaris van de BBTK-afdeling-Brussel-Halle-Vilvoorde, stelt niet veel voor. Dat zegt alvast de advocaat van Faust, meester Jean-Michel Détry. Hij probeerde gisteren op een persconferentie andermaal de onschuld van zijn cliënt aan te tonen. Volgens Détry zijn de aantijgingen van federaal BBTK-voorzitter Christian Roland, die Faust beticht van wanbeheer en gesjoemel, op veronderstellingen gebaseerd. Faust kreeg geen luxewagen, geen dure wijn en pikte niet uit de kas, klinkt het.Faust, zijn advocaat en Marc-André Verbeure, de eveneens ontslagen boekhouder van de Brusselse BBTK-afdeling, beklemtoonden gisteren dat er geen draaiboek voor de boekhouding van een vakbond bestaat. De federale BBTK kan dan ook niet verwachten dat de boeken van de Brusselse BBTK-afdeling een kopie zijn van de zijne, luidt het. Faust stelde gisteren dat zijn boekhouding tot en met het boekjaar 2000 werd goedgekeurd door een door het ledencongres benoemde controlecommissie. Hij wees erop dat BBTK-federaal volgens de statuten geen controlerecht heeft op zijn boekhouding. Volgens Faust waren er wel degelijk betalingsbewijzen van alle uitgaven, maar werden die na controle door de controlecommissie vernietigd. Het is niet zo dat we op een gegeven moment alles wilden verbranden, maar die zaken worden doorgaans na de controle niet bijgehouden, vergoelijkte Faust. Hij beweerde dat zijn boekhouding glashelder is, en dat, hoewel er schulden zijn, er geen euro zwart geld in de afdeling is.De dure leasingwagen van Faust, en de pensioenvergoeding van 200.000 euro die hij in het zwart betaald zou hebben aan een oud-secretaris, zijn volgens Faust en zijn advocaat gewone leningen die grotendeels werden terugbetaald. De leningen bestaan bij de vakbond al 50 jaar. De intresten zijn dezelfde als bij de bank, maar de vakbond is wat soepeler met termijnen.Faust herhaalde nog dat het feit dat hij een onafhankelijke bewindvoerder de afdeling wilde laten doorlichten, het beste bewijs is van zijn onschuld.