Advertentie
Advertentie

BegrotingsdisciplineWouter Vervenne

Een studie van de bankverzekeraar KBC toont aan dat de begrotingsdiscipline in Belgie hapert. De verhoging van de uitgaven en de verlaging van de personenbelasting kregen de jongste jaren de voorrang op een verdere sanering van de overheidsfinancien. KBC berekende dat de regering in 2004 een sanering van 0,5 procent van het bruto binnenlands product (BBP) of bijna anderhalf miljard euro moet doorvoeren om begrotingsevenwicht te bereiken. Tegen 2010 is een ingreep van 1 procent van het BBP nodig om de kosten van de vergrijzing te kunnen betalen. Er is geen ruimte voor nieuwe initiatieven. De waarschuwing van KBC bevestigt dat de opmaak van de begroting voor volgend jaar een moeilijke klus wordt. De regering beloofde een begroting in evenwicht en kan daar dus niet op terugkomen. Belgie kan het zich niet veroorloven een begrotingstekort te aanvaarden omdat wij een veel hogere overheidsschuld hebben dan onze buurlanden. De overheidsschuld is nog altijd even groot als het BBP. Terwijl de doelstelling voor 2004 aanvaardbaar is, zijn er echter aanwijzingen dat de overheid op een nogal onorthodoxe manier een sluitende begroting nastreeft. De regering suggereert dat ze de opbrengst van de fiscale regularisatie of amnestie als een gewone ontvangst zal boeken. Aangezien de repatriering eenmalige inkomsten oplevert, zouden deze niet mogen meegeteld worden bij de berekening van het begrotingssaldo. Ook de begrotingsambities op middellange termijn zijn verontrustend. De regering verlaagde enkele keren haar doelstellingen en legt de lat nu lager dan wat de Hoge Raad van Financien voorstelt. Dit doet twijfel ontstaan over de houdbaarheid van de Belgische overheidsfinancien. De minister van Werk en Pensioenen, Frank Vandenbroucke (sp.a), gaf onlangs toe dat er bij een voortzetting van het beleid maar net voldoende middelen zijn om de kosten van de vergrijzing te betalen. We kunnen ons dus geen enkele tegenvaller veroorloven. Overigens zou Belgie beter een wat strakker begrotingsbeleid voeren om ruimte te creeren voor bijkomende maar broodnodige lastenverlagingen. De geplande lastenverlagingen volstaan niet om de loonkostenhandicap tegenover onze belangrijkste handelspartners weg te werken. Lagere loonkosten zijn onontbeerlijk om de komende vier jaar 200.000 banen te creeren. Ten slotte is meer aandacht nodig voor kwalitatieve aspecten, zoals de samenstelling van de begroting. De belofte van de regering om meer geld te besteden aan onderzoek en ontwikkeling is een stap in de goede richting, maar de overheidsinvesteringen blijven veel te laag. Ook een verschuiving van de belastingdruk van arbeid naar luchtvervuiling en/of mobiliteit kan de actieve welvaartsstaat helpen verwezenlijken.