Advertentie
Advertentie

België geniet voorkeur logistiekers

Ons land bekleedt een eerste plaats in de ranglijst van de Europese logistieke markten die vastgoedspecialist Healey & Baker (H&B) jaarlijks samenstelt. Uit de studie blijkt dat België en ook Nederland nog steeds de voorkeur van de logistieke bedrijven wegdragen omwille van hun centrale positie in Europa en hun goede toegankelijkheid. Wel stelt H&B in deze landen een verschuiving vast van de traditionele locaties waar een saturatie van de markt tot hogere kosten leidt, naar verder afgelegen gebieden waar nog volop grond in voorraad is. Daarnaast merkt H&B op dat een toenemend aantal producenten de lageloonkostenlanden in het zuiden en oosten van Europa voor hun productie- en assemblageactiviteiten opzoeken. Dat zal zijn sporen laten in de toekomst. Voorts blijkt dat de noordelijke havens aan de Middellandse Zee, zoals Barcelona, Marseille en Genua zich tot belangrijke logistieke centra ontwikkelen. Zij moeten het vooral hebben van het toenemende verkeer van en naar Zuidoost-Azië. Opmerkelijk is voorts dat sommige distributieplatforms in landen als Tsjechië vergelijkbaar zijn met deze op locaties in West-Europa. H&B stelt ook vast dat de distributie-activiteit steeds meer evolueert van een nationale tot een pan-Europese aangelegenheid. De klemtoon blijft liggen op de goed uitgeruste uitvalbasissen (hubs) in West-Europa. Daar zal op korte termijn weinig verandering in komen omdat zich in deze regio de grootste consumentenmarkten bevinden. Op de Europese semi-industriële markt voeren eigenaars-gebruikers nog steeds de boventoon, maar hun positie ten opzichte van de huurders is gestaag aan het wijzigen. Volgens H&B Research houden beide groepen elkaar bijna in evenwicht. Maar de verschillen tussen de diverse landen kunnen groot zijn. De toenemende activiteit van ontwikkelaars en investeerders leidt tot een meer liquide markt en biedt bedrijven, inzonderheid logistiekers, meer mogelijkheden om gebouwen te huren. BeschikbaarheidsgraadZoals in België ligt ook elders in Europa de beschikbaarheidsgraad op toplocaties behoorlijk laag. Terwijl de ontwikkelingsactiviteit vorig jaar oppikte, blijft de bestaande voorraad gedomineerd door hetzij eerder verouderde producten hetzij door gebouwen op tweederangslocaties. Bovendien zijn de beschikbare gebouwen doorgaans eerder klein van omvang. De vraag naar een gebouw, groter dan 10.000 m2, kan nauwelijks worden beantwoord. Nochtans is de vraag naar dergelijke gebouwen groot. Distributeurs gaan steeds meer over tot een centralisering van hun activiteiten. Ook de rationalisering in sommige sectoren leidt tot grotere entiteiten die grotere oppervlaktes nodig hebben. H&B stelt vast dat in de diverse markten algemeen een vraag naar hogere kwaliteit aanwezig is met grotere oppervlaktes, hogere stapelruimte, meer laadkades en standaard sprinklersystemen. De goede toegankelijkheid wordt een steeds belangrijker item. Dat leidt tot nieuwe locaties, verwijderd van de traditionele markten. Bovendien wint aansluiting op het spoorwegnet in sommige landen als het VK, Frankrijk en Nederland, aan belang. In het afgelopen jaar zijn de prijzen op de markt van het Europees semi-industrieel vastgoed met 2 procent gedaald. Dat heeft hoofdzakelijk te maken met de toestand in Centraal- en Oost-Europa waar de prijzen tot een realistisch niveau terugvielen. Daartegenover stonden prijsstijgingen op sommige West-Europese markten zoals België en Nederland. Daar werd een groei boven 10 procent opgetekend. Heathrow was de duurste markt met huurprijzen van meer dan 230 euro per vierkante meter.H&B verwacht dat de euro de integratie in de EU en de pan-Europese bewegingen verder zal versterken. Dat kan enkel de vraag naar grotere oppervlaktes aanwakkeren. Tevens meent H&B dat de trend tot uitbesteding voort zal toeneemt. Verwacht wordt dat producenten in moeilijke economische omstandigheden zich voort op hun kernactiviteiten zullen concentreren. Ook de tendens tot inhuurneming zal doorzetten omdat flexibiliteit een sleutelwoord is geworden. WB