Bij een inbreng van aandelen of een quasi-inbreng van aandelen moet e

en belastingplichtige zich vaak beroepen op waarderingsmodellen om de waarde of prijs van de transactie te bepalen.De fiscus poogt dan via andere methodes een lagere prijs te berekenen om een overprijs te kunnen belasten.Volgens de rechtbank in Luik moet de fiscus niet bewijzen dat methodes bestaan die tot een lagere prijs leiden.De fiscus moet wel bewijzen dat er geen enkele redelijke waarderingsmethode bestaat die gelijk is aan of hoger is dan de gehanteerde prijs voor de doorgevoerde transactie.