BP: barstje in vertrouwen

Het Britse BP maakte vorige week bekend dat het de zijn productiedoelstelling voor het derde kwartaal van 2002 niet haalt. Op middellange termijn houdt de groep wel vast aan de productiegroeidoelstelling van jaarlijks 5,5 procent. De initiële schade op de beurskoers van 3 procent werd in de daaropvolgende dagen volledig weggevaagd.De herziening van de productie voor het derde kwartaal heeft tot gevolg dat de groei van BP dit jaar zal stranden op 4,5 à 5 procent tegenover de vooropgestelde 5,5 procent. Op het resultaat voor het lopende boekjaar heeft dit een negatieve invloed van minder dan 1 procent op de nettowinst. Toch laat het nieuws de analisten achter met een bittere nasmaak. Vertrouwen is de sleutel in heel het verhaal.BP, in de persoon van voorzitter Lord Brown, heeft de voorbije jaren de reputatie opgebouwd steeds de vooropgestelde groeidoelstellingen te realiseren. BP werd daardoor een van de lievelingen van de olieanalisten. Dit is een van de redenen waarom het aandeel aan een premie van 20 procent noteert tegenover Koninklijke Olie en 25 à 30 procent tegenover de rest van de Europese oliesector.Volgens Lord Brown is het terugschroeven van de verwachtingen voor dit jaar het gevolg van een probleem op zeer korte termijn te wijten aan operationele en marktspecifieke moeilijkheden. Technische moeilijkheden met uitrusting in de Noordzee en in Alaska liggen aan de basis. Analisten merken dan ook op dat de neerwaartse herziening verschillend is van de traditionele waarschuwingen zoals de uitstelling van de productie van nieuwe velden of de daling van de opbrengsten van bestaande olievelden. Deze laatste waarschuwingen brengen doorgaans de verwachte productie op langere termijn naar beneden.De gevolgen van het naar beneden halen van de langetermijngroeivooruitzichten van de productie kunnen lang nazinderen. Dit ondervond de Koninklijke Olie/Shell-groep aan den lijve toen het in augustus van 2001 problemen meldde voor de productiegroei. Enkele maanden later schroefde de groep de langetermijndoelstelling voor de groei voor de periode 2002-2005 effectief terug van 5 naar 3 procent. In 14 van de 18 maanden die daarop volgden, legde de groep een lagere maandreturn voor dan de rest van de Europese oliesector. Voorzitter Philip Watts werkt nog altijd aan het herstel van het vertrouwen bij analisten en beleggers.Zover zijn we bij BP nog lang niet. De groei met 5,5 procent van de jaarlijkse productie tussen 2002 en 2005 beschouwden de analisten echter steeds als zeer ambitieus. Het terugschroeven van de verwachte groei voor dit jaar maakt de doelstellingen er enkel nog meer uitdagend op.De les die Koninklijke Olie/Shell heeft geleerd, is zich niet te snel te laten verleiden tot het openbaar maken van al te ambitieuze doelstellingen. Met de huidige groeiambities van nauwelijks 3 procent is het daar in geslaagd. Dat is laag in vergelijking met grote concurrent BP en stelt nagenoeg niets voor als we het vergelijken met de groeidoelstelling van 6 procent tussen 2002 en 2007 van TotalFinaElf. Tegenover deze lagere groei staat wel dat de kans op negatieve verrassingen bij de Brits-Nederlandse tandem lager ligt dan bij BP of TotalFinaElf. KDL