Buiten wacht een prins

Het wordt een druk theaterseizoen voor illustratrice en schrijfster van kinder- en jeugdboeken Gerda Dendooven. In november gaat bij Annas Steen een voorstelling in premiere op basis van de verhaaltjes uit Samen in bed en in januari gaat Nathalie Roymans bij Het Gevolg aan de slag met Zo mooi, zo blond en zo behaard, een tekst voor en over jongeren in hun puberteit. Maar eerst is er nog Er was eens en toen niet meer, een productie van HetPaleis voor iedereen vanaf negen jaar met op de scène Bert André, Gusta Geleijnse en Antoine vander Auwera in een regie van Judith de Rijke. Samen vertellen ze het verhaal van een alleenstaande moeder, een rol voor Bert André, met tien kinderen die om niet met haar verleden geconfronteerd te worden, weigert een stap uit hun vervallen huis te zetten. De jongste dochter heeft lucht gekregen van het leven buiten en droomt hardop van een echte prins die haar in vervoering kan brengen en kinderen bij haar wil verwekken. De moeder is echter te bang om haar dochter toe te laten dit verlangen achterna te gaan. Inspiratie heeft Dendooven gevonden hebben in onder meer een boek over vergankelijkheid van Midas Dekkers, uitlatingen van Christiaan Kieckens over de bruikbaarheid van architectuur, fotos van ruïnes en het spel van kinderen van bouwstenen. Ook de architectuur is Er was eens en het bleef komen binnengesijpeld via de samenwerking met Koen van Synghel, zelf ontwerper van huizen en gebouwen, die voor de gelegenheid de scenografie voor zijn rekening nam. Aan regisseuse Judith de Rijke, die bij HetPaleis eerder Vissekind, een hoekig polderdrama maakte, bleef de uitdaging om het als een leeg blad papier geconcipieerde spelvlak verder betekenis te geven. Er was eens en het bleef komen wordt van 21 september (première) tot 13 oktober gespeeld in HETPALEIS, Antwerpen (info en reservering: 03/202.83.60).Oranje bovenMijn benen zijn al lang maar de wereld staat op stelten was de mooie titel van de productie die Filip Bilsen, Frauke Depreitere en Greet Bilsen vorig seizoen maakten voor het Leuvense jongerentheater fABULEUS. Met Alles in Toranje heeft het jeugdige trio een nieuw werkstuk klaar, ditmaal gebrouwen met kinderkijkers in het achterhoofd. Greet Bilsen schreef de tekst met knipoogjes naar Pipi Langkous en The Wizard of Oz. In een drieledig stuk krijgen we het verhaal te horen van de drieling Astrid, Albrecht en Agatha, die door hun moeder stevig onder de knoet wordt gehouden. De kleur rood staat daarbij, net als in een verkeerslicht, voor het verbod om al die dingen te doen die misschien wat stout of onhygiënisch zijn, maar daardoor niet minder plezierig. Op een dag besluiten de drie van huis weg te lopen om ieder op zich de wereld in al zijn rijkdom te exploreren. Al snel blijkt dat de bandeloze vrijheid die in dit groene deel heerst, helemaal geen garantie biedt voor een gelukkiger bestaan. Dan maar oranje, dat wat tussen rood en groen in zweeft, een tussengebied waarin geen duidelijke regels bestaan, maar waar mensen wel om elkaar geven en grenzen fijn zijn, omdat de uitdaging blijft ze ooit te kunnen verleggen. Alles in Toranje wordt van 21 tot 29 september gespeeld in Molens van Orshoven, Leuven (info en reservering: 016/22.78.55).BloetwollefduivelNu in Gent met Titusandonderonikustmijnklote het slotstuk van de operatrilogie van componist Walter Hus op werk van Jan Decorte in première is gegaan, reist deze week ook het tweede deel, Bloetwollefduivel, weer naar Brussel. In tegenstelling tot de twee andere delen, die door Jan Ritsema werden geregisseerd, was de supervisie over deze vergaande bewerking van Shakespeares Macbeth in handen van Ro-Theateropperhoofd Guy Cassiers. Twee sopranen, Magali Schoentjes en Johanne Saunier, en bariton Michael Lukonin dompelen zich in dit bad van gruwel en kwel op de tonen van een computergestuurd Decap-orgel.Bloetwollefduivel wordt op 24 en 25 september gespeeld in het Kaaitheater, Brussel (info en reservering: 02/201.59.59). Daarna reist de opera nog naar Kortrijk, Gent en Nederland.Driemaal NadjIn het Brugse Concertgebouw etaleert deze week de in de Franse hoofdstad wonende Hongaarse theatermaker-beeldend kunstenaar Josef Nadj zijn veelkleurige talent met drie uiteenlopende projecten. Op de grens tussen dans en woordloos theater bouwt hij aan een heel eigen theatertaal, met een al even eigenzinnige logica en realiteitsbeleving, waarvoor hij in het verleden vaak ging grazen in het werk van onder anderen Kafka, Beckett en Borges. In de theaterzaal van De Biekorf kan u op 20 en 21 september terecht voor een choreografische vertaling van Georg Büchners Woyzeck, de erwtenvretende soldaat die in wanhoop zijn eigen lief ombrengt. In Les Philosophes, dat deze zomer nog te gast was tijdens het prestigieuze Festival dAvignon, grijpt Joseph Nadj terug op geschriften van de Pools-joodse schrijver-kunstenaar Bruno Schulz. Ten slotte wordt ook een selectie van zijn bekende pentekeningen en beeldende installaties opgesteld van 19 september tot 21 oktober 2002 in de Bogardenkapel en De Bond.Woyzeck wordt op 20 en 21 september gespeeld in De Biekorf, Brugge; Les Philosophes van 24 tot 28 september in het Concertgebouw. Beeldend werk van Nadj is te bezichtigen tussen 19 september en 21 oktober in de Bogardenkapel en De Bond (info en reservering: 070/22.33.02).Samenstelling: Jef AERTS