Advertentie
Advertentie

Cannes 2000 op zoek naar de auteursfilm

Zeker 850 miljoen Franse frank, zegt de chauffeur die me van de luchthaven in Nice naar het centrum van Cannes brengt. Ongeveer 5 miljard in jullie Belgische franken. Zoveel brengt het filmfestival van Cannes op aan de plaatselijke bevolking en middenstand. Geen wonder dat de mensen er de hysterische drukte graag bijnemen. De meeste inwoners trekken trouwens weg tijdens het festival, vertelt de chauffeur verder. Ze gaan bij familie of vrienden logeren en verhuren intussen voor grof geld hun eigen woonst aan festivalgangers. Zelf is hij geen geboren en getogen Cannois. Een half jaar geleden was hij nog commercieel directeur van een grote Franse brouwerij, maar hij besloot een sabbatjaar in te lassen, pakte zijn boeltje, verliet zijn thuisstad Lille en trok naar Cannes om er op een boot te gaan wonen en van de zon te genieten. Van die zon is dezer dagen niet veel te merken. Het festival van Cannes is traditioneel een heel zomers evenement, maar deze keer laten de weergoden het afweten, alsof ze voor Gilles Jacob en de organisatoren van de andere selecties een extra inspanning willen leveren om de mensen weg van de terrasjes te houden en in de zalen te dwingen. Eenmaal die zalen binnen, ben je dit jaar trouwens voor een tijdje zoet. De gemiddelde speelduur van de 23 films in competitie is 12 minuten langer dan de vorige keer, een prestatie waar vooral de vele Aziatische deelnemers verantwoordelijk voor zijn. Het bewijs ter overweging: Guizi Lai Le (Devils on the Door Step) van de Chinese regisseur Jiang Wen, het verhaal van een boerendorp dat tijdens de oorlog tegen Japan opeens moet afrekenen met twee krijgsgevangenen, heeft een speelduur van 2 uur 44. Yi Yi (A One and a Two) van de Chinese regisseur Edward Yang, het verhaal van een familie uit de middenklasse die een crisis doormaakt: speelduur 2 uur 53. Eureka, van de Japanse cineast Aoyama Shinji, het verhaal van een buschauffeur die getraumatiseerd is na een uit de hand gelopen gijzeling. Speelduur 3 uur 37. Voeg daar nog de inspanningen van een paar Europese filmmakers bij (Liv Ullmans Trolosa, Lars von Triers Dancer in the Dark, James Ivorys The Golden Bowl, Arnaud Desplechins Esther kahn, en Olivier Assayas Les destinées sentimentales, allemaal minstens 2 1/2 uur) en je krijgt een programma dat het geduld van de verzamelde pers danig op de proef zal stellen.Dat van jurylid Jeremy Irons trouwens ook, die tijdens de persconferentie verklaarde dat hij als acteur en als kijker heel snel zijn geduld verliest. Of het iets met de competitie te maken heeft, is onduidelijk, maar die persconferentie was een bepaald makke bedoening. Of juryvoorzitter Luc Besson nerveus is na de kritiek die David Cronenberg vorig jaar over zich heen kreeg? Nee, zei Besson, Ik ben het gewoon kritiek te krijgen. Enkel Irons deed zijn best om iets zinnigs te zeggen. Dat het onzinnig en kortzichtig is om veel conclusies te trekken uit het feit dat de competitie dit jaar zo weinig Britse en Amerikaanse producties telt en zoveel Aziatische. En dat het niks uitmaakt dat steeds meer producties gefinancierd worden door een kluwen van verschillende nationaliteiten, want tenslotte weerspiegelt een film enkel de geest van de regisseur en de scenarist, niet van waar het geld vandaan komt. Maar de opmerkelijkste uitspraak kwam van zijn collega-jurylid, de Indische schrijfster Arundhati Roy, door de moderator voorgesteld als een activiste. Zij wou dat al die cameras en perslui evenveel aandacht zouden kunnen opbrengen voor de ellende die ze de voorbije maanden en jaren in haar land gezien heeft. Wijze woorden, die echter al snel doorgespoeld en vergeten werden. In haar communiqué vooraf had de organisatie verklaard dat ze met haar selectie had geprobeerd vast te houden aan haar visie: auteurfilms die een groter publiek kunnen aanspreken en spektakel, plezier en emotie weten te verzoenen. Vatel, de openingsfilm, liet het al afweten na de eerste van die drie ingrediënten, al leek de film om heel andere redenen gekozen te zijn dan zijn cinematografische kwaliteiten. Naar aanleiding van Vatel werd het Palais omgetoverd in een landgoed waar Louis XIV graag met zijn hele hofhouding naartoe was getrokken. Zonder smoking kwam je de feestelijke receptie niet in. En ook hier speelden de weergoden het spelletje mee. In de film wordt het grote feest dat François Vatel (gestalte gegeven door Gérard Depardieu) geeft, bedreigd door een grote storm; woensdagavond kregen de gasten ook een stortvloed over hun dure kleren heen. Heel symbolisch trouwens dat Cannes geopend werd door een film over succesvolle mensen die zich de geneugten des levens laten welgevallen en omringd worden door een gezelschap dat de hele dag niks anders doet dan die beroemdheden de kont kussen en elkaar een loer draaien. De goeie bedoelingen en ambities van de organisatoren werden dan weer wel bevestigd door twee andere films. Things You Can Tell Just By Looking At Her, de openingsfilm van Un Certain Regard, is een tapijt van vijf verhalen, die allemaal gaan over vrouwen en liefde. De eerste film van regisseur Rodrigo Garcia (zoon van Nobelprijswinnaar Gabriel Garcia Marquez) mag dan heel ongelijk zijn, hij straalt wel een aanstekelijke warmte uit. Hetzelfde geldt voor de nieuwe Ken Loach, Bread and Roses, een bijzonder militant verhaal over een illegale Mexicaanse jonge vrouw die in Los Angeles mee gaat strijden voor de rechten van de schoonmakers. Loach en zijn vaste scenarist Paul Laverty doen soms een beetje teveel hun best het publiek te overtuigen, maar hun strijdlust maakt veel goed. Eén van de grote troeven van Cannes (en één van de voornaamste redenen waarom dit festival nog steeds een streepje voor heeft op grote concurrenten Venetië en Berlijn) is de Marché die samen met het festival loopt. Op die filmmarkt worden niet alleen honderden films verhandeld, je kan ze er ook gaan bekijken. In het gloednieuwe gebouw dat de Marché sinds dit jaar ter beschikking heeft, draaien elke dag 50 titels en met een beetje vindingrijkheid en lef (en een stapel naamkaartjes) kan je er ook als gewone sterveling naartoe. Het merendeel van het product zal de Belgische videorekken ternauwernood halen (iemand zin in Disaster, Tank of Spiders II?), maar wie goed uit de doppen kijkt, stoot soms op verrassende dingen. Zoals Picking Up the Pieces, met Woody Allen in de rol van een Texaanse sheriff, Anasazi Moon met Gary Oldman, How to Kill Your Neighbours Dog met Kenneth Branagh en Robin Wright Penn of zelfs de nieuwe Terence Davies House of Mirth.Met al die titels, zalen en overlappende screeningtijdstippen is Cannes een vrijwel onoverzichtelijk mierennest, maar dat is net ook de grote charme van dit festival. s Morgens stel je je menu samen op basis van wat de trade papers (Variety, Moving Pictures, Screen) serveren en vervolgens kan je je de hele dag volvreten aan alles wat met cinema te maken heeft. En als iets je niet bevalt, schuif je snel ergens anders aan om de slechte smaak door te spoelen. Weer of geen weer. RN