Comités 'P' en 'I' moeten samen door het leven gaan

BRUSSEL (tijd) - De comités 'P' en 'I' smelten samen tot één, afgeslankt orgaan, met een minimum aan vaste leden. De functionele scheiding tussen de controle op de politiediensten, enerzijds, en op de inlichtingendiensten, anderzijds, blijft. En het parlement krijgt een grotere greep op het reilen en zeilen van het nieuwe toezichtscomité. Tenminste, dat zijn de aanbevelingen die de begeleidingscommissies van Kamer en Senaat aan het parlement doen. De tekst kon alleen gestemd worden dankzij een wisselmeerderheid van CVP, VLD en PRL.Noch het comité 'P' (Vast Comité van Toezicht op de Politiediensten), noch het comité 'I' (Vast Comité van Toezicht op de Inlichtingendiensten) geven er blijk van een goedgesmeerde machinerie te zijn. De twee comités werden half 1991 opgericht, na het onderzoek van de Bendecommissie. Ze moeten de werking van respectievelijk politie- en inlichtingendiensten opvolgen, en indien nodig bijsturen. Daarvoor beschikken ze elk over een eigen enquêtedienst.