Creativiteit en innovatieStefaan Huysentruyt

Verhofstadt I zag de sociale partners amper staan. Vakbonden en werkgevers werden in 1999 op eigen verzoek en pas na lang aandringen door de premier ontvangen. Verhofstadt II kondigt in zijn regeringsverklaring al meteen een werkgelegenheidsconferentie met de sociale partners aan, voorzien van alle toeters en bellen. De oorzaak voor deze ommezwaai is niet ver te zoeken. Het zijn, zowel politiek als economisch, andere tijden. Onder Verhofstadt I werden de politieke lakens uitgedeeld door de liberalen, die zich traditioneel het minst gelegen laten aan de mening van het zogenaamde middenveld. Onder Verhofstadt II zijn liberalen en socialisten aan mekaar gewaagd. De socialisten houden traditioneel wel nauwe contacten met dat middenveld. Economisch ging het ons in 1999 voor de wind. Als er cadeautjes uit te delen vallen, doet een regering dat liefst zelf. Anno 2003 groeien de bomen niet meer tot in de hemel en moeten er onpopulaire maatregelen genomen worden. Het is handig als de sociale partners die maatregelen aan hun achterban helpen verkopen. De vraag is uiteraard of, zoals premier Verhofstadt het in zijn openingstoespraak voor de conferentie verwoordde, alle deelnemers aan de conferentie bereid zijn het gesprek 'zonder taboes' te voeren. De voorbije dagen was van die bereidheid nog niet veel te merken. In de aanloop naar de conferentie haastte iedereen zich om nog eens zijn dada's kenbaar te maken. Als de deelnemers er niet in slagen afstand te nemen van hun eigen grote gelijk, wordt de conferentie niet meer dan een praatbarak die niet of nauwelijks tot conclusies zal komen. De conferentie is trouwens vooral toegespitst op de korte termijn. Voor alles moet ze een akkoord trachten te bereiken over een aantal maatregelen die in het regeerakkoord worden aangekondigd en waarbij een nieuwe lastenverlaging van 800 miljoen euro op jaarbasis als wortel fungeert. Meer fundamentele maatregelen die de arbeidsmarkt structureel aanpassen, dreigen hiermee op de lange baan geschoven te worden. Overigens is het voeren van een arbeidsmarktbeleid maar een deel van het tewerkstellingsverhaal. Geen tewerkstelling zonder werk. Bijgevolg moet ook het ondernemingsklimaat verbeterd worden, moeten de overheidsinvesteringen omhoog, dient er meer geld gestopt te worden in onderzoek en ontwikkeling... Onze economie moet minder afhankelijk worden van prijsconcurrentie en meer van kwaliteitsconcurrentie. Het idee van de Vlaamse minister-president, Bart Somers, om na afloop van de federale tewerkstellingsconferentie een Vlaamse ondernemerschapsconferentie te houden, verdient dan ook alle steun. Want, zoals Richard Florida, de economische goeroe van het Martelarenplein, pleegt te zeggen: de welvaart van een regio wordt bepaald door zijn vermogen tot creativiteit en innovatie.