Advertentie
Advertentie

Cultureel kapitaal

Chapeau voor Guy Verhofstadt. Hij blijft er in geloven, in een redelijk en welvarend Vlaanderen, in een behoorlijk bestuurd België en in een groots en eensgezind Europa. Hij gelooft er graag in en met stijl. Dat mocht al blijken vanaf zijn eerste politieke verklaringen na zijn aanstelling als premier. Op de achtergrond prijkte constant het dot be-logo (.be), met als duidelijke boodschap: België scheept in om deel te nemen aan de digitale vaart der volkeren. Eindelijk een premier die inziet dat internet automatisch een sterk democratische internationalisering inhoudt, in plaats van louter de regionale welvaart te verbinden aan het succes van enkele charlatans met hun verleidelijke lingospelletjes (L&H). Zelfs een goedlachs chapeau laat zich immers niet eenduidig vertalen. Wat onder deze uitdrukking te verstaan? Petje af voor onze eerste minister? Of dacht u eerder aan het moment van de waarheid, zoals dat traditioneel bij een pokerspel wordt afgedwongen?Nu prijkt de dot-be opnieuw in het midden van een logo, ons uithangbord tijdens het Belgische voorzitterschap van de Europese Unie. Drie zwierige lijnen in onze nationale kleuren zweven als satellietbanen rond de Europese sterrencirkel. En de hemel die is helderblauw. Geen wolkje aan de lucht? Dat valt nog af te wachten natuurlijk. Ook de schilder Magritte, naar wie subtiel verwezen wordt doordat de lijnen een bolhoed suggereren, durfde zelfs in de zonnigste luchtpartijen tal van cumuluswolken binnensmokkelen. Of wijst het bolhoedmotief eerder in de richting van de dwaze detectives Janssen & Janssens uit de albums van Kuifje? Ook die horen inderdaad tot onze vermaarde exportproducten. Het verschil in interpretatie is evenwel veelbetekenend. Magritte begon zijn carrière als een bescheiden reclameontwerper, om vervolgens als kunstenaar nog veel sterker het voorbeeld te geven dat gedurfde gedachten het best te combineren vallen met een burgerlijke levensstijl. Het duo Janssen & Janssens is veel minder begaafd, en zeker niet begiftigd met een allesoverstijgend zelfbewustzijn. Integendeel, de twee botsen voortdurend tegen elkaar op. Dat constante trekken en sleuren, een onenigheid die de allures aanneemt van een folkloristisch spel: ook dat is symptomatisch voor ons landje.Het communautaire gekibbel nam de afgelopen dagen weer hilarische proporties aan, tenminste voor de neutrale buitenstaander. Dat er aan het exemplarische gekissebis ook enorme consequenties verbonden zijn, kan de pret niet bederven. Aan Verhofstadt om de Europese partners uit te leggen dat België desondanks de ideale modelstaat is om de Unie verder te realiseren. Hij heeft overigens geen reden tot klagen, want als de regeringspartners onder zijn nieuwe bewind één ding hebben geleerd, dan is het wel het belang van een sterk imago, een fris logo, een pakkende oneliner en een culturele knipoog af en toe. Uit de recentste parlementaire vraagronde naar aanleiding van het Lambermont-akkoord blijkt alvast dat de oppositie haar copyrightpennen duchtig aan het slijpen is. Herman van Rompuy probeerde te scoren met statements als Wie Europa wil hervormen, moet eerst België kunnen hervormen en Er zijn nu evenveel Brusselse parlementsleden als gemeenteraadsleden in Antwerpen. Waarmee de surrealiserende Van Rompuy dus allerlei maten en gewichten door elkaar jongleert. Nog meer uitgesproken artistiek klonk de interventie van Annemans: Verhofstadt is de Panamarenko van de Belgische politiek. Om maar te zeggen dat deze Lambermont-vlieger, volgens Annemans, niet opgaat. Blijkbaar hebben de oppositiepartijen ook wakkere mediawatchers, die hebben vastgesteld dat cultuur dient om te kapitaliseren. Een beetje kunst in de mix en je product verkoopt veel beter. Als het maar herkenbaar blijft en op een veilige manier gedurfd. Creatief, quoi. En misschien blijkt België inderdaad wel de meest geschikte voorzitter van Europese werkzaamheden, zo getraind als onze ministers zijn om met dubbelzinnige spitsvondigheden allerhande dilemmas aan te pakken. Maar als puntje bij paaltje komt (of dotje bij be) dan is er maar één taal die de oren doet spitsen: de lieve centen. Verhofstadt maakte er deze week al meteen een erezaak van het voorbeeld te geven met de invoering van de eurocampagne, een delicate opdracht. Op 9 mei gaat in de Vlaamse steden en gemeenten de Wakosta-campagne van start, om een hoogtepunt te bereiken in de zomermaanden. Blijkens de eerste vrijgegeven beelden, schildert deze campagne de modale Vlaamse consument af als een clownesk uitgedoste, postmoderne volksmens. De taal die erbij gehanteerd wordt, is ook een bijzonder folkloristische vorm van neologisme. Wakosta? En voor de Brusselse Vlamingen misschien Wacosta? Geen eurotoerist die straks deze slogan kan ontcijferen. Edoch, de campagnemakers beseffen het maar al te goed. Een Vlaming is en blijft wie hij is: iemand die zich bijzonder snel gebelgd voelt. En voor zo iemand kan de bolhoed in het Europalogo maar één ding symboliseren: dat er er straks duchtig naar boven zal worden afgerond. Herman ASSELBERGHSEdwin CARELS