De Afrikaanse droom

Vaak wordt vergeten dat het revolutionaire boegbeeld Che Guevara ook in onze Kongo bedrijvig is geweest. Dat was in de cruciale jaren 1965-66, toen Moboetoe met de hulp van de Amerikanen de staatsgreep pleegde die hem voor de rest van zijn leven aan de macht zou brengen. De verantwoording van Guevara en de honderd fidelistas die hem vergezelden, was het Amerikaanse imperialisme overal ter wereld bestrijden, niet enkel in Latijns-Amerika.De missie van de Cubanen was uiterst geheim en richtte zich vooral op het ertsenrijke Katanga. De opdracht bestond erin militaire, logistieke en strategische steun te verlenen aan de verzetsbeweging van de toen nog jonge Laurent Kabila. In zijn dagboek - dat hij ook daar consciëntieus bijhield - zegt Che onomwonden: Dit is de geschiedenis van een mislukking. Het klikte nooit echt tussen de Cubanen en de Kongolezen. De autochtone troepen waren ongedisciplineerd, bang en bijgelovig, en terroriseerden tot afschuw van hun leermeesters de boerenbevolking.Che schuwt ook de zelfkritiek niet. Hij heeft foute inschattingen gemaakt en niet zelden fout gehandeld. Zelfs zijn eigen mannen herkenden hem soms niet. Guevara: Ik heb in de Kongo geleerd. Sommige fouten zal ik niet meer maken, andere misschien wel en misschien ook een aantal nieuwe. Ik ben er met meer geloof dan ooit in de guerillastrijd uitgekomen, maar het feit van ons echec blijft. Mijn verantwoordelijkheid daarvoor is groot; ik zal deze nederlaag niet vergeten, noch de belangrijkste daaruit te trekken lessen.Zijn oordeel over de Kongolese revolutionaire elite is genadeloos, alleen Kabila krijgt een tikje respijt. De enige man met leiderscapaciteiten lijkt mij Kabila. (...) Hij moet ook beschikken over een serieuze instelling jegens de revolutie, een ideologie waardoor zijn handelen wordt geleid en een bereidheid tot opofferingen die uit zijn daden spreekt. Tot dusver heeft Kabila niet bewezen ook maar over iets daarvan te beschikken. Hij is nog jong en kan misschien nog veranderen, maar ik durf het aan om hier op papier neer te schrijven dat ik ernstig betwijfel of hij in staat is zijn tekortkomingen te overwinnen in de omgeving waarin hij opereert. Quod non.Het heeft dertig jaar geduurd, na de dood van Che in 1967, voor Fidel Castro deze dagboeken vrij wilde geven. Het valt niet na te trekken of en in hoever ze gezuiverd zijn. Ernesto Che Guevara - De Afrikaanse droom / De revolutionaire dagboeken uit de Kongo 1965-1966 - 2001, Amsterdam/Leuven, Van Gennep/Van Halewyck, 320 blz., 21,00 euro, ISBN 90-5617-324-3.Dat hebben we gehadOver de Grote Oorlog, de Eerste dus, is veel geschreven, meestal poëzie of pamfletten. Biografieën zijn eerder schaars. Er is natuurlijk Henri Barbusse, die nog steeds herdrukt wordt. Van Britse zijde hebben we Robert Graves, die lang gewacht heeft (1957) om zijn belevenissen in de loopgraven van de IJzer en Noord-Frankrijk op papier te zetten. Dat komt waarschijnlijk door zijn vrij cynische instelling, die kort na de oorlog nog harder zou zijn aangekomen dan ze nu toch al deed. Graves beschrijft vooral de gekte van het bloedvergieten. Wat dat betreft kun je hem enigszins vergelijken met de Amerikaan Joseph Heller, over de Tweede Oorlog dan. Graves hééft ook wat meegemaakt. Hij raakte gewond, bleef voor dood liggen. De legerleiding stuurde een telegram naar zijn ouders, waarin het sneuvelgedrag met Britse koelheid werd meegedeeld. Echter, Robert herstelde van zijn verwondingen en kon in The Times het bericht van zijn overlijden lezen. Het heeft er zijn cynisme niet op verzacht.Het laatste deel van het boek beschrijft de naoorlogse periode tot 1929. Dat is een genadeloze kritiek geworden op de politieke en literaire wereld in dat onoverwinnelijke Albion. Geen wonder dat de schrijver al heel snel uitweek naar Mallorca en zich daar gedeisd hield. Pas in de jaren zestig keerde hij terug om in Oxford poëzie te doceren.De Engelse titel van het boek, Goodbye to all that, is een staande uitdrukking geworden. Veel gebruikt in cafégesprekken.Robert Graves - Dat hebben we gehad (1ste Nederlandse herdruk) - 2001, Amsterdam/Antwerpen,De Arbeiderspers, 409 blz., 22,95 euro, ISBN 90-295-2221-6.De dood in doordrukstripHet euthanasiedebat is lang niet afgerond, ook niet in Nederland waar ze op dat stuk al een eind verder staan. Daar gaat het nu onder meer over de vraag of ook niet-terminale patiënten een beroep kunnen doen op euthanasievoorzieningen. Zelfs als dat zo is, blijven ze afhankelijk van een dokter. Een goede of een slechte dokter, een moedige of een laffe, een sterke of een slappe.De Nederlandse schrijfster Karin Spaink is getroffen door multiple sclerose, een ziekte die een langzame aftakeling veroorzaakt met onvermijdelijk de dood als gevolg. Zij heeft zich dus bezonnen, nagedacht en geschreven over het onderwerp. Haar conclusie luidt, dat wie op een humane manier dood wil, zijn of haar lot best in eigen hand neemt. De medische stand en de juristen kun je vergeten. Je vrienden ook. Die willen er wel over praten - met de bedoeling je weer terug over de streep te halen - maar middelen verschaffen? Ho maar.Spaink heeft derhalve het internet afgeschuimd, op zoek naar postorderbedrijven die aan farmaceutische verkoop doen. Soms valt het mee, soms tegen. In elk geval heeft ze nu voldoende Depronal in huis om zichzelf een paar keer dood te maken. Maar aan het veel betere en mensvriendelijker Vesparax kon ze niet komen. Wat de schrijfster niet uitlegt is, wanneer ze van plan is dit middel in te nemen. En ze is gewaarschuwd. Ze vertelt over een MS-patiënte bij wie nu nog maar één arm werkt, zodat ze geen pillen meer uit de doordrukstrips kan duwen en zeker niet ze fijn stampen om in een papje te doen. Iemand anders zal haar moeten helpen - haar kans op het kiezen van haar eigen dood is verkeken. In elk geval blijkt uit dit nietsverhullende (?) boek, dat de dood in onze maatschappij volledig gemedicaliseerd is geraakt. Achteraan staan enkele nuttige adressen, waarvan één ook in Vlaanderen.Karin Spaink - De dood in doordrukstrip / Over dood, euthanasie en zelfmoord - 2001, Amsterdam, Nijgh & Van Ditmar,224 blz., 14,95 euro,ISBN 90-388-7064-7.