De Belg spaart meer, maar minder bij de bank om de hoek

(tijd) - De tijd dat de Belgische financiële sektor op een verpakkingsindustrie leek, is (bijna) voorbij. Heel wat kredietinstellingen leefden van de relatief eenvoudige omzetting van staatspapier in kasbons en spaarboekjes. De (brede) rentemarge maakte dat daar goed van kon geleefd worden, maar dat is de jongste tijd steeds minder het geval. Sinds 1988, en nog meer sinds het begin van dit jaar, is de uitstroom van kapitaal op kruissnelheid gekomen. Ook deze ontwikkeling maakt het voor de kredietinstellingen steeds moeilijker om alle diensten gratis te houden. De uitstroom van het kapitaal heeft al voor een - eerder beperkte - rente-oorlog gezorgd. Vooral spaarbanken deden akties waarbij 5,50 procent werd geboden op spaarboekjes en tot 4 procent op de zichtrekening. Ook deze renteverhogingen kunnen een voorbereiding betekenen op de tarifering, vooral omdat dan het principe van een doorzichtige kostenstruktuur wordt ingevoerd. Maar de rente-oorlog diende in de eerste plaats om het spaargeld Belgisch te houden, want de kapitaaluitvoer neemt steeds grotere proporties aan.