Advertentie
Advertentie

De kunst van de tapijtmeester

Het gezelschap De Tijd van Lucas Vandervorst heeft een mooie geschiedenis met theaterauteur Filip Vanluchene achter de rug. Hun bekendste samenwerking was Montagnes Russes in 1995, een juweeltje van een voorstelling die de auteur de driejaarlijkse Cultuurprijs voor Toneelletterkunde opleverde. Dit seizoen staan er bij De Tijd liefst twee stukken van deze auteur op het programma: Risquons-tout, dat momenteel door Vlaanderen reist, en Bal van de pompiers, een vertaling van een stuk van Max Frisch dat begin volgend jaar in première gaat.Risquons-tout speelt zich zoals de meeste van Vanluchenes stukken af in een West-Vlaamse context en bestaat uit een veertigtal stukjes waarin de vooruitgang van het dorp Risquons-tout wordt beschreven. Dat wordt gekristalliseerd in twee zaken: de aanleg van een autosnelweg en de uitbreiding van verschillende textielbedrijven door het aanzwengelen van de internationale handelscontacten.De tekst, voorzien van een grote hoeveelheid personages, wordt gespeeld door drie acteurs, die voortdurend rollen van elkaar overnemen. Enkel de rol van Victor, een eenvoudige textielknecht, wordt bijna altijd door dezelfde acteur gespeeld. Victor interesseert zich niet voor de verschillende aspecten van de vooruitgang. Hij wil liever muziek maken in een oude bunker op de Vlaams-Franse grens. Het is niet eenvoudig om aan dit feit, of aan andere gebeurtenissen in het verhaal, één consistente interpretatie te geven. De tekst raakt heel wat themas aan, maar slaagt er niet in om ze afzonderlijk uit te werken of samen te laten komen in een geheel. Zo eindigt het stuk op het ogenblik dat de eerste autos over de autosnelweg rijden. Tijdens de opening van de snelweg gebeurt er echter een vreselijk ongeval. Kunnen we dit interpreteren in de zin dat de vooruitgang alleen maar ellende voortbrengt? Andere scènes proberen ons van het tegenovergestelde te overtuigen. Als toeschouwer word je dus heen en weer geslingerd. De vele scènes zijn niet chronologisch aan elkaar geplakt. Soms krijg je de indruk dat alles wordt verteld vanuit het perspectief van de nogal simpele en van koorts ijlende Victor. Hij hoort overal stukken van verhalen en plakt die lukraak aan elkaar, als losse deeltjes. Net zoals een tapijt ook uit zelfstandige knoopjes bestaat die slechts onder de leiding van de tapijtmeester een mooi geheel gaan vormen.De fragmentarische opbouw van het stuk gaat op geen enkel ogenblik vervelen. Dat is te danken aan de spanningsboog van de voorstelling en de hoge kwaliteit van het spel. Jurgen Delnaet, Bob de Moor en vooral Dirk Buyse slagen er door heel kleine ingrepen in het verhaal boeiend te houden. Op soms grappige wijze nemen ze elkaars rol over en met een fijne beweging van handen of hoofd houden ze de vaart in het verhaal. Deze voorstelling illustreert vooral dat de ingetogen en zeer beheerste regiestijl van Lucas Vandervorst op elke soort tekst toepasbaar is. En dat sterke acteerprestaties ook minder afgewerkte of boeiende teksten naar grote hoogte kunnen tillen. Risquons-tout is een aardige voorstelling die toont hoe het acteren zelf heel wat betekenis kan genereren. SVaRisquons-tout is op 24 en 25 oktober te zien in het Stuc in Leuven (016/20.81.33), op 7 en 8 november in de Bourla in Antwerpen (03/224.88.44) en tot eind november in Tielt (051/40.29.35), Eeklo (09/378.40.90), Aalst (053/73.28.12), Geel (014/57.03.41) en Maasmechelen (089/76.97.97).