De pijnlijke zoektocht naar massavernietigingswapens

Waarom worden geen massavernietigingswapens gevonden in Irak ? De aanwezigheid en de rechtstreekse bedreiging van die wapens voor de wereldvrede waren de grote argumenten van de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk om Irak binnen te vallen. Na zes weken verwoed zoeken is nog niks opgedoken, ondanks alle voorbarige berichten. Het is pijnlijk en soms zelfs ronduit genant om de verklaringen die de leiders van de coalitietroepen geven, te aanhoren. Vooral in het Britse kamp zijn er die rotsvast geloven dat de verboden wapens alsnog opduiken. Donald Rumsfeld, de Amerikaanse minister van Defensie, opperde dan weer de mogelijkheid dat Saddam ze ultiem en vlak voor de inval heeft vernietigd. De hele discussie over de massavernietigingswapens laait nu bijzonder hoog op bij de coalitietroepen. Vooral de Britse pers voelt zich ronduit misleid door de eigen politici. De bocht die het weekblad 'The Economist' maakte, was zeer merkwaardig. Zowat zes maanden geleden gaf het blad een ondubbelzinnig standpunt over de oorlog, vooral omdat de dreiging van de massavernietigingswapens imminent en bijzonder groot was. Deze week gaf het weekblad plots een elegante draai aan de hele kwestie. Met leuke redeneringen. Plots zijn het de VN-inspecties die altijd hebben aangetoond dat er massavernietigingswapens aanwezig zijn. De bewijslast van de VS en het VK zouden in de besluitvorming om oorlog te voeren niet zo belangrijk geweest zijn. Een beetje merkwaardig toch. Niet alleen kwam de Britse premier, Tony Blair, met een heus 'bezwarend' rapport tegen Irak naar voren, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Colin Powell, kreeg de vloer van de VN-Veiligheidsraad om een striemend betoog te houden tegen het land. In beide gevallen waren de bewijzen zoniet gefabriceerd, dan toch wel geforceerd. Het hoofd van de VN-inspectie, Hans Blix, zette Powell op zijn plaats inzake de mobiele laboratoria. En van de zogenaamde bewijzen van de aanmaak van een zeker nucleair programma bleef ook niet veel meer over. Wat liep er dan fout ? Neem nu het nucleaire programma. Waarom laten de Amerikaanse troepen willens en wetens kerncentrales en kernonderzoekscentra plunderen ? Niet alleen lopen de plunderaars gevaar op radio-actieve straling, ook mogelijke bewijzen worden vernietigd. Het plunderen van de ministeries werd toegelaten waardoor wellicht kostbare informatiebronnen verdwenen zijn. Inmiddels zit een belangrijk deel van de zogenaamde top-55 van Irak achter slot en grendel. Maar ook hier lijkt het niet echt te lukken. De Irakezen worden getrakteerd op keiharde zware rockmuziek (geen grap) om zo over te gaan tot bekentenissen. Maar het wil maar niet vlotten. Betrouwbaar Misschien is de conclusie simpel. Er zijn geen vernietigingswapens meer in Irak en misschien zelfs al een tijdje niet meer. Iedereen lijkt te vergeten dat naast 13 jaar zware sancties er tot 1998 ook VN-inspecties zijn uitgevoerd in Irak. Die inspecties hebben meer massavernietigingswapens vernietigd dan de eerste invasie van de VS in Irak. Net als bij de aanslagen van 11 september 2001 lijken ook hier de inlichtingendiensten weer eens flink op hun bek te gaan. Ditmaal is er duidelijk een gebrek aan betrouwbare informatie. Wellicht steunden de inlichtingendiensten te veel op informatie van overlopers die om het even wat wilden vertellen als ze op die manier zorgeloos buiten Irak konden voortleven. De VS zitten met een bijkomend probleem nu de verboden wapens onvindbaar zijn in Irak. Het gaat immers om de aanpak van de andere schurkenstaten. Een belangrijk stuk geloofwaardigheid is verdwenen. De haviken binnen de Amerikaanse regering hebben inmiddels hun doelstellingen verlegd, na Bagdad is Teheran aan de beurt. Rumsfeld verkondigt aan iedereen die het horen wil dat hij een ander regime aan de macht wil in Iran. Maar eenvoudig is dat niet. Door die krijgszuchtige taal worden de hervormers steeds meer in de hoek geduwd in Iran en halen de fundamentalistische religieuze leiders weer de bovenhand. Bovendien is de toestand in Irak niet onder controle. In het zuiden en in de hoofdstad gist en broeit het. De kleine verzetshaarden manifesteren zich steeds duidelijker. Veel van dat verzet is vooral geinspireerd door het sjiitische verzet, in belangrijke mate geimporteerd uit Iran. En gezien de hoeveelheid conventionele wapens in Irak, lijkt dat verzet nog lang niet ontwapend. Meer dan de resten van de verdreven Baath-partij lijken de fundamentalisten de belangrijkste bekommernis te worden van de coalitietroepen. Evenals de poging de overgang naar een Irak dat bestuurd wordt door de Irakezen ver in de tijd uit te stellen. De wereldleiders zorgen voor een overvolle agenda. Blair ging op blitzbezoek In Irak en Polen. Dan gaat het naar Sint-Petersburg en dan naar Evian. Bush gaat van Polen naar Poetin en zo naar Chirac om uiteindelijk een akkoord tussen Israel en Palestina te bedisselen. Het zijn dus weer diplomatieke hoogdagen. Op de G8 is het alvast de bedoeling dat de rangen weer gesloten worden. Zelfs Bush mompelde zoiets als 'Vive la France' om te onderstrepen dat hij geen rancune heeft tegenover de Franse houding in het Irakconflict. Wat betwijfeld mag worden. Maar de grote landen sluiten de rangen, voor de gebruikelijke familiefoto's, de gebruikelijke beloften en de gebruikelijke duren eden. Niet dat het allemaal veel uithaalt, maar het geeft een zekere grandeur aan het hele gebeuren. Net zoals de grandeur van de tsarenstad Sint-Petersburg moet afstralen op de Russische president Poetin.