Advertentie
Advertentie

De strijd om de UMTS-jackpot

Het mobiele internet combineert twee groeisegmenten in de nieuwe economie: het wereldwijde web en de mobilofoon. In de komende 12 maanden worden in Europa tot 70 licenties uitgereikt voor de exploitatie van derde generatie mobilofonie. Elke licentie leidt tot een order voor een of meer telecomproducenten voor de bouw van een geschikt netwerk. Deze markt wordt geschat op meer dan 60 miljard dollar. Een overzicht van de spelers die strijden voor een stukje van de heerlijke taart. De twee bekendste telecomproducenten in Europa zijn ongetwijfeld Nokia en Ericsson. Nokia is wereldmarktleider in de productie van mobiele telefoons, de Zweedse concurrent is dat in de productie van mobiele netwerken. Beide hebben een bevoorrechte positie voor het binnenhalen van orders voor de productie van UMTS-netwerken. Deze netwerken maken de vlotte transmissie mogelijk van stem, data, video en andere multimediatechnieken. Maar ook andere telecomproducenten zoals Alcatel en Marconi liggen op de loer om een deel van de koek binnen te halen. Verder zijn er nog de Amerikaanse concurrenten Nortel, Lucent en Ciena die een graantje willen meepikken.Een handvol orders voor de bouw van een mobiel netwerk van derde generatie werd reeds uitgereikt. Daaruit blijkt dat operatoren hun traditionele leverancier meestal trouw blijven. De reden ligt voor de hand. Producenten die reeds netwerken hebben gebouwd van de eerste of tweede generatie mobilofonie, kunnen de compatibiliteit tussen de netwerken waarborgen. Ericsson en Nokia die het grootste deel van de GSM en GPRS netwerken in Europa voor hun rekening nemen, hebben hierdoor een vooraanstaande positie. Ericsson werd als leverancier verkozen bij de eerste vier officiële contracten voor netwerken in Japan en Finland. In drie van de vier gevallen werd de Zweedse groep aangeduid als hoofdleverancier. Vodafone verkoos Ericsson voor de bouw van het veelbesproken UMTS-netwerk in Groot-Brittannië. Een belangrijk contract voor de Zweedse groep, dat meteen de poort opent naar de dochterondernemingen van Vodafone in continentaal Europa. Maar naast bestaande mobiele operatoren, zijn er ook nieuwe spelers op de markt die een volledig nieuw netwerk opbouwen en waar geen voordeel geldt voor de oude telecomproducenten. Het is daarom uitkijken naar de keuze die TIW zal maken, de nieuwe operator in Groot-Brittannië. Waarnemers tippen op Ericsson of Nortel. Nortel Networks verkreeg als eerste niet-Europese leverancier een UMTS opdracht van Cellnet, de dochteronderneming van British Telecom.Nieuwe spelersDe markt van UMTS-netwerken is bijzonder aantrekkelijk omdat de concurrentie lager is en zodoende de prijsdruk minder groot dan in de markt van mobiele telefoons. Ericsson haalt meer dan 70 procent van de omzet uit de productie van mobiele netwerken. Maar ook Nokia is geen loutere producent van telefoons meer. De Finse groep poneert dat ze 30 procent van de contracten van GPRS netwerken in de wacht heeft gesleept, de voorlopers van de UMTS-netwerken, tegenover 50 procent voor Ericsson.Alcatel kondigde een joint venture aan met het Japanse Fujitsu voor de levering van mobiele netwerken van de derde generatie. Fujitsu mag het allereerste mobiel netwerk van de derde generatie leveren aan de Japanse operator NTT. Toch zijn de meeste analisten vrij sceptisch over de mate waarin Alcatel in Europa marktaandeel zal kunnen afsnoepen van Ericsson en Nokia. De Franse groep zal vermoedelijk vooral als tweede leverancier worden aangeduid. Alcatel zelf schat dat het een vijfde van de markt in handen kan nemen tegen 2003. Marconi vergrootte zijn expertise in mobiele netwerken door de overname van MSI, consultant en softwareproducent voor 100 mobiele operatoren in meer dan 60 landen. Marconi zal eveneens voornamelijk als medeleverancier aangeduid worden. Als traditionele partner van British Telecom wordt Marconi onder meer getipt voor de oplevering van software aan Cellnet. HandsetsMobiele netwerken kunnen niet los gezien worden van mobiele telefoons. De bouw van een netwerk houdt weinig steek indien er geen draagbare telefoons zijn die op het netwerk kunnen aanloggen. Dit is een concurrentievoordeel voor de Europese producenten die eveneens toestellen in portfolio hebben zoals Nokia, Ericsson en Alcatel, tegenover de Amerikaanse spelers Nortel en Lucent.Nokia is de onbetwiste leider in de verkoop van gsm-toestellen en groeide ook in het eerste kwartaal van 2000 snellerdan de markt. De Finse producent behaalde in het eerste kwartaal een winstmarge van 24 procent op de verkoop van gsm-toestellen ondanks het nijpend tekort aan chips. Zowel Ericsson als de Amerikaanse evenknie Motorola konden het aanbod niet goed afstellen op de vraag in de markt. Deze vraag bestaat grotendeels uit goedkope toestellen waarmee via voorafbetalingskaarten kan worden gecommuniceerd. Ericsson en Motorola verdienden met een winstmarge van 1 tot 2 procent nauwelijks geld in een markt die een jaarlijkse groei kent van 45 procent. Alcatel deed het wel goed in deze markt met een aanwas van het volume met 70 procent en een marge van zowat 6 procent. Doemdenkers vrezen voor concurrentie van andere draagbare apparaten die op het internet kunnen aanloggen, zoals elektronische zakagendas en handcomputers. Doordat de gebruikers gemakkelijker van leverancier kunnen wisselen, is de markt van mobiele telefoons in elk geval risicovoller dan de markt van mobiele netwerken.Vaste telefonieTraditionele telecomproducenten zijn voor de productie van mobiele telefoons en netwerken voornamelijk actief geweest in de productie van vaste telefonienetwerken. Ericsson en Alcatel hebben de laatste jaren maar weinig geld verdiend in deze branche. De aanwezigheid van Alcatel in vaste netwerken leidt tot een aanzienlijke décote ten opzichte van zuivere Amerikaanse breedbandspelers. Zowel Ericsson als Alcatel hebben grootscheepse herstructureringen doorgevoerd die de marges moeten vergroten. Alcatel vervangt het traditionele vaste telefonienetwerk door een geïntegreerde IP/ATM switch die stem, data en video in hoge hoeveelheden kan versturen. Topman Serge Tchuruk verklaarde vorige week dat transmissie van stem over land niet meer bestaat.De herstructurering die Ericsson doorvoerde was gebaseerd op een samensmelting van een traditioneel vast telefonienetwerk en een netwerk van de nieuwe generatie, waardoor de transport van stem en data in pakketjes kan geschieden. Dit systeem, genaamd Engine, werd onder meer door BT, KPN en Telefonica overgenomen. Na twee jaar van herstructurering, verbeterde in het eerste kwartaal van 2000 de marge op de verkoop van vaste telefonienetwerken. RisicoOndanks de décote tegenover de Amerikaanse concurrenten zijn de Europese telecomproducenten naar koers-winstverhouding stevig geprijsd. Bij een correctie van technologische aandelen wordt deze sector niet ontzien. Wat de operationele resultaten betreft is het neerwaartse risico veel kleiner door de vele miljarden dollars die zullen worden gepompt in de mobiele netwerken. Dit is zeker het geval voor wereldmarktleider Ericsson. De markt van mobiele netwerken is zo groot en in volle expansie dat de concurrentie van andere producenten geen groot probleem vormt. Eric de Graaf van ING Barings verwacht eerder dat er aanbodproblemen zullen opduiken door het te kleine aantal spelers. De golf van investeringen in mobiele netwerken moet gevolgd worden door een golf van investeringen in mobiele telefoons die compatibel zijn met de netwerken. Dan komt Nokia terug op de voorgrond dat 75 procent van de inkomsten uit de verkoop van de telefoontjes haalt. Analisten hebben weinig twijfels dat de tweede golf van investeringen er eveneens zal komen, maar toch is de absolute zekerheid er niet omdat de vraag moet komen van de consument in plaats van de operatoren. Vanuit dit opzicht is een belegging in Ericsson momenteel minder risicovol dan in Nokia. Christophe DE RIJCKE