De verboden vrucht van de terbeschikkingstelling

Een ondernemer heeft wel eens (tijdelijk) nood aan gespecialiseerd personeel, bijvoorbeeld om de computerinfrastructuur aan te passen of de loonadministratie uit te voeren. Andere ondernemingen hebben de terugkeer naar de 'core business' als credo en doen aan uitbesteding. In plaats van crisismanagers in dienst te nemen, wordt een beroep gedaan op interimmanagement. De ondernemer tracht in zijn behoeften te voorzien zonder zijn 'sociaal passief' op te bouwen. Het verbod van terbeschikkingstelling wordt meer dan eens uit het oog verloren. Risico's nemen behoort dan misschien wel tot het wezen van ondernemen, bijten in de appel van de terbeschikkingstelling kan een ondernemer behoorlijk zuur opbreken.Het is een werkgever (terbeschikkingsteller) verboden een of meerdere van zijn vaste werknemers ter beschikking te stellen van een andere werkgever (gebruiker). Het 'gebruik', met overdracht van enig gedeelte van het werkgeversgezag, is strijdig met de wet. Dit belangrijk principieel verbod is ingeschreven in de Uitzendarbeidwet van 24 juli 1987. Een werkgever (gebruiker) mag dus een werknemer - met wie hij zelf geen arbeidsovereenkomst heeft gesloten - niet integreren in zijn onderneming. De bekendste uitzondering op dit principe is de uitzendarbeid, die strikt gereglementeerd is. De draagwijdte van de (verboden) terbeschikkingstelling is voorwerp van heel wat discussie in de rechtsleer en rechtspraak. Wij beperken ons hier tot de krachtlijnen.