De zevende van Brewaeys

deFilharmonie (voorheen: Koninklijk Filharmonisch Orkest van Vlaanderen) brengt een boeiend programma dat het begin van vorige eeuw tot vandaag overspant. Dat laatste is letterlijk te nemen, want de zevende symfonie van Luc Brewaeys wordt door de Filharmonie gecreëerd. Naast deze Vlaamse componist staan met Maurice Ravel, Olivier Messiaen en Claude Debussy drie Franse zwaargewichten op het programma.De avond opent met Pavane pour une infante défunte, een werk dat Ravel in 1899 voor piano schreef maar in 1910 orkestreerde en dat niettegenstaande de wat bevreemdende titel niet het treurige maar melancholie en ernst uitdrukt. Hierna volgt het prachtige Réveil des oiseaux uit 1953 van Olivier Messiaen. Het is niet het eerste werk waarin Messiaen genoteerde vogelgezangen integreert, maar het is wel het eerst grote orkestwerk van die aard, waarbij de piano een uitermate belangrijke rol krijgt toegemeten. Het werk volgt het verloop van een dag en de vogelgezangen die hierbij te horen zijn op het Île de France.Na de pauze brengt deFilharmonie vijf pianopreludes van Claude Debussy die Luc Brewaeys voor hen orkestreerde. De Filharmonie en Brewaeys schijnen mekaar wel vaker te vinden. Zo creëerden ze zijn composities Komm, Hebe dich...(1987), Non lasciate ogni speranza (1990), Laphroaig (1993) en Fasten Seat Belts! (1997) en brachten ze in 1995 de toenmalige integrale van zijn symfonieën op cd uit. Het sluitstuk van de avond is de creatie van Brewaeys zevende symfonie, waarmee de componist zich kan inschrijven bij de weliswaar bedreigde ondersoort van de symfonici. Het nieuwe werk is opgedragen aan zijn oud-leraar André Laporte. Brewaeys behoort in zijn compositiemethode tot de spectralisten, een groep rond Tristan Murail, George Grisey en Hugues Dufourt die in de jaren zeventig in Frankrijk furore maakte. Spectralisme betekent dat men de boventoonspectra van klanken als uitgangspunt neemt voor de constructie van akkoorden. Brewaeys gebruikt dit ook om de melodie en soms zelf de orkestratie uit af te leiden. Toch verschilt Brewaeys grondig van de bovengenoemden omdat hij in zijn muziek veel uitbundiger te werk gaat en tot het buitensporige en spectaculaire aangetrokken is, waarbij het slagwerk een vaak prominente rol krijgt. Dat laatste wordt in deze zevende symfonie sterk gereduceerd, net als de gehele bezetting overigens. De glansrol wordt in het eerste en tweede deel, fanfares en allegro con moto, door de koperblazers vervuld. De symfonie sluit na deze twee korte en snelle delen af met een langer adagio.deFilharmonie brengt o.l.v. Arturo Tamayo werk van Ravel, Messiaen, Debussy en Brewaeys op 7/9 om 20u in deSingel te Antwerpen en op 10/9 om 20u in de Sint-Romboutskathedraal te Mechelen. Kaarten en inlichtingen: www.desingel.be, www.defilharmonie.be of 0800.210.36 voor Antwerpen en 015/29.78.82 voor Mechelen.Ruimte verklanktMuziek en Architectuur lijkt de titel van een musicologisch proefschrift of vaktijdschrift. Het is ook de noemer van een tiendaags gebeuren waarmee het Antwerpse ensemble Champ dAction in Brugge met installaties, performances en concerten een muzikaal statement maakt. De romantische concertbeleving die vandaag nog regeert wordt klinkend gecontesteerd. Bovendien verscherpen de leden hun eigen muzikale perspectieven door weerom te kiezen voor componisten als Fox, Maierhof, Arteaga en Verstockt.Eerder dan het demonstreren van akoestische premissen of het schetsen van een esthetisch klankenmodel gaat men op zoek naar hoe architectuur of ruimte concreet kunnen ingrijpen in de muziek zelf. Een onmiskenbare invloed gaat natuurlijk uit van Serge Verstockt, medeoprichter van het ensemble in 1988 en nog steeds compositorisch nauw betrokken bij Champ dAction. In Screens uit 1999 onderzocht hij samen met architect Werner van der Meersch de interactie tussen ruimte, klank en beeld. In oktober vorig jaar liet het ensemble in een concert in Eeklo, dat ook al het thema van muziek en architectuur had, het mooie Towards the inside of a tiny cow-bell horen. In het nieuwe werk Klokken laat hij vanop drie torens klokken weerklinken, waarbij de samenklank zo getimed en afgestemd is dat men slechts op één plaats een volledig gave weergave krijgt. Op hetzelfde concert in Eeklo werd de muziek van de Duitser Michael Maierhof aan de hand van Bagatellen für Brahms aan het Vlaamse publiek voorgesteld, waarbij de ruimtelijke opstelling van de muzikanten essentieel was. In het hier gebrachte Underground 2: Square piece bespelen vijf muzikanten in het Toyo Ito-paviljoen in Brugge de glasplaten van het paviljoen met golfballen, om zo complexe geluidsvelden te creëren. Van Maierhof wordt tevens Splitting in the Living room, vijf werken voor solist, cd, video en tv gebracht. Een veel conceptuelere en technologisch gedachte benadering vinden we bij de jonge Spanjaard Alex Arteaga, die, niet toevallig ook als architect opgeleid, de banden tracht aan te duiden tussen tijdsstructuur, tijds- en klankintervallen en stilte. Zoals eerder al in zijn installatie schwankende raüme uit 2000 worden in sounding (out). space (2002) luidsprekers en een sinusgenerator gebruikt om een zogeheten staande golf te creëren, waarbij de geluidssterkte sterk plaatsgebonden is. Een vriend van Arteaga, de Zwitser Christophe Meierhans, sluit de vijfde dag van deze installatie af met zijn project En Chemin. De tijds- en ruimtestructuur van dit werk wordt niet als dé muziekvorm ervan voorgesteld, maar als een mogelijke voorstelling. Zeven keer wordt het stuk gebracht, telkens op een andere plaats in de stad, waarbij het verloop telkens door statische, mechanische, chaotische en historische factoren gewijzigd wordt.Sinds begin de jaren negentig bouwt de Amerikaan Mark Trayle aan een sterk door elektronica bepaald oeuvre. Het hier gebrachte Mark:Space [Stagger] (2002) heeft hetzelfde uitgangspunt als True North, for Portable Quartet with Navigational Electronics uit 2000. De met microchips en elektronische kompassen beladen muzikanten, in dit geval zes, wandelen door de ruimte om zo een virtueel gebied uit te stippelen en de elektronica te laten interfereren in real time.Het werk van de Britse componist Christopher Fox krijgt de laatste jaren eveneens een hoog installatiegehalte, zoals in het door het ensemble ten dele gebrachte Everything you need to know. In het hier gebrachte Liquid Architecture uit 1998 staan vierentwintig autonome klankobjecten centraal. Het gezelschap brengt een 24 minuten en een 23 uur durende versie.Het op 15 september geplande project van Klaus Burger wordt vervangen door een installatie van Guy de Bièvre.Champ d'Action brengt onder de noemer Muziek & Architectuur werk van Verstockt, Maierhof, Meierhans, De Bièvre, Arteaga en Fox van 6 t.e.m. 15 september op verschillende tijdstippen en locaties in Brugge. De volledige kalender vindt u terug op www.champdaction.be of www.brugge2002.be. Reserveren kan ook op 070/22.33.02Samenstelling: Peter-Paul DE TEMMERMAN