Advertentie

Debacle Zeebrugse Visveiling nadert ontknoping

ZEEBRUGGE (tijd) - Rond de noodlijdende Zeebrugse Visveiling, de grootste vismijn van Vlaanderen, wordt een complex spel opgevoerd om de firma alsnog boven water te houden. De spilfiguur is Marie-Jeanne Becaus-Pieters, jarenlang eigenaar van 99 procent van de aandelen van ZV en sinds eind februari alleen nog op de achtergrond aanwezig. Opmerkelijk is ook de korte verschijning van de Vlaamse textiel- en bouwondernemer Tony Gram in dit turbulente dossier.De NV Zeebrugse Visveiling, de exploitant van de in 1987 geprivatiseerde stedelijke vismijn in Zeebrugge, spartelt en kronkelt om een faillissement te voorkomen. Sinds de overheidsinvesteerder Gimvindus na lange onderhandelingen met de stichters-aandeelhouders Marie-Jeanne Becaus-Pieters en Marc Bekaert, finaal liet weten niet in het kapitaal van de ZV te stappen, naderde de spanning een hoogtepunt.

De intrede van Gimvindus was immers een essentiële voorwaarde voor de creatie van de beoogde jointventure met de BV Hollandse Visveiling IJmuiden. Die samenwerking werd in december '95 voor de verzamelde pers aangekondigd, maar is tot op heden niet uitgevoerd.

Na het njet van Gimvindus richtte Marie-Jeanne Becaus-Pieters haar steven naar het Brugse stadsbestuur, met diverse scenariovoorstellen voor de redding van de ZV, maar ook burgemeester Patrick Moenaert hield de boot af. De stad Brugge is in het dossier van de vismijn belanghebbende partij als eigenaar van de grond waarop het nieuwe visveilingsgebouw in de achterhaven van Zeebrugge in 1993 werd opgetrokken.

Marie-Jeanne Becaus-Pieters investeerde toen circa 700 miljoen fr. in het zogenaamde European Fish Center op een terrein van 13 ha. Maar die investering werd gevolgd door een diepe en aanhoudende crisis in de Noordzeevisserij, waardoor de omzet van de ZV reeds vijf jaar daalt en de resultaten telkens rood kleuren. De langetermijnkredieten (388 miljoen fr.) en een kortlopende lening van de ASLK (105 miljoen fr.) wegen op de balansstructuur van de ZV, die snakt naar vers kapitaal.

Begin februari was er het ontslag van bestuurder-directeur Freddy Pollet, die de visveiling bijna tien jaar met strenge hand had geleid. Hij werd als bestuurder vervangen door de 49-jarige Nederlander Simon Ruiter, een witlofteler die 12 jaar lang voorzitter was van de Noord-Hollandse Groentenveiling in Zwaagdijk. Of zijn komst de voorbode was van een overname van de Zeebrugse Visveiling door Nederlandse investeerders, is onduidelijk.

Ontslag

Marie-Jeanne Becaus-Pieters en haar echtgenoot dokter Ignace Becaus namen op tweede kerstdag '96 ontslag als bestuurders van de ZV. In hun plaats werd de Vlaamse textielondernemer Tony Gram benoemd, maar deze benoeming (vermeld in de akte van de Gentse notaris Yves Tytgat) werd nimmer in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd. De rol van Tony Gram in het schimmenspel is, zo zegt gedelegeerd bestuurder Mark Bekaert, 'kort geweest en nu reeds achterhaald'.

Op de buitengewone algemene vergadering van de ZV van 26 februari jl. bleek dat het aandelenpakket van Marie-Jeanne Pieters (99%) was overgedragen aan de BV Bontenbal Tapijt uit Rotterdam. Op die vergadering volgde meteen een nieuwe coup de théâtre: de bestaande vennootschap Zeebrugse Visveiling NV werd omgedoopt in European Fish Center (EFC). Als nieuwe bestuurders van EFC werden benoemd: Simon Ruiter, Mark Bekaert (voorzitter en gedelegeerd bestuurder) en de NV P.E.Trading & Consulting, dit is de nieuwe naam voor het voormalige Permalite Europe, een zusterfirma van het ter ziele gegane bouwbedrijf Pieters-De Gelder (PDG) en een van de vennootschappen uit de invloedssfeer van Marie-Jeanne Becaus-Pieters. Via het mandaat van P.E. Trading & Consulting blijft Marie-Jeanne Becaus-Pieters dus betrokken bij EFC.

Eveneens op 26 februari 1997 werd een nieuwe vennootschap onder de naam 'Zeebrugse Visveiling' in het leven geroepen met een startkapitaal van 50 miljoen fr. Dat werd 99 procent onderschreven door Marc Bekaert. Deze West-Vlaamse ingenieur is al ruim een kwarteeuw de trouwe rechterhand van Marie-Jeanne Becaus-Pieters.

De splitsing van de oude ZV in EFC en een nieuwe vennootschap ZV had tot doel het vastgoed van het vismijnpark (de pakhuizen en de omliggende gronden) los te koppelen van de exploitatie van de mijn. Het vastgoed van ZV komt via EFC in handen van de Nederlandse onderneming Bontenbal Tapijt, waarachter waarschijnlijk Nederlandse vastgoedinvesteerders schuil gaan. De exploitatie van de vismijn komt in handen van de nieuwe NV Zeebrugse Visveiling.

Gedelegeerd bestuurder Mark Bekaert zegt: 'De exploitatie willen we zelf in handen houden, eventueel in alliantie met IJmuiden, een Franse visveiling en de recent door ons verworven visveiling van Milford in Zuid-Wales. Het klopt dat we door de verkoop van de oude V het vastgoed verkocht hebben aan Nederlandse investeerders. Het betreft de pakhuizen die op onze eigen grond gebouwd zijn en de nog 7 ha braakliggende gronden die ter beschikking blijven van bedrijven uit de vissector.'

Bekaert bevestigt dat ZV tevergeefs is gaan aankloppen bij Gimvindus en bij het kabinet van minister van Economie Eric van Rompuy op zoek naar vers geld. 'Ik kan enkel constateren dat er nu, terecht, middelen voor de visserijvloot worden vrijgemaakt via een investeringsfonds, maar dat wij als grootste Vlaamse visveiling in de kou blijven staan. Als we indertijd zo zwaar geïnvesteerd hebben in de achterhaven, was dat omdat we een hefboom wilden creëren voor een breed visserijdistributieplatform.'

Maar de problemen van de Zeebrugse vismijn zijn niet klein, beseft Bekaert: 'Tien jaar geleden was onze visvangst nog goed voor 35.000 ton die gemiddeld aan 130 fr. het kilo werd verkocht. Vorig jaar was dat aanbod geslonken naar 28.000 ton die aan 100 fr. het kilo werd geveild. Dat is een terugslag van 4 miljard naar 2,8 miljard fr. Met de nieuwe ZV willen we knokken om ons marktaandeel terug te verwerven'. JVI

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud