Dichten tussen vertwijfeling en hoop

Het is genoegzaam bekend dat China een drieduizend jaar oude poëtische traditie heeft en dat een aantal Chinese dichters tot het kruim van de wereldliteratuur mogen worden gerekend. In de jaren zestig van de twintigste eeuw was de Chinese poëzie, na amper twee decennia maoïsme, echter zo goed als dood. De literatuur, die zich helemaal ten dienste had gesteld van de partij, baarde enkel nog lofliederen op de Grote Roerganger en strijdliederen ten behoeve van revolutionaire boeren en arbeiders. De hermetische dichters, onder wie Bei Dao en Duoduo, rekenden af met die vernietigende invloed van het maoïsme.Jan A.M. DE MEYER