Advertentie
Advertentie

Dokter in Zuid-Afrika

ROMAN De goede arts Damon Galgut2003, Amsterdam-Antwerpen, Meulenhoff,270 blz., 18,5 euro,ISBN 90-290-7358-6. In Europa staat de Zuid-Afrikaanse roman gelijk met het oeuvre van de twee Nobelprijswinnaars: Nadine Gordimer en J.M. Coetzee. Nochtans kent Zuid-Afrika talrijke andere interessante auteurs die hun veelgeplaagde vaderland literair verbeelden. Damon Galgut is een van hen. Met zijn vierde roman 'De goede arts', die genomineerd werd voor de Booker Prize, is ook voor hem de internationale doorbraak een feit. De goede arts uit de titel is wellicht niet Frank Eloff, verteller en antiheld van deze roman. Hij is een cynische, egocentrische dokter die zijn dagen verslijt in een verkommerd ziekenhuis op het Zuid-Afrikaanse platteland. Het bevindt zich in de hoofdstad van wat ooit 'thuisland was: een landelijk reservaat dat onder het apartheidsregime tot 'staat' gepromoveerd werd, compleet met president, hoofdstad, parlement - en ziekenhuis. Met de komst van het nieuwe regime werd echter ook deze staat ontmanteld. De stad werd meer dan ooit een spookstad en het leeglopende ziekenhuis een parodie van zichzelf. Spookstad Frank Eloff en de rest van het personeel berusten met een zekere gelatenheid in de situatie of beramen plannen om weg te gaan. En dan verschijnt Laurence Waters ten tonele. Hij is net afgestudeerd als arts en dus verplicht tot een jaar gemeenschapsdienst. Groot is de verbazing van het personeel wanneer blijkt dat Laurence de plaats zelf gekozen heeft omdat hij hoopt zo 'een verschil te kunnen maken'. Door gebrek aan meubilair wordt Frank gedwongen zijn kamer te delen met Laurence en zo worden beiden veroordeeld tot een intense maar precaire relatie. Met zijn naief idealisme en dadendrang overspoelt Laurence de cynische inertie van het ziekenhuispersoneel en brengt hij hun zorgvuldig opgebouwde verdedigingsmechanismen aan het wankelen. Anders dan Frank, die als dienstplichtige het apartheidsregime aan den lijve heeft meegemaakt, is Laurence een exponent van het nieuwe regime. Elke verwijzing naar de moeilijke rassenverhoudingen of de geschiedenis van het thuisland doet hij af als 'politiek' en 'verleden tijd'. En toch blijven de geesten van het verleden de spookstad bevolken. Zo is er de brigadegeneraal, de oude militaire machthebber van het thuisland, na de regimewissel verdwenen en ondertussen tot mythe uitgegroeid. Hij zou een groot smokkelnetwerk hebben opgezet en verantwoordelijk zijn voor al het geweld in de streek. Ogenschijnlijk om dit geweld aan te pakken, neemt het leger zijn intrek in de stad, onder leiding van Kolonel Moller. Ooit een verdienstelijk folteraar tijdens het apartheidsregime is deze kille, harteloze man in het nieuwe leger tot kolonel gepromoveerd. Groteske tragedie De kolonel en de ex-generaal, de ruziemakende dokters, de holle frasen over 'vernieuwing en verandering' van het nieuwe regime, de naieve Laurence en zijn zo mogelijk nog idealistischere vriendin: het zijn eigenlijk allemaal groteske figuren die door de speling van het lot op een absurde plaats zijn terechtgekomen. Het geheel zou komisch zijn, als het niet zo tragisch zou zijn. En het resultaat is van een bevreemdende beklijving die we ook in de boeken van Graham Greene terugvinden. Aan het begin van zijn verblijf, merkt Laurence op dat 'het net is alsof hier iets verschrikkelijks is gebeurd'. Maar Frank spreekt hem tegen: 'er is hier nooit iets gebeurd. Er zal hier nooit iets gebeuren. Dat is juist het probleem.' Toch blijkt het tegenovergestelde waar. In het door verveling verstijfde stadje heeft de kleinste rimpeling - door Laurence Waters veroorzaakt - grote gevolgen. Aanvankelijk heeft zijn werk vooral een positieve invloed. Zo krijgt het passieve personeel nieuwe energie door de veldconsultaties die Laurence opstart in een dorp in de buurt. Maar wanneer zijn abstracte rechtvaardigheidsgevoel zich blind toont voor onderliggende problemen en heersende machtsverhoudingen is de afloop veel dramatischer. Ongezegd Het einde van 'De goede arts' blijft gehuld in een waas van mysterie. Het is onduidelijk wie de schuldigen zijn, wie het bij het juiste eind had en waar de dingen zijn fout gelopen. Duidelijk is enkel dat in het nieuwe Zuid-Afrika veel ongezegd blijft of moet blijven. En ook al besluit Frank Eloff zijn verhaal nogal verrassend met een 'geheel nieuw besef van de toekomst', de lezer zelf blijft verbouwereerd achter. Het Zuid-Afrika dat Galgut in deze roman zo beklijvend weet te schetsen is geen aangename plaats. Het is land dat getekend blijft door de gruwelen van het verleden en, volgens Galgut althans, is er weinig hoop voor de nabije toekomst. De goede dokter uit de titel blijkt dan ook niet te bestaan. Het is niet de cynische Frank die berust in de overblijfselen van het oude Zuid-Afrika. Maar het is ook niet de naieve Laurence die met zijn blind idealisme zichzelf en anderen ten gronde richt. De juiste arts is wellicht een mengeling van beide, maar over het bestaan van dergelijke dokters wil Galgut zich in deze roman althans niet uitspreken. Elke D'HOKER