Advertentie
Advertentie

'Duitse pensioenleeftijd moet naar 67 jaar'

BERLIJN (reuters) - Een commissie van Duitse pensioenexperts adviseerde de regering gisteren de pensioenleeftijd vanaf 2011 op te trekken van 65 tot 67 jaar, het individuele pensioensparen te promoten en het brugpensioen te ontmoedigen. Deze ingrepen moeten ervoor zorgen dat het pensioenstelsel betaalbaar blijft. Ulla Schmidt, de minister van Gezondheid en Sociale Zaken, zei dat de regering het rapport grondig zal lezen, maar beloofde niet dat alle aanbevelingen in wetten worden gegoten. 'We zullen invoeren wat nodig en redelijk is voor Duitsland en ons pensioenstelsel', zei Schmidt op een persconferentie. De rood-groene regering dient in de herfst haar voorstellen voor de hervorming van het pensioenstelsel bij het parlement in. De oplopende werkloosheid en de oprukkende vergrijzing dreigen het pensioenstelsel onbetaalbaar te maken. Op dit ogenblik gaat 19,5 procent van de brutowedde op aan pensioenpremies, in theorie voor de financiering van het eigen pensioen, in de praktijk voor de financiering van de huidige pensioenen. In 2050 is een derde van de Duitse bevolking 60 jaar of ouder. Om het pensioenstel ook dan nog betaalbaar te houden, moeten de pensioenpremies stijgen tot 40 procent van de brutowedde, berekende Deutsche Bank onlangs. De voorstellen van de pensioencommissie kunnen ertoe bijdragen dat de pensioenpremies in 2030 beperkt blijven tot 22 procent. Waarnemers verwachten veel tegenstand tegen de geplande hervormingen, vooral van de vakbonden en mensen die stilaan de pensioengerechtigde leeftijd naderen.