Een kale reis Stefaan Huysentruyt

Premier Guy Verhofstadt heeft eens te meer niet aan de verleiding kunnen weerstaan de resultaten van zijn promotietour in de Verenigde Staten wat fraaier voor te stellen dan ze in werkelijkheid zijn. De bijkomende investering van Johnson & Johnson ten belope van 100 miljoen euro die de eerste minister donderdag in New York aankondigde, blijkt de gewone jaarlijkse investeringsenveloppe te zijn van de multinational voor ons land. De Europese dochter die de Bank of New York in Brussel wil uitbouwen, blijkt dan weer al tien jaar te bestaan. Het enige wat de bank plant, is de omvorming van die dochter tot een vennootschap naar Belgisch recht. Dat moet het die dochter mogelijk maken van de notionele intrest te genieten. Van extra investeringen door de bank in ons land is evenwel geen sprake. En dan is er Cargill. Dat bedrijf gaat volgens de Belgische premier in Gent een biodieselfabriek neerpoten met een kostprijs van 75 miljoen euro. In werkelijkheid is Cargill niet meer dan een van de kandidaten voor de bouw van de fabriek. Bovendien zal die fabriek lang geen 75 miljoen euro kosten.