Advertentie
Advertentie

Een witte lijn

Met de jaren vijftig van de vorige eeuw in zicht bedacht de pianist Lennie Tristano (1919-1978) een alternatief op de moderne jazz die bebop heette. De saxofonist Charlie Parker, de pianist Bud Powell, de trompettist Dizzy Gillespie puurden uit de schemas van de blues en populaire songs nieuwe akkoorden en grillige melodieën, en schoven er een nerveus, eruptief ritme onder. Tristano zocht en vond in dezelfde schemas gestroomlijnde gratie, de elegantie van de mathematische curve. Bij hem ontplooiden nooit eindigende melodieën zich over het egale ruisen van de drums, het zachte zoemen van de bas. De bebopers hanteerden een expressionistische sound, harde korrel, vibrato. De saxofonisten die Tristano in zijn bands opvoerde Lee Konitz, Warne Marsh - leidden met hun strakke, transparante geluid nooit de aandacht af van waar het om ging: de pure schoonheid van de melodische lijn. Die schoonheid diende volgens Tristano spontaan te ontstaan in een volgehouden moment van verhoogde gevoeligheid, uitgedrukt in een improvisatie, gedragen door een vierkwartsmaat. Daarmee dachten Tristano en de zijnen in de geest van hun favoriete muzikanten te opereren: Louis Armstrong, de saxofonist Lester Young, de trompettist Roy Eldridge, de gitarist Charlie Christian, Charlie Parker. Terwijl Tristano zijn muziek beschouwde als een voortzetting van de grote jazztraditie, zag de kritiek er vooral een kanttekening in, vaak afgedaan als ongenaakbaar, blank, koel, cool.Bij die kanttekening plaatsen vooral Europese muzikanten tegenwoordig op hun beurt wel eens nieuwe kanttekeningen. De Nederlandse pianist en componist Guus Janssen verwijst in zijn werk geregeld naar Tristano. Hij leidt zelfs een trio dat luistert naar de naam Konitz. De Weense trompettist Franz Koglmann betrekt Tristano & Co in zijn geliefde White Line, zijn verhaal van een witte lijn, een blanke gevoeligheid in de jazz. En in 1998 namen de Franse pianisten Stephan Oliva en François Raulin de muziek van Tristano als uitgangspunt voor een mooie reeks pianoduetten, uitgegeven door het bescheiden Emouvance. Onder de titel Sept variations sur Lennie Tristano, en in een zoals steeds fraai vormgegeven uitgave van Sketch, verbreden Oliva en Raulin het palet tot een sextet: weer twee pianos, de klarinettist Laurent Dehors en de saxofonist Christophe Monniot, Paul Rogers en Bruno Chevillon afwisselend (en op een enkel stuk samen) op contrabas, en de gitaar van Marc Ducret. In de versie voor twee pianos vonden Oliva en Raulin een delicaat evenwicht tussen de geest van Tristano en hun eigen vondsten. Deze keer lukt dat niet altijd. Hoe hard ik ook probeer de twee blazers op hun eigen niet geringe merites te beluisteren, al te vaak voel ik de neiging om in hun nogal stroeve spel op zoek te gaan naar dat raffinement en de contrapuntische virtuositeit van de geniale Konitz en Marsh. En het blijft al even lastig om de gitaar van Ducret, vaak op de rand van de bruitage, te associëren met de ingehouden sensualiteit die Tristanos muziek zo bijzonder maakt. Wil dit zeggen dat Oliva-Raulin zich aan een historisch correcte bewerking hadden moeten houden? Een soort Wynton Marsalis versie van Lennie Tristano? God beware ons. Hier en daar echter gaan hun vaak haperende variaties naar mijn smaak net te ver in hun postmoderne commentaardrift om nog relevant te zijn ten opzichte van het aangekondigde onderwerp: Tristano - geklemd in een keurslijf van ideetjes, afspraken en arrangementen. Waar zijn die elegantie, de sierlijke continuïteit van de lijn gebleven, zo essentieel voor zijn esthetica? Soms verschijnen ze even in al hun glorie, in de verrassende wals van April, in de veelgelaagde passages van Turkish mambo, in de impressies van Requiem. Het is genoeg om van Sept variations sur Lennie Tristano een interessante, soms fantastische oefening te maken, maar niet het meesterwerk dat dit album had kunnen zijn. De echte Tristano, Konitz en Marsh kunt u aan het werk horen op de wellicht nog verkrijgbare cd Intuition (Capitol), of in de dure doos waarin het discofiele label Mosaic alle opnamen van Tristano, Marsh en Konitz voor Capitol en Atlantic verzamelde.Rob LEURENTOPOliva-Raulin Sept variations sur Lennie Tristano (Sketch/ Harmonia Mundi)