Advertentie
Advertentie

Engelstalige literatuur

Dat je in het ruime veld van de Engelstalige literatuur geen eenheid moet verwachten, blijkt weer eens uit de uiteenlopende keure aan vertaalde romans die de laatste maanden verschenen zijn. Goddelijke machineWat opvalt en hoopvol stemt, is het aantal opmerkelijke debuten dat recent verscheen en vertaald werd naar het Nederlands. Onder de minder opgemerkte, maar daarom niet minder verdienstelijke is Chris Adrians De machine van Gob. Deze lijvige roman speelt zich af in het Amerika van de jaren 1870, dat langzaam herstelt van de burgeroorlog. Een aantal individuen, ieder getekend door het verlies van een dierbare, vat het plan op een geweldige machine te bouwen die de doden tot leven kan wekken. Een symbolisch rijk maar feitelijk onmogelijk plan dat, zo lijkt het, tot mislukking gedoemd is. Op meesterlijke wijze weet Chris Adrian het verhaal tot een groots en verrassend einde te brengen dat symbool en realiteit in zich verenigt. Doorheen het boek voert hij ook een mengeling van fictionele en historische personages ten tonele, zoals de feministe Victoria Woodhull en de dichter Walt Whitman, zonder dat het verhaal daarbij aan directheid of spanning moet inboeten. Met De machine van Gob heeft Adrian een boek van mythische proporties geschreven dat universele themas als dood, schuld, verlies en liefde op originele manier te berde brengt. Hij is daardoor zonder twijfel een auteur van wie we nog meer hopen te lezen. Chris Adrian, De machine van Gob, vertaald door Paul Syrier, Querido, ISBN 90-214-50008-9.Vergeten verledenHeel anders, maar niet minder boeiend is Gillian Tyndalls historische roman, Célestine, met als ondertitel Stemmen uit een dorp in Frankrijk. Deze nuancering is niet onbelangrijk, want het boek is veel meer dan de liefdesgeschiedenis van Célestine Chaumette van wie de auteur vergeten brieven vond in een dorp in Aquitanië. Célestine is veeleer de geschiedenis van het dorp Ghassignolles van de jaren 1840 tot 1970. Het is de kroniek van de langzame maar onherroepelijke verschuivingen in het Franse platteland: van dorp naar stad, van kar over trein naar auto, van dorpswinkeltjes naar supermarkten, van thuisarbeid naar pendelen, enzovoort. Overtuigend weet Tyndall in haar verhaal de stemmen uit de dorpen met de cijfers uit de dorpsregisters te verbinden, de kleine geschiedenis met de grote ontwikkelingen, of het leven van Célestine met dat van haar dorpsgenoten. Het enige wat me stoorde in haar verhaal was de voortdurende vergelijking met de Engelse situatie van over het kanaal. Maar dit maakt wellicht deel uit van Tyndalls vrij didactische opzet om aan dit vergeten aspect van de Franse geschiedenis een luidere stem te verlenen. Gillian Tyndall, Célestine, vertaald door Marjolijn Stoltenkamp, Prometheus, ISBN 90-446-0022-2.Niet voor vegetariërsNa het succes van Herinneringen van een gnostische dwerg was de nieuwe roman van David Madsen iets om naar uit te kijken. Daar waar Madsens controversiële debuut gesitueerd was in het Vaticaan van de renaissance, heeft de auteur zich in Bekentenissen van een vleeseter gericht op de eerder tijdloze wereld van de culinaire kunsten, in Engeland en in Italië. De roman behelst het levensverhaal van Orlando Crispe, internationaal vermaard kunstenaar, verteld in alle onbescheidenheid door the man himself. In een bijna permanent extatische vervoering en met (al te) veel sappige details beschrijft Orlando zijn passie voor vlees - zowel culinair als seksueel. Hij schrikt er dan ook niet voor terug de symbiose tussen beide geneugten zover door te voeren dat dierlijk vlees passioneel wordt genomen en menselijk vlees smakelijk verorberd. Hoe spannend en grensverleggend sommige critici dit ook mogen vinden, ik vond het bijzonder weerzinwekkend en vulgair. Voeg daar nog bij de afstotelijk misogyne beschrijvingen van onze vleeseter en het hoeft niet te verwonderen dat de auteur - van wie gefluisterd wordt dat hij een katholieke priester is - zich verbergt achter een pseudoniem.David Madsen, Bekentenissen van een vleeseter, vertaald door Jelle Noorman, Atlas, ISBN 90-450-0151-9.Zonder handenHet verhaal van De vierde hand van John Irving is wonderbaarlijk eenvoudig. Patrick Wallingford verliest zijn hand in een sensationeel ongeval compleet met hongerige leeuw voor het ontzette oog van duizenden televisiekijkers. Een vermaard chirurg wil hem een nieuwe hand aannaaien en lanceert daarvoor een oproep www.eenhandnodig.com. Een jonge weduwe uit Wisconsin, Doris, komt hem de hand van haar pas overleden echtgenoot brengen, met als enige voorwaarde dat ze wekelijks bezoekrecht krijgt. Het blijkt al gauw haar diepere wens om een kind van Patrick te krijgen en dat doet ze dan ook. Hoewel Patrick aan het eind van de roman zijn hand weer verliest, wint hij de liefde van Doris en hun kind. Ook op thematisch vlak is de roman nogal voorspelbaar. Het schetst Patricks evolutie van vrouwenversierende sensatiejournalist naar verantwoordelijke echtgenoot, vader en serieuze tv-reporter. De charme van de roman ligt in de hilarische scènes, de komische portretten en de absurde situaties die Irving via ontelbare nevenplots in zijn verhaal weet te brengen. Maar verder moet gezegd dat de motieven van verlies, gebrek en verlossing door de liefde in vele andere van Irvings romans veel indringender geformuleerd werden. Kortom, dit is een roman die fans zal bekoren, maar sceptici niet zal bekeren.John Irving, De vierde hand, vertaald door Sjaak Commandeur, De Bezige Bij, ISBN 90-234-6238-6.Samenstelling: Elke DHOKER