Advertentie
Advertentie

EU-Hof erkent merkenrecht voetbalclubs

(tijd) - De advocaat-generaal van het EU-Hof van Justitie erkent dat voetbalclubs een beroep mogen doen op de regels van het merkenrecht om het gebruik van hun naam te beschermen. Dat betekent dat een club het gebruik van zijn naam door een derde kan verbieden. De advocaat-generaal formuleert zijn advies naar aanleiding van een zaak die de Britse voetbalclub Arsenal aanspande.Voetbalclub Arsenal registreerde een aantal merken, waaronder de naam Arsenal. De club startte voor een Britse rechtbank een zaak tegen Matthew Reed. Reed verkoopt al sinds 1970 sjaals met de naam Arsenal op in de buurt van het stadion van de club. Reed vermeldt in zijn stalletje wel duidelijk dat hij niet-officiële producten verkoopt. De zaak kwam voor het Britse Hooggerechtshof. Dat stelde prejudiciële vragen aan het EU-Hof van Justitie. Het Hooggerechtshof vraagt of de EU-merkenrichtlijn de eigenaar van een merk het recht geeft een derde te verbieden een identiek teken te gebruiken, ook als die derde waarschuwt dat hij niet de eigenaar van het merk is. Volgens de advocaat-generaal mag de eigenaar van een merk derden inderdaad verbieden identieke tekens te gebruiken voor commerciële doeleinden. Die bepaling slaat ook op tekens die voetbalclubs als merk registreerden om kledij en andere artikelen in verband met de club aan de man te brengen. De advocaat-generaal vindt dus dat het industriële merkenrecht ook op voetbalclubs toegepast moet worden. De professionele sportbeoefening heeft immers de kenmerken van een industrie waar grote sommen geld mee gemoeid zijn en die zorgt voor duizenden jobs, meent de advocaat-generaalHet EU-Hof van Justitie velt later een definitief arrest over de zaak. Maar het hof volgt in een ruime meerderheid van de gevallen de opinie van de advocaat-generaal. JL