Advertentie
Advertentie

Europese internetaandelen onbekend maar bemind

Tot vorig jaar weken veel Europese beleggers voor hun investeringen in internetaandelen uit naar de VS, vermits de lokale markt beperkt was en de prestaties weinig indrukwekkend. De Europese zuivere internetspelers hebben tot op heden nog niet de bekendheid van hun Amerikaanse tegenhangers als Yahoo! en America Online. Maar op het vlak van de waarderingen halen de Europese internetaandelen na de koersexplosies van de laatste maanden wel de niveaus van hun Amerikaanse evenknieën.De Europese markt voor internetaandelen kende een enorme groei in het najaar van 1999 en zal dit jaar verder expanderen. In september vorig jaar bedroeg de marktkapitalisatie van de Europese internetsector 16 miljard euro. Begin februari was die totale marktwaarde al opgelopen tot 100 miljard euro. Aan de hand van de grotere spelers trachten we een introductie te geven tot de Europese markt, die ondertussen al om en bij de 100 internetaandelen telt. Voor het gemak hebben we internetaandelen opgedeeld in verschillende categorieën. De eerste en veruit belangrijkste categorie van Europese internetbedrijven wordt gevormd door de Internet Service Providers (ISP) en portaalsites. De Internet Service Providers leveren de toegang tot het internet. Vroeger haalden zij hun inkomsten voornamelijk uit de maandelijkse abonnementsgelden die de gebruiker betaalt. Sinds de opkomst van het gratis internet halen veel ISPs hun inkomsten in belangrijkere mate uit de interconnectievergoedingen die zij ontvangen van telecomoperators. Deze betalen een gedeelte van de opbrengst van de klanten die inbellen op hun netwerk door aan de ISPs. Tevens beschikken de ISPs over portaalsites die fungeren als startpagina voor de internetgebruiker en via dewelke zij advertentie-inkomsten halen uit zogenaamde banners. Veruit de grootste beursgenoteerde ISP/portaalsite in Europa is het Spaanse Terra Networks. Terra Networks is een dochter van het Spaanse telecombedrijf Telefonica. Het bedrijf heeft een sterke positie in Spanje, Portugal en Zuid-Amerika. Hierdoor is het een belangrijke toegangs- en contentleverancier voor de Spaanstalige markt, die nog een gigantisch groeipotentieel biedt.Freeserve is de grootste Britse ISP/portal voor de consumentenmarkt. Het bedrijf is een dochter van de Britse elektronica- en informaticaretailer Dixon en wordt beschouwd als de pionier van het gratis internet. Hoewel er getwijfeld werd aan de houdbaarheid van het businessmodel van Freeserve op lange termijn, slaagt het bedrijf er momenteel toch in de meest bezochte portaalsite van Groot-Brittannië te blijven: 35 procent van de Britse internetgebruikers bezoekt de site minstens eenmaal per maand. De derde grote genoteerde ISP/portal in Europa is het Italiaanse Tiscali. Dit bedrijf, dat pas in 1997 ontstond, introduceerde het gratis internet model in Italië en stak daarmee Telecom Italia de loef af, dat via Tin.it en Clubnet de dominante speler op de Italiaanse ISP-markt is. In Duitsland was het Freenet, een dochter van Mobilcom, die het gratis internet model introduceerde. Freenet noteert sinds begin december op de beurs van Frankfurt en Neuer Markt. Het bedrijf telde eind vorig jaar 820.000 klanten.E-commerceDe tweede categorie internetbedrijven zijn de bedrijven die focussen op elektronische handel. Hieronder vallen zowel bedrijven die een platform bieden waarop elektronisch gehandeld wordt, als bedrijven die zelf allerlei producten verkopen. QXL.com, Europas grootste on-lineveilinghuis, verschaft bijvoorbeeld een platform waarop particulieren en bedrijven goederen kunnen kopen en verkopen. Het bedrijf haalt zijn inkomsten uit commissielonen op de verkochte goederen, variërend van 1,25 tot 5 procent. In het laatste kwartaal van 99 noteerde QXL 453.000 geregistreerde gebruikers. QXL biedt ook de mogelijkheid aan bedrijven om hun producten via de QXL-site te verkopen, waardoor het naar eigen zeggen een unieke positie inneemt. Het Duitse Ricardo vist in dezelfde vijver en zegt momenteel al over 450.000 geregistreerde leden te beschikken, een verdubbeling tegenover het vorige kwartaal. Het bedrijf breidt uit naar Groot-Brittannië waar het een eigen site opzette en naar Nederland, via de overname Veiling.com. Volgende landen op het programma zijn Italië en Frankrijk. Opvallend is dat Europa nog geen grote ter beurze genoteerde retailer heeft à la Amazon.com. Freenet heeft recent overnames gedaan in dit segment maar bestrijkt nog geen uitgebreid productengamma. Ook genoteerde Business-to-Business e-commerce bedrijven, zijn nog dun gezaaid. Een uitzondering is bijvoorbeeld het Duitse CE Consumer Electronics. CE werpt zich op als platform voor de aankoop en verkoop van computerchips en elektronische componenten. De specifieke niche van de on-linebanken en -beurshuizen wordt vooral bevolkt door Duitse bedrijven met als grote spelers Consors, Europas tweede grootste on-linebroker, en Direkt Anlage Bank en Entrium Direct Bankers, die een uitgebreider pakket van on-linebankdiensten aanbieden. Consors en Entrium zijn witte raven in het internetpeloton vermits zij beide al drie jaar winstgevend zijn.Software en dienstenEen laatste categorie vormen de bedrijven die software en diensten leveren voor internetgerelateerde activiteiten. Hieronder vallen bedrijven zoals Intershop, GEO Interactiv, Baltimore technologies, Pixelpark en Autonomy corporation die elk hun specialiteit hebben. Intershop en Pixelpark specialiseren in software voor het opzetten en beheren van on-linewinkels. Het Britse GEO Interactiv maakt software die de distributie van audio en video over het internet mogelijk maakt.Baltimore Technologies legt zich toe op de lucratieve niche van de veiligheidsoplossingen voor het internet, de niche waarin ook het Belgische Ubizen actief is. Autonomy Corporation focust op het beheren, analyseren en onderverdelen van grote documentenstromen. Het Zweedse Framfab ten slotte werpt zich op als Europas grootste zuivere internet consultingbedrijf.Al deze bedrijven hebben één aspect gemeen: hun koersexplosie het voorbije halfjaar, die analisten op basis van klassieke waarderingsmethodes moeilijk kunnen verklaren.WaarderingDe waardering van internetaandelen blijft immers een hachelijke zaak. Zelfs gereputeerde beurshuizen moeten toegeven dat de waardering eerder een kunst dan een wetenschap is. Traditionele waarderingsmaatstaven zoals koers/winstverhouding en Dividend Discount Modellen kunnen niet toegepast worden bij gebrek aan winstcijfers, laat staan dividenden. Noodgedwongen schakelt men over op marktkapitalisatieomzet (of koers/omzet per aandeel) verhoudingen. Bij bepaalde categorieën internetbedrijven worden aanvullende ratios gebruikt: bij portaalsites gebruikt men marktkapitalisatie op aantal pageviews, bij on-linebeurshuizen marktkapitalisatie in verhouding tot het aantal rekeningen en bij ISPs market cap/aantal klanten. Probleem met internetaandelen is dat ze zo volatiel zijn en dat fundamentele gegevens zo snel wijzigen dat voor de gebruikte ratios ook nauwelijks algemeen aanvaarde richtcijfers bestaan. Ratios worden dus enkel op een bepaald ogenblik vergeleken met gelijkaardige bedrijven in de sector. Zo worden tevens vervelende vragen over de waardering van de sector in zijn geheel wijselijk omzeild. Internetaandelen worden echter vooral beoordeeld op niet-kwantificeerbare karakteristieken. Analisten beoordelen bijvoorbeeld of het bedrijf een pionier en trendsetter is in zijn sector, voldoende marketinggericht is, gemakkelijk nieuwe activiteiten kan inbouwen in zijn businessmodel en of het management voldoende visie heeft. Het mag duidelijk zijn dat de evaluatie van deze criteria en hieruit een verantwoorde koers distilleren geen sinecure is.De huidige waarderingen van Europese internetaandelen zijn hoe dan ook hallucinant. Terra Networks bijvoorbeeld is door de koersexplosie sinds de introductie in november 1999 momenteel het derde grootste beursgenoteerde bedrijf van Spanje met een beurskapitalisatie van bijna 40 miljard euro. Hiermee is het verlieslatende bedrijf groter dan Banco Santander Central Hispanico, de grootste bank van Spanje, die het voorbije jaar naar verwachting meer dan 1,5 miljard euro winst behaalde. In Italië benadert de beurskapitalisatie van Tiscali die van de industriële gigant Fiat. Naast de hoge verwachtingen die beleggers koesteren omtrent internetaandelen is het aanbod ervan momenteel gewoon te klein om de internethonger van de Europeanen te kunnen stillen. Bij de meeste internetbedrijven wordt slechts een klein gedeelte van hun aandelen naar de beurs gebracht. Telefonica bezit bijvoorbeeld nog steeds 70 procent van Terra Networks, terwijl Dixons nog 80 procent van Freeserve in handen heeft. Het is nog maar de vraag of de stroom van beursintroducties die dit jaar verwacht wordt, met daarbij enkele grotere zoals T-online, dochter van Deutsche Telekom en de grootste ISP van Europa, deze honger zal kunnen stillen. Anderen verwachten dat de internetzeepbel zal aanhouden tot duidelijke groeivertragingen en/of gemiste verwachtingen opduiken. Op dat moment zal het de daling van de vraag zijn die de markt opnieuw in evenwicht brengt. Koen WUYTS