Advertentie
Advertentie

Fed en ECB zingen in koor

Zowel de Federal Reserve als de Europese Centrale Bank beslisten afgelopen week tot een renteverstrakking met 25 basispunten. Opluchting dat de ECB niet achterbleef, tilde de euro donderdag tijdelijk naar niveaus dichtbij de dollarpariteit. Ook tegenover het Britse pond werd vooruitgang geboekt, en wel van 0,5985 tot 0,6250. Volgende week wordt het uitkijken of de Bank of England de monetaire rem eveneens verder induwt. In het Verre Oosten kreeg de yen tegenwind van dollar en euro. De Scandinavische munten bereikten nieuwe toppen.A pure coincidence, zo becommentarieerde ECB-voorzitter Wim Duisenberg donderdagmiddag het feit dat zowel de Europese centrale bank als de Federal Reserve de rente deze week hebben verhoogd met 25 basispunten. Dat er geen onderlinge afspraken werden gemaakt, is heel goed denkbaar, maar dat de ECB bij haar beslissing helemaal geen rekening heeft gehouden met de Amerikaanse zet van een dag eerder, wordt door vele marktparticipanten al veel moeilijker geslikt. De druk op de schouders van de EMU-bank was immers immens groot, en niets doen zou een nog grotere bedreiging hebben gevormd voor de euro. Duisenberg maakte er trouwens geen geheim van dat de officiële renteverhoging ten dele werd doorgevoerd omwille van de zwakke eenheidsmunt.Initieel kon men de monetaire operatie van de ECB alleszins een succes noemen, want donderdagavond noteerde de euro reeds op een boogscheut van de dollarpariteit (top rond 0,9950), daar waar in de dagen ervoor nog een inzinking tot 0,9665 werd gezien. De hamvraag is echter of deze krachtige opstoot het begin vormt van een duurzame hausse in het verloop van 2000, of daarentegen niet meer voorstelt dan een kortstondige opflakkering. De terugval op vrijdag tot beneden 0,98 was mogelijk reeds een teken aan de wand. Veel is er per saldo deze week immers niet veranderd voor de EMU-munt tegenover de dollar, want het officiële renteverschil met de Amerikaanse Fed fundsrente blijft vastgeroest op 250 basispunten. Verder blijft de euro kampen met interne strubbelingen en onzekerheden in de eurozone, en tijdens de voorbije week kwam er nog zo'n probleem bij. Het feit dat de Oostenrijkse extreem-rechtse Vrijheidspartij (FPO) van de omstreden Jörg Haider in een regering stapt met de blauwe Volkspartij (ÖVP), zet in de andere lidstaten van euroland kwaad bloed. Iets meer dan een jaar nadat de EMU met luide trom werd ingehuldigd, dreigt er aldus reeds interne verdeeldheid te ontstaan en een isolement van Oostenrijk. Het spreekt voor zich dat een en ander de populariteit van de jonge euro op termijn verder kan ondermijnen.Een andere bedreiging voor de euro blijft de aanhoudend sterke conjunctuur in de VS. Dit werd deze week eens temeer onderstreept door de publicatie van de index van voorlopende indicatoren van december (+0,4% op maandbasis), de fabrieksbestellingen in dezelfde maand (+3,3% maand-op-maand) en last but not least het tewerkstellingsrapport van januari (jobcreatie van 387.000 eenheden). Het is dus meteen duidelijk dat de Federal Reserve woensdag niet voluit ging toen zij de VS-rente slechts verhoogde met een kwart procent tot 5,75 procent. Toch volstaat dit voorlopig om de obligatiemarkten enigszins tot rust te brengen. De Amerikaanse rente op 10 jaar daalde zelfs tijdelijk tot circa 6,35 procent, vergeleken met nog 6,8 procent een paar weken eerder. Als de resem sterke fundamentals aanhoudt, zal de anticipatie op verdere renteverhogingen echter snel terugkeren en ook de dollar opnieuw vleugels geven. In deze context wordt het volgende week uitkijken naar het productiviteitsrapport van het vierde kwartaal van '99. De consensusvoorspelling gaat uit van een geannualiseerde toename met 4,2 procent. Een lager cijfer zou de poppetjes wellicht weer snel aan het dansen brengen op de obligatiemarkten.In de komende week is de Bank of England mogelijk weer aan zet. Gezien de sterke Britse economie wordt donderdag wel degelijk rekening gehouden met een verdere renteverstrakking tot 6 procent. Geen wonder dat sterling dezer dagen sterk blijft scoren. Begin deze week triomfeerde het pond nog op een nieuw hoogtepunt op 0,5985 per euro, maar nadien beet de eenheidsmunt vrij hard terug tot niveaus rond 0,6250. Tegenover de dollar viel de Britse munt daarentegen volledig uit de toon, en bereikte met 1,5835 zelfs het laagste peil sinds juli '99.Ook de dollarbroertjes uit Canada en Australië werden tijdens de voorbije dagen getracteerd op extra rentesteun, respectievelijk met 25 tot 5,25 procent en met 50 basispunten tot 5,50 procent. Dankzij de groter dan algemeen verwachte Australische zet, kon de Aussie wat afstand nemen van het dieptepunt van eerder deze week op 0,6230, het laagste peil sinds april '99. De Canadese dollar reageerde eveneens positief op de hogere rente en verstevigde nadien van 1,4540 tot 1,4355 tegenover de greenback. De Kiwi-dollar uit Nieuw-Zeeland blijft relatief gezien het zwakst en deprecieerde in het begin van de week zelfs tijdelijk tot 0,4850, een niveau dat sinds augustus '98 niet meer werd gezien.Tot donderdag had ook de Japanse yen het moeilijk, en dreef even af tot 109 per dollar. De ECB-beslissing bracht nadien echter wat soelaas en duwde de verhouding dollar/yen terug naar nagenoeg 107. De cross-rate euro/yen zat daarentegen in de lift en steeg tot 106,65. De Japanse economie blijft opvallend zwak scoren. In december liep de werkloosheidsgraad verder op tot een voor Japan historisch hoge 4,6 procent, en de voorlopende conjunctuurindex viel in dezelfde maand scherp terug van 70 tot 50 punten.Weliswaar met wat vertraging volgde ook de Zweedse Riksbank vrijdag de ECB-rentebeslissing op. Zweden is een conjuncturele hoogvlieger in Europa. Zowel de consumptie als de industrie draaien op volle toeren. In november stegen de kleinhandelsverkopen liefst met 7,2 procent jaar-op-jaar, terwijl de industriële orders in dezelfde maand zelfs 13,8 procent hoger lagen dan een jaar eerder. De Zweedse kroon plukt hiervan de vruchten, en bereikte eind deze week nog een nieuwe top op 8,4550 per euro. Buurland Noorwegen kan eveneens prat gaan op een sterke munt. De cross-rate euro/kroon stevende deze week eveneens af op een nooit eerder gezien dieptepunt vlakbij de kaap van 8. De dure olieprijs rond het niveau van 26,5 dollar per vat blijft de perfecte brandstof voor de Noorse munt. CF