Advertentie
Advertentie

Femme Fatale

Ik wou een typisch film-noirgegeven in een compleet nieuwe context plaatsen, legt Brian de Palma de motivatie en het basisidee voor zijn nieuwe film uit. Dat typische film-noirgegeven is, zoals de titel al laat vermoeden, de femme fatale, de gruwelijk aantrekkelijke maar levensgevaarlijke vrouw die zich een weg door dit tranendal baant door middel van een cocktail van manipulatie en bedrog. Bij voorkeur van niets vermoedende mannen die de indruk hebben dat zij alles onder controle hebben maar aan het eind van de rit de beschamende en vernederende waarheid onder ogen moeten zien. Femme Fatale begint niet voor niets met een scène van de film noir bij uitstek, Billy Wilders Double Indemnity, waarin Barbara Stanwyk met haar zwoele stem zucht dat ze a bad bad girl is, rotten to the heart. Halverwege de film zal Rebecca Romijn-Stamos die woorden overigens nog eens letterlijk herhalen. Zij speelt Laure Ash, een bloedmooie maar volstrekt onbetrouwbare vrouw die haar collega-overvallers een loer draait en er met de buit van een juwelenroof vandoor gaat. De enige vraag die haar op dat moment nog bezig houdt is hoe ze aan de wraak van haar bedrogen handlangers kan ontkomen. Die kans ziet ze wanneer ze per toeval in het leven van een dubbelgangster terecht komt en besluit om de identiteit van haar look-alike over te nemen. Maar zeven jaar later brengt het lot haar toch nog in een zeer benarde situatie. De compleet nieuwe context waarin De Palma dat noirpersonage situeert, kunnen we hier niet uitleggen omdat het nauw verbonden is met de centrale gimmick waar de film rond draait. Met een beetje oog voor de details kan je wel vermoeden hoe de vork in de steel zit, maar we laten het plezier van de ontdekking toch liever aan uzelf. Net als Snake Eyes en Mission Impossible is Femme Fatale namelijk in de eerste plaats een puzzelverhaal, wat meteen ook zijn grote troef en zijn grote zwakte is. De Palma heeft al eerder bewezen dat hij als geen ander de kijker bij de neus kan nemen en hem door een labyrint sturen waarvan hij alleen de uitgang kent, en ook hier wijdt hij zich met duivels genoegen aan zijn taak. Dubbele identiteiten, vertrouwen en verraad, de onbetrouwbaarheid van informatie (ook als je ooggetuige bent), de subjectiviteit van het begrip waarheid, het zijn onderwerpen die in elke De Palma terugkomen en die ook in Femme Fatale de bouwstenen van het verhaal vormen. Anderzijds concentreert de cineast zich zodanig op de puzzelstructuur die hij met alle middelen voor het oog van de kijker openvouwt dat de figuren die erin rondlopen nauwelijks enige kleur krijgen. Sexy Rebecca Romijn-Stamos kwijt zich met veel bravoure (en een stel bodemloze ogen/parmantige borsten/eindeloze benen) van haar taak als über-verleidster, Antonio Banderas legt een soort aangename speelsheid aan de dag als de fotograaf die zich laat meeslepen in Romijns web van leugens en de Franse acteur Eriq Ebouaney heeft genoeg aan de paar scènes om een serieuze dreiging uit te stralen. Maar het is niet dat je ook maar één ogenblik iets om die personages geeft. Bovendien glijdt Femme Fatale van de ene (welsiwaar knappe) scène naar de andere, zonder zich veel zorgen te maken om de geloofwaardigheid of logica die erachter steekt. Gezien de opzet van de film kunnen we die stijl in de tweede helft nog goedpraten, maar De Palma doet het vanaf de eerste minuut. Op de duur krijg je bijna de indruk dat je naar iets van de Italiaanse horrormeester Dario Argento zit te kijken, een man die een hele carrière gemaakt heeft van films vol briljante visuele ideeën maar zonder enige geloofwaardige samenhang. Maar als je dat gegeven in het achterhoofd houdt en je puur op de virtuositeit van De Palmas cinema focust, valt aan Femme Fatale veel plezier te beleven. Ook bij een tweede of derde visie.Van Brian de PalmaMet Rebecca Romijn-Stamos, Antonio Banderas, Eriq Ebouaney, Peter Coyote, Gregg Henry, Eduard Montoute, Thierry FrémontSamsaraEen adelaar (niet meteen het beste staaltje computeranimatie dat we de laatste tijd gezien hebben, maar soit) zweeft boven de besneeuwde bergtoppen. Met de steen die hij in zijn klauwen draagt, doodt hij een geit. Oude mannen kijken naar de lucht en strelen een jongetje over zijn kale kopje. Dat allemaal begeleid door langgerekt zoemende muziek. Samsara laat ons van bij het begin weten in welke wereld deze film zich afspeelt. Het hoofdpersonage is een Tibetaanse monnik, Tashi, die als geen ander de ascetische zelfdiscipline verpersoonlijkt. Dit is een man die drie jaar lang in een afgelegen grot gemediteerd heeft, tot zijn lichaam bijna verstard is geraakt in zijn bezinningspose. Tashis leven staat volledig in het teken van de ultieme wijsheid die hij nastreeft, en die vragen omvat als Hoe voorkom je dat een druppel water opdroogt? Maar een monnik is ook maar een mens, en die kant van het leven laat zich niet zomaar opzijschuiven ten voordele van de volstrekte geestelijkheid. Tashi wordt wakker met een stevige erectie, voelt zijn liezen jubelen als hij een mooi meisje voorbij ziet rijden, en het spel zit op de wagen. Waar is de beloofde voldoening van het celibataire bestaan? vraagt hij zich meer dan terecht af en hij besluit om de wijde wereld in te trekken op zoek naar antwoorden. De vragen die Samsara stelt, zijn even simpel als essentieel, en regisseur Pan Nalin formuleert zijn antwoorden in de vorm van een amusante en verrassend erotisch getinte fabel. De avonturen van de naïeve Tashi in de mensenwereld zoals u en ik die kennen (en die ook in Tibet stilaan overmeesterd wordt door het kapitalistische denken) draaien in de eerste plaats om vleselijke geneugten, en daar hoort seksualiteit natuurlijk ook bij. Hoe mooi en flexibel zijn geliefde ook is, met het verstrijken van de jaren flakkert Tashis vlam steeds minder hoog op. Zijn queeste begint bij nobele en pure emoties als liefde en eerlijkheid, maar het duurt niet lang voor die medailles hun keerzijde (respectievelijk begeerte en hebzucht) laten zien. Het is voor ons gewone mensen vaak al verwarrend genoeg, laat staan voor een Tibetaanse monnik die zijn hele leven enkel de binnenkant van kloosters, grotten en zijn eigen oogleden heeft gezien. Samsara doet zijn verhaal aan een typisch Zen-tempo, wat betekent dat hij het niet bij energieke opwinding zoekt, maar hij legt zoveel elegantie en humor aan de dag dat je toch in een trance komt. En wat het antwoord op Tashis waterdruppelvraag betreft: je voorkomt dat hij opdroogt door hem in zee te gooien. Denk daar maar eens over na.Van Pan NalinMet Shawn Ku, Christy Chung, Neelesha Bavora, Tenzin Tashi, Jamayang Jinpa, Sherab Sangey, Kelsang TashiOut ColdIn de Amerikaanse komedie Out Cold vriezen personages met hun jongeheer vast in het afvoergat van een openluchtbubbelbad, worden ze wakker terwijl een ijsbeer voorgenoemde jongeheer (niet in een bubbelbad maar wel ingezouten) aflikt, glijden ze als tijdverdrijf in hun blote kont en met een volle pint een sneeuwhelling af, dromen ze van skiliften vol dames in bikini en zoeken ze hun kicks in anonieme lesbische chatrooms (zonder te weten dat de persoon aan het andere klavier ook een man is). Om maar te zeggen dat subtiliteit niet meteen de troefkaart is waarmee de regisseurs, die zich The Malloys noemen, het publiek voor zich willen winnen. Neen, zij spelen voluit de kaart van de onderbroekenlol, en omdat ze het doorgaans met zo weinig pretentie doen, ga je nog een eind mee in hun fratsen ook. De personages die zich aan die dwaze geinigheden overleveren, dragen het hart namelijk op de juiste plaats. De berg in Alaska waar ze wonen en die hen zo lief is, dreigt immers verkocht te worden aan een onuitstaanbare zakenman (naam: John Majors, gespeeld door Bionische Man Lee Majors). Die heeft op zijn beurt dan weer plannen om hun thuisstadje Bull Mountain een facelift te geven en om te kneden tot een gebruiksvriendelijk maar volstrekt zielloos toeristenoord. Dat kunnen de vrienden niet over hun kant laten gaan en ze smeden antiglobalistische plannen. Out Cold is te dwaas voor woorden en meer geschikt voor licht beschonken video-avondjes dan voor een avondje bioscoop. Tenzij u een cinema kent waar u pint of joint mee in de zaal mag nemen, natuurlijk.Van The MalloysMet Jason London, Lee Majors, Willie Garson, Zach Galifianakis, David Koechner, Flex Alexander, A.J. Cook, Caroline Dhavernas, Derek Hamilton, Victoria SilvstedtSamouraïsIn het milieu van de martial-artsfilms is de Japanse acteur/karate-expert Yasuaki Kurata een levende legende. De man begon zijn carrière al ten tijde van Bruce Lee en heeft er intussen een paar dozijn gevechtfilms op zitten, vaak geregisseerd door de groten uit het genre, zoals Yuen Woo-Ping en Sammo Hung. Ik kan me voorstellen dat hij opgetogen moet zijn geweest dat hij in navolging van collegas als Jackie Chan, Chow Yun-Fat en Jet Li eindelijk ook zijn kans kreeg om zijn onmiskenbare talenten te demonstreren in een westerse film. Of hij daar nu nog zo blij mee is, durven we ten zeerste te betwijfelen. Het westerse project in kwestie, Samouraïs, slaat immers nergens op. Debuterend regisseur Giordano Gederlini zal wel een fan van martial arts zijn, maar enthousiasme op zich schiet deerlijk tekort in een genre dat als geen ander frisse ideeën nodig heeft om enigszins interessant te blijven. De enige vondst die Gederlini wist te verzinnen, was om de oosterlingen naar Frankrijk te halen en daar hun bovennatuurlijk getinte knokpartijen te herhalen. Aangevuld (en we gruwen nog steeds na) met een stevige dosis typisch Franse humor. De mens die daarvoor moet zorgen heet Saïd Serrari, heeft met zijn domme smoelen waarschijnlijk ooit zijn neefje aan het lachen gekregen en denkt sindsdien dat hij één wandelende funny bone is. Na vijf minuten in het gezelschap van die kwiet weet je wel beter.Van Giordano GederliniMet Cyril Mourali, Mai Anh Le, Yasuaki Kurata, Saïd Serrari, Dara-Indo Oum, Santi SudarosSamenstelling: Ruben NOLLETEerste zit, tweede visie in de Leuvense Studio-bioscopen, met deze week onder meer L.A. Confidential, Italian for Beginners en O Brother Where Art Thou?. Meer inlichtingen: 016/300 700. De release van Femme Fatale is voor het Brusselse Filmmuseum de gedroomde gelegenheid om andere de Palmas nog eens van onder het stof te halen. Ons niet gelaten. Deze week zijn dat onder andere Scarface (wo 19/6), Body Double (do 20/6) en Casualties of War (za 22/6). Meer info: 02/507 83 84. Bij de collegas in Antwerpen draait het in juni nog steeds rond de weinige kansen die zwarte acteurs in de filmgeschiedenis gekregen hebben. James Earl Jones in Martin Ritts boksfilm The Great White Hope (do 20/6) bijvoorbeeld, Sidney Poitier in Stanley Kramers Guess Whos Coming to Dinner? (vr 21/6) of Dorothy Dandridge in otto premingers Carmen Jones (za 22/6). Meer info: 03/233 85 71 of www.antwerpen.be/cultuur/cvb.