G-Bank en BBL willen in beroep 1,5 miljard frank rekupereren

(tijd) - Voor het hof van beroep van Luik is het beroep begonnen in de zaak rond het faillissement van de papierfabriek Cellulose des Ardennes (CDA). In eerste aanleg werden de Generale Bank, de BBL en Central Hispaño Benelux veroordeeld om een bankwaarborg van 1,776 miljard frank te betalen. De rechtbank verweet de banken bovendien oneerlijkheid en kwade trouw omdat ze zich probeerden te ontrekken aan hun verplichtingen. Niet alleen hun geld maar ook hun eer ligt dus in Luik in de weegschaal.De zaak vindt zijn oorsprong in december 1988, toen de Spaanse papiergroep Torras Papel de kontrole verwierf over de zwalpende Waalse papierproducent Cellulose des Ardennes. Torras nam toen de helft plus één aandeel van de Cellusose-aandelen over van de SRIW via een kapitaalverhoging van 3 miljard frank. Aan de overname was bovendien een investeringsprogramma van initieel 6 miljard frank, maar uiteindelijk 8 miljard frank, gekoppeld. Ondanks de zware financiële last twijfelde niemand aan de haalbaarheid van het ambitieuze projekt, omdat Torras gedeeltelijk tot de Koeweitse investeringsgroep KIO toebehoorde.