Geschiedenis der bedrijfsarchitectuur

Tot een flink stuk in de 19de eeuw werd architectuur voornamelijk voor de kar gespannen van de bourgeoisie, de kerkelijke macht, de museale instanties, civiele werken en academies. Met de opkomst van de beurzen op het einde van de 19de eeuw vond voor het eerst een symbiose plaats tussen commercie en architectuur. Toegegeven, de beurzen leken nog fel op de Griekse en Romeinse tempels van weleer, maar de kentering was onafwendbaar. Niet lang daarna verscheen in Chicago een van de eerste wapenfeiten van de moderne bedrijfsarchitectuur: het Marshall Fields warenhuis (1887) van architect Richardson. Het warenhuis was weliswaar nog fel geïnspireerd door de Italiaanse palazzos uit de Renaissance, maar nieuw was dat een dergelijke architectuur gekoppeld werd aan een commerciële activiteit, de corporate identity leek geboren.Al snel vonden architecten een nieuwe afzetmarkt. Nieuwe materialen zoals staal en beton maakten hoogbouw mogelijk. Efficiëntie en rendabiliteit gingen als vanzelf de nieuwe look van bedrijven bepalen. Ook in Europa waagden steeds meer bedrijven zich aan nieuwbouw. Daarenboven zag het toenmalige moderne bedrijfsleven al in dat de medewerking van creatieve experts bij de planning van hun gebouwen reclame van het hoogste niveau betekende. In Duitsland speelde AEG een voortrekkersrol. Het engageerde in 1907 architect Peter Behrens als artistiek adviseur. Behrens zou verantwoordelijk zijn voor alle toekomstige gebouwen en was tevens vormgever van alle producten van het bedrijf, gaande van lampen over ventilatoren tot brochures. AEG besefte het belang van het gebouw als uithangbord, niet enkel naar buiten maar tevens naar binnen, opdat de werknemers trots zouden kunnen zijn op hun bedrijf.Met het Bauhaus werd deze filosofie verder ontwikkeld en verfijnd. Bedrijfsgebouwen werden voorzien van een precieze, heldere en zakelijke schoonheid dankzij de gedachte dat elk bouwmateriaal - hoe onedel ook - artistieke mogelijkheden in zich droeg. Een van de bedrijfsarchitecturale hoogtepunten tot vandaag is de Seagram Building (1958) in New York van de hand van Ludwig Mies van der Rohe. De architect besliste slechts 50 procent van de site te bebouwen, waardoor in het stratenplan van Manhattan en vlak voor de nieuwe wolkenkrabber een fantastische granieten plaza ontstond. Mies van der Rohe, gesteund door Seagram, bewees met dit gebouw dat een bedrijfsfilosofie verder kan gaan dan het gebouw zelf, ze kan het publiek domein op actieve wijze beïnvloeden. Met actief bedoelen we verdergaan dan het uitstrooien van logos en lichtreclame over de stad. PS