Advertentie
Advertentie

Goeroe

Ze kan zingen, en dat hebben de mensen graag. De cijfers liegen er niet om. Haar debuut alleen al was goed voor 20 miljoen verkochte exemplaren. Ondertussen zijn we 15 jaar later. Ze heeft nu zes Grammy Awards. Haar oeuvre telt niet veel meer dan 4 full cds, maar haar best-of is goed voor meer dan dertig titels waarvan er twaalf wereldwijd op nummer één belandden en nog tien andere overal de toptien haalden. Haar slows spelen in discotheken en op trouwfeesten, voor jong en oud, blank en zwart, Amerikaan en West-Vlaming. Whitney Houston is de top van de mondiale popmuziek, een levende klassieker, een moderne diva.Whitney, The Greatest Hits levert het bewijs: 21 videoclips bij evenveel hits die elke doorsnee radioluisteraar onmiddellijk kan meeneuriën. In de loop van de jaren is er niet veel veranderd. Ze is negentien als ze haar tv-debuut maakt in the Merv Griffin Show. Haar stem staat al als een huis, aan de techniek moet nog worden geschaafd. Vier jaar later bewijst ze haar professionalisme: tijdens de uitreiking van de Grammy Awards doet ze iedereen kippenvel krijgen met haar perfecte uitvoering van One Moment in Time. Het is haar intrede in de galerij der groten, bij Lena Horne, Aretha Franklin en Shirley Bassey. Via de hymne voor de Olympische Spelen is het ook haar intrede in de officiële cultuur. Twee jaar later doet ze er nog een schep bovenop als ze midden in de Golfoorlog in een overvol sportstadion live het Amerikaanse volkslied brengt. Soulballad, dancehit, Disneysong, hymne, Houston zingt alles wat het publiek maar wil, en wat haar platenbaas Clive Davis vraagt. Zijn criterium, zoals hij het op de pas verschenen dvd in geuren en in kleuren uiteenzet, is de rilling langs de rug. Vandaar dat zijn protégee er in elke song voor gaat. Geen virtuoze stembuiging, lang aangehouden toon of overbodige verfraaiing is haar te veel. Met haar krachtige stem verandert ze Dolly Partons meest intieme en broze song (I Will Always Love You) in een suikertaart vol pathos en bombast. Met haar routineuze techniciteit buigt ze de doorleefde soul van Chaka Khan (Im Every Woman) om tot steriele shoppingmall-muzak.Zo zelfverzekerd en soepel haar stem, zo voorzichtig haar fysieke présence. Houston kan niet dansen. In de videos en op het podium komt ze niet veel verder dan wat bescheiden geheupwieg en het obligate gearmwiek. De choreografieën laat ze aan anderen over, zelf houdt ze het voornamelijk bij veel gestap en gehuppel, in de montage handig tot een dansje aan elkaar geplakt. Ze komt pas tot leven als ze het lied aanheft. Ze is de ijskoningin die de poolkappen doet smelten met haar stem. Ze is alles wat Madonna niet is: statisch, preuts en echt.Houston speelt geen saaie verschijning, ze is er een. Haar narcisme is de onveranderlijke kern van haar carrière. Ze houdt zichtbaar van de belangstelling van de camera. Haar openlijk geflirt met luxe geeft het voorbeeld voor een nieuwe generatie. Dure merkkledij, onbetaalbare sportwagens, the lifestyle of the rich and famous: het bezorgt haar een prominente plaats in de platencollectie van Patrick American Psycho Bates die haar overgeproduceerde, lees: overgecontroleerde producties graag oplegt als soundtrack bij zijn moordende uitspattingen. Als tegenwoordig elke prominente R&B-ster genre Mariah Carey zowat de hele Gucci-catalogus etaleert, hebben ze dat zeker van La Houston geleerd. En zij claimt de laatste tijd zelf de plaats die haar toekomt.Dat er iets verandert, is duidelijk merkbaar in de nieuwste clips die allemaal uit haar meest recente full-cd stammen. Op My Love is Your Love klinkt en oogt ze voor het eerst in haar loopbaan jong en levendig. Houston zal wel altijd gepolijst werk afleveren dat ook dit keer het bestudeerde product is van een batterij songschrijvers en producers, die onder supervisie van manager Davis haar sterrendom profileren. Maar het vergelijkingspunt is niet langer Céline Dion, ze vindt nu eindelijk aansluiting bij de jonge garde in samenwerkingen met Lauren Hill en Miss Misdemeanor Elliot. Haar protserige jurken in eighties-snit en haar afrokapsel zijn verdwenen. En ze zingt niet meer zo goed. Misschien beginnen de drugs- en relatieproblemen hun tol te eisen, haar stem klinkt nu alleszins broeierig, cool en funky, eindelijk doorvoeld en ingehouden. Eigenlijk is het dat wat haar nu onderscheidt van haar jeugdige concurrenten die de technische perfectie in de digitale opnamestudio hebben ontdekt. De stemmen van TLC en Destinys Child worden via de computer op maat gesneden van de spectaculaire elektronische microritmes die geen echte drummer meer spelen kan. Vergelijk de videoclip bij Love Dont Cost A Thing van Jennifer Lopez (dezer dagen onophoudelijk op MTV) met die bij My Love is Your Love van Houston (de titelsong van de laatste cd). Lopez begint voor een chique villa in een prijzige wagen en eindigt, nadat ze al haar kostelijke accessoires overboord heeft gegooid, poedelnaakt op het strand. De muziek is artificieel: generische R&B uit de computer van een topproducer. Het beeld is naturel: een vakantiefilmpje in een zonovergoten landschap. Houston zit in een kort filmpje over een stroompanne en een buurtfeest, met decor en figuranten erop en eraan. Het beeld is artificieel: haar look is een kopie van Lauren Hill. De muziek is puur natuur: diepe, melodieuze reggaeritmes voorzien van een meewarige stempartij. Nu ze eindelijk de hippe meid in verschillende gedaanten speelt, hebben de anderen zich vastgebeten in één enkel imago. Nu ze eindelijk de techniek voor het gevoel heeft ingeruild en in zekere zin haar eigen stem heeft gevonden, zweren de anderen bij de digitale perfectie. Het momentum van Whitney Houston is voorbij. Haar platenverkoop zal er niet bij inschieten: een onbenullig duet zoals dat met Enrique Iglesias opent doelbewust de deur naar een nieuwe en omvangrijke Spaanse publieksmarkt. Een product voor de wereldmarkt gaat voorbij aan kwaliteit, dat bewijst zowat haar hele carrière. Haar beste nummer is een ingetogen cover van Robert Wyatts Memories met Archie Shepp op sax. Een kleine parel uit de vroege jaren tachtig zonder videoclip, logischerwijze niet opgenomen in de best-of. Whitney, The Greatest Hits, dvd, BMG/Arista, 2000, tegen de volle prijs in alle platenwinkels en videotheken over de hele wereld, voor een prik op de openlucht zwarte markten van Moskou tot Beijing. Memories staat op de Material-cd One Down uit 1982.Eisenstein meets Dali The History of the Avant-Garde is een videoreeks waarin het British Film Institute werk verzamelt van onafhankelijke filmmakers die met hun radicale en vernieuwende ideeën de grenzen van het medium hebben geëxploreerd. De nieuwste aanwinst vestigt de aandacht op een vergeten periode uit de Britse filmgeschiedenis. Britain in the Thirties focust op Engelse avantgardisten die zich in de jaren twintig lieten inspireren door de bloeiende Russische en Duitse kunstfilm. Het is een compilatie van korte films die al tientallen jaren het daglicht niet meer hebben gezien, onder andere vergeten werk van grote namen als Len Lyle, Hans Richter en zelfs schrijver H.G. Wells, hier als scenarist voor een vreemde komedie. De cassette is het logische vervolg op het eerder verschenen Britain in the Twenties, een periode waarin de filmdurvers hun inspiratie vonden in zowel het realisme als het surrealisme vanop het Europese vasteland. Uitblinkers hier zijn de opdrachtfilms van Len Lyle en van Norman McLaren voor respectievelijk Shell Oil en voor de Post. Historische avant-garde betaald door de reclamesector? Britain in the Twenties en Britain in the Thirties in een uitgave van British Film Institute, 2 VHS-cassettes van elk 80 min. Bestellen via www.bfi.org.uk.Samenstelling: Herman ASSELBERGHS(kader)GoeroeIn de zalen loopt momenteel O Brother, Where Art Thou?, de bitterzoete komedie van de broers Coen waarin zij voor het eerst expliciet een hommage brengen aan hun lichtend voorbeeld, de Amerikaanse filmmaker Preston Sturges. Wie wil weten waar zij de mosterd vandaan halen, kan in de (betere) buurtvideotheek terecht voor volgende Sturges-films:Sullivans Travels, 1942, 90 minEen succesrijk Hollywoodcineast heeft genoeg van zijn eigen entertainment en wil een sociaal pamflet voor de depressiejaren maken. De film zal O Brother, Where Art Thou? heten en de filmmaker trekt als zwerver de baan op om het ware leven te leren kennen. Met veel vallen en opstaan leert hij dat de mensheid misschien eerder op een lach dan op een traan staat te wachten. De Coen-broers hebben de les goed begrepen. The Palm Beach Story, 1942, 88 minEen blut echtpaar gaat aan het scheiden, maar geraakt tijdens omzwervingen in Miami opnieuw op elkaar verliefd. De mercantiele zeden van rijk Amerika krijgen het hard te verduren in een screwballkomedie met de vaart van een sneltrein. De flitsende dialogen verbleken zelfs in het niets bij de begingeneriek die op zich al een heel verhaal vormt waaraan pas in de allerlaatste minuut van de film een einde wordt gebrouwen. The Miracle of Morgans Creek, 1944, 99 minSturges bedacht niet alleen vindingrijke vertelstructuren en verrassende plotwendigen, hij slaagde ook dikwijls in het onmogelijke: de moeilijke combinatie van verbale humor en slapstick. In dit geval gebeurt dat in functie van een anti-Caprasatire op het patriottisme en de seksuele hypocrisie van klein Amerika. De heldin heet Kockenlocker, het is niet de enige voorbode van een reeksbizarre familienamen in het oeuvre van de broers Coen.