Advertentie
Advertentie

Hard labeur in de winterse natuur

In de lente halen veel natuurliefhebbers de boeken opnieuw boven om ter studie te trekken in het wijde veld. En de maaibalken komen pas buiten vanaf ongeveer half juni, om in de zomermaanden gras uit de natuurgebieden weg te maaien. Dit zijn vertrouwde beelden die we ons zo voor de geest kunnen halen. Maar wat doen de natuurmensen zoal in de donkere wintermaanden? Behalve studeren en determineren gaan velen de boer op. Er is werk genoeg in de winter.Vanaf november tot diep in maart kan je mee aan de slag om de natuur te helpen beheren. Soms organiseren natuurverenigingen een beheernamiddag in het natuurgebied dat onder hun hoede staat. Of het gebeurt dat er een heuse Dag van de Natuur tot stand komt, wanneer veel afdelingen samen een aanbod doen om in de buurt te gaan helpen bij beheerwerken. 17 november was zon wervende dag, die past in een jaarlijks weerkerend initiatief. Toen waren op meer dan zeventig plaatsen in Vlaanderen beheeractiviteiten gepland. Een derde formule is een soort nationale oproep om in één bepaald gebied te gaan werken, gedurende een weekend of een week. Bekende natuurbeheerweekends in het circuit zijn onder andere deze van de natuurgebieden Altenbroek in Voeren, de Blankaart in Woumen (Diksmuide) of dat van de Zwart Beek in de buurt van Beringen. Er passeerde ook al veel werkvolk op de weekkampen van het Mechels Broek (Mechelen) of de Doode Bemde (Leuven). Er zijn er nog tientallen andere, en ze lokken veel deelnemers.Ten slotte is er nog een formule die meer gericht is op scholen: het Educatief Natuurbeheer. Hier krijgen de schoolklassen een aanbod dat hen wegwijs maakt in natuurbeheer. Deze activiteit valt uiteen in drie delen. Eerst is er een diavoorstelling die het jonge volkje toont hoe de natuur in elkaar zit. Daarna is er de activiteit op het veld. En maanden na de werkzaamheden volgt er een wandeling om de resultaten te overschouwen. Succes gegarandeerd, zo blijkt. Zelfs prins Filip en prinses Mathilde kwamen al persoonlijk de handen uit de mouwen steken bij zon gelegenheid.KnottenWaaruit bestaat nu dat winterwerk? Het aanbod is erg groot, omdat de verscheidenheid van de natuurgebieden enorm is. Het klassiekste werk is wilgen knotten. De winter is hiervoor de ideale periode, omdat de sapstroom van de bomen nagenoeg stilvalt. Als de takken er dan af gaan, bloeden de stammen niet. Hierdoor overleven ze probleemloos deze drastische ingreep, en kunnen ze opnieuw uitgroeien tot de volgende knotbeurt. De voornaamste reden waarom de zaag in de takken gaat, is voornamelijk het scheuren van de boom tegen te gaan. Als de pruik te zwaar wordt, splijt de boom splijten, waarna hij zo goed als zeker afsterft. Typisch voor oudere wilgenbomen is dat ze beginnen te vermolmen. Het binnenweefsel rot, en alleen de buitenkant van de boom blijft overeind. Als de kruin te zwaar uitgroeit, kan de holle stam dat gewicht niet meer torsen.Bomen kappen, is een andere belangrijke activiteit. Dit gebeurt vaak in armere milieus, om bijvoorbeeld de heide gaaf te houden. Bomen kappen in het bos en ze uitslepen, gebeurt meestal ook in de winter. Als ze kaprijp zijn, mogen ze eruit, waarna een nieuwe generatie de fakkel mag overnemen. Door de zachte winters van de voorbije jaren is dit soms wel een probleem, omdat de bodem te nat is. Om de bodem zo weinig mogelijk te beschadigen, is het beter dat het stevig vriest tijdens de rooiingswerken. Als het lang zacht blijft, moet echter toch worden gekapt, met risico op ernstige bodembeschadiging. Het ecologische herstel kan dan lange tijd aanslepen, of en soms haalt de biologische kwaliteit niet meer het niveau van voor de ingreep.Een andere reden om volwassen bomen om te leggen, is de vrijstelling van grote waterpartijen. In het verleden plantten heel wat eigenaars van vijvers grote bomen op de oevers. Dit kon een puur esthetische reden hebben, de combinatie van water en bomen heeft wel wat, en niet alleen voor romantische of melancholische zielen. Of er was een praktische invalshoek: de bomen konden dienst doen als oeverversteviging. Tegenwoordig zijn de inzichten ter zake wel wat geëvolueerd. Op vele plaatsen viel het op dat kraaien en eksters de bomen gebruikten als uitkijkpost om de watervogels van bovenaf te belagen. Tegelijk bleken bepaalde eendensoorten weg te blijven van sommige plassen. Onderzoek wees uit dat door de hoog opschietende bomen, de aanvliegroute voor deze watervogels niet meer interessant was. Landen en opstijgen gebeuren bij de eendachtigen nu eenmaal niet volgens het hefschroefprincipe. Daardoor zijn lange in- en uitvliegroutes noodzakelijk. Intussen werden veel waterpartijen ontdaan van (delen van) hun hoge oeverbegroeiing. En de eendensoorten kwamen terug, terwijl de predatiedruk duidelijk verminderde. Een bijkomend voordeel was dat het vijverwater meer licht en warmte kon ontvangen, wat het leven erin stimuleerde.HakkenEen variant op bomen kappen, is het hakhoutbeheer. Daarbij worden de meeste houtachtige gewassen tot iets boven de grond afgezet, waarna ze opnieuw kunnen uitschieten. Dit levert een dynamische cyclus op in de percelen. Door de plotse, massale lichtinval kunnen de kruidachtige planten zich explosief ontwikkelen, samen met de lichtminnende boom- en struiksoorten. Naarmate de kruinen opnieuw dicht gaan, zullen de sterkste individuen het halen, en kunnen ook de schaduwverdragende planten zich opnieuw handhaven. Zowat tien jaar na de kapping begint het verhaal opnieuw.Doordat de sterkste spontane schietlingen mogen overleven, komt een natuurlijkere bosontwikkeling tot stand. Op termijn krijg je dan volwaardige, sterke bomen, die als ruwbouw van het bos dienen. Hakhoutbeheer was in het verleden een typische activiteit in bosjes nabij boerendorpen. Veel bewoners kwamen zo aan goedkoop brand- en geriefhout. Natuurbewegingen nemen dit beheer dus gewoon over. Het hout vindt nu meestal zijn weg naar geïnteresseerden met een open haard of houtkachel. In andere gevallen komt het terecht op houtmijten. Dat zijn dan ideale schuil-, nest- of groeiplaatsen voor onder andere egels, marterachtigen, allerlei vogels, zwammen of insectensoorten.Nog een veelvoorkomende vorm van winterwerk is afsluitingen herstellen. Koeien kunnen ingezet worden als levende gra(a)smachines, maar mogen meestal slechts op bepaalde percelen grazen. Hiervoor moeten ze in een raster lopen. Herstellingen hieraan, of nieuwe percelen in een begrazingsblok opnemen, maken arbeid aan afspanningen noodzakelijk. In grote gebieden zijn deze tot enkele kilometers lang. Daarvoor kan je best wat mensen optrommelen. Als de leuze vele handen maken het werk licht ergens opgaat, is het hier wel.Wanneer heidegebieden te maken krijgen met de oprukkende vergrassing, door vermesting en/of verzuring van de gronden, kunnen grazers deze uit de hand lopende spiraal soms niet meer de baas. Als het heide-ecosysteem hierdoor dreigt verloren te gaan, is er nog een soort noodrem: plaggen. Daarbij schraapt een schop of een speciale machine de bovenste grondlaag af. Dit werk moet erg secuur uitgevoerd worden. In Nederland wordt wel eens over grotere oppervlakken geplagd omdat het daar wat meer ingeburgerd is. Op sommige, weliswaar kleinere percelen gebeurt het beter met de hand, vanwege de te kwetsbare (natte) bodem. Op de ideale diepte plaggen is erg moeilijk, omdat het soms op een centimeter aankomt. Plag je te diep, dan verdwijnt de zaadbank, waardoor de nieuwe (heide)plantjes niet kunnen kiemen. Gebeurt het plagwerk niet diep genoeg, dan halen de gras- en distelzaden toch nog de bovenhand waardoor de eveneens opkomende heideplanten een smadelijke verstikkingsdood sterven. Bovendien is deze activiteit erg arbeidsintensief en dus vreselijk duur.Ook riet maaien, gebeurt vaak in de winter. Je kunt dit ook in de zomer doen, maar het resultaat verschilt sterk. In de zomer is het de bedoeling het riet te dunnen opdat er meer licht in de groeiplaatsen komt en andere planten ook kansen krijgen. Voor sommige ecotooptypes kan dit aangewezen zijn. Op andere plaatsen kan het probleem rijzen dat het riet te dun groeit. Het is bijvoorbeeld te oud, en er vindt om allerlei redenen geen verjonging plaats. Een interessante remedie hiertegen is maaien in de winter, waardoor de rietmat verdicht. Dit maaiwerk gebeurt het best wanneer er een voldoende dikke ijslaag ligt. Dan kunnen de machines erover rijden en/of de mensen erover stappen zonder de bodem te beschadigen. Een ander voordeel is dat het oude riet wordt afgemaaid boven de waterspiegel. Dit is absoluut noodzakelijk wil het voldoende levenskansen krijgen. Maai riet onder de waterspiegel, en het zal een jammerlijke verdrinkingsdood sterven, net als bijvoorbeeld ook distels overigens. Holle rietstengels zorgen voor toevoer van zuurstof, vooral in de ondergrondse plantendelen. Als deze vol water lopen, treedt verstikking op.Natuurbeheer is een jaarbeheer. In de zomer gaat de meeste arbeidstijd naar maaien, inventariseren, monitoren... Veel vrijwilligers en professionelen in de sector zijn dus alle dagen in het getouw om de natuur kansen te geven. Hopelijk is dit een voldoende garantie voor het overleven van de belangrijkste ecologische waarden in de zuinig toegemeten open ruimte die ons nog rest.