Harino : Japanse beurs is niet overgewaardeerd

BRUSSEL (tijd) - Een gesprek met Takashi Harino kan bijna niet, zonder dat ook de Japanse beurs ter sprake komt. Een beurs waarvan hij zegt dat er geen bewijzen voor bestaan dat ze te hoog gewaardeerd zou zijn vergeleken met andere beurzen. "In Japan bestaan er nu veel kruisparticipaties. Deze zullen niet verdwijnen, maar zullen wel aan belang inboeten. Een belangrijk element hierbij is dat financiële instellingen, zoals bijvoorbeeld verzekeringen die er sinds oudsher geen graten in zagen lang vast te houden aan een bepaald aandeel, hun houding zullen veranderen. Omdat de prestatie van hun portefeuille almaar belangrijker wordt. Hun kliënten diwngen hen om almaar betere produkten te ontwikkelen, met andere woorden goedkopere en betere produkten, met lagere winstmarges. Vandaar de noodzaak van een beter rendement op de eigen portefeuille om deze lagere winstmarges op te vangen.' "Het is niet zeker dat dit een merkbaar effekt zal laten hebben op de aandelenmarkt. Er blijft vers geld naar de beurs toestromen, mede onder impuls van de geleidelijke afbouw van de vooral voor openbare instellingen bestaande strenge investeringsbeperkingen. Op dit ogenblik hebben we te maken met een schaarste van aandelen. Elk bijkomend aanbod is welkom.' "De koers/winst- ratio is een maatstaf die in de VS ontwikkeld werd en die ook aangepast is aan de Amerikaanse beleggingsomgeving. Japan heeft echter een heel andere sociale en beleggingsomgeving. Cruciaal is bijvoorbeeld de schaarsheid van het land. Eén en ander maakt dat de koers/winst-ratio misschien niet zo geschikt is voor de Japanse beurs. Het verdient aanbeveling om ook andere maatstaven in aanmerking te nemen, zoals prijs tegenover activa (aan boek- of aan intrinsieke waarde), net zoals cash flow belangrijker is dan winst. Zeker is echter dat, voor wat betreft de Japanse beurs, ook al steeg ze de jongste vijf jaar sneller dan andere beurzen, de koersevolutie overeenstemt met de ekonomische evolutie.' Drie angsten "De beurzen van Wall Street en Tokio zijn minder en minder gekorreleerd. Dit belet niet dat de situatie van de VS-ekonomie van belang blijft. Bij het begin van dit jaar vreesde men op de beurs van Tokio vooral drie dingen. Er was inflatievrees, er bestond onrust over de mogelijke gevolgen van de politieke onrust in Japan en er was angst voor handelswrijvingen.' "De onrust over de politieke situatie is weggedeind. Wie er ook aan het hoofd staat van de regering, een ekonomische ommezwaai moet niet verwacht worden, zelfs niet wanneer er een socialistische regering zou komen. Iedereen in Japan beseft immers tenvolle dat het ekonomisch beleid van Japan goed was voor het land.' "Ook de inflatievrees neemt af, naarmate de verwachtingen stijgen dat de zachte landing er in de VS effektief komt. Men zou op het eerste gezicht kunnen denken dat de zwakte van de yen tot invoerinflatie zou leiden. Het effekt ervan wordt echter geheel gekompenseerd door de toename van de arbeidsproduktiviteit in Japan en het beperkt karakter van de loonstijgingen.' "Blijft de vrees voor handelswrijvingen. Deze keer gaat het niet om de beperking van de Japanse uitvoer, maar wel om het openen van de eigen binnenlandse markt. Traditioneel zorgden handelskonflikten ervoor dat de exportwaarden op de beurs verwaarloosd werden. Deze keer zal echter misschien ook en vooral voorzichtig omgesprongen moeten worden met op de binnenlandse markt geöriënteerde waarden.' "In het verleden werd de Japanse beurs vaak gekenmerkt door de triple merits : een daling van de olieprijs, een dalende rente en een stijgende yen. Ik betwijfel dat deze ook in de toekomst vaak aanwezig zullen zijn. Een verschuiving van de marktinteresse kan dan ook verwacht worden. De exportwaarden staan misschien voor een inhaalbeweging. Bij een zwakke yen wordt de Japanse uitvoer alvast erg winstgevend...' >