Advertentie
Advertentie

Het jojo-effect van de oliesector

De globale index met de 32 sectoren die de BBL opvolgt leverde 3,2 procent in gedurende de week die afsloot op 30 november. Door de steile klim van de markten uit het dal van 21 september vrezen de beleggers dat ze al negen weken lang te sterk anticiperen op een herstel dat maar niet komt.In de oliesector verloopt elke week weer anders. De sector stal de voorgaande week nog de show met 8 procent winst, maar moest nu 3,6 procent prijsgeven door de publicatie over de toename van de Amerikaanse voorraden van olieproducten en door de aanhoudende onenigheid tussen de OPEC en Rusland. In deze context werd Total Fina Elf speciaal getroffen (-4,3 procent) omdat het ook de aanpassing van de Morgan Stanley indexen moest verwerken (die indexen hangen nu af van de free float van bedrijven in plaats van de volledige kapitalisatie).Toch waren de groeisectoren de grote verliezers met een daling van gemiddeld 4 procent. De neerwaartse herziening van Nokia voor zijn gsm-verkopen in 2001 kostte het aandeel 8,4 procent en drukte de rest van het segment 7,5 procent lager, waarmee het de slechtste sectorperformance van de afgelopen week neerzette. In dit sombere klimaat hielden de defensieve sectoren relatief goed stand. De grootdistributie ging voort op haar elan en klom 1 procent, voornamelijk gedreven door de Engelse waarden. Zo leverde GUS met maar liefst 13,8 procent de beste prestatie van de week af binnen de sectorindexen van de BBL. Marks & Spencer ging 5,2 procent vooruit.Ook enkele cyclische sectoren haalden sterk uit. Bouwmaterialen stegen met 0,6 procent onder impuls van Heidelberger Zement, dat 12,6 procent won. De Europese Commissie gaf groen licht voor de fusie van Usinor (+4,6 procent), Arbed (+3,3 procent) en Aceralia, waardoor de metaalsector zijn opmars kon doorzetten (+0,6 procent).In de financiële sector moest Dexia bijna 9 procent inleveren, na de publicatie van tegenvallende kwartaalresultaten.