Het onmogelijke mogelijk maken

(tijd) - Met de wet van 29 juni 1983 werd de leerplicht in België fors opgetrokken: van 14 naar 18 jaar. Vóór de verlenging van de leerplicht bleven vele jongeren verstoken van verdere mogelijkheden tot onderwijs en vorming. Voor de meest kansarme jongeren had dit tot gevolg dat zij -zonder getuigschrift- vooral terechtkwamen in laagbetaalde banen, ongeschoolde arbeid en dat hun kans op werkloosheid toenam. Het was de bedoeling die cirkel krachtdadig te doorbreken.Om toch rekening te houden met jongeren die schoolmoe zijn en liever willen werken, werd de deeltijdse leerplicht ingevoerd. Er was vanaf dan sprake van een voltijdse leerplicht tot 16 jaar (of tot 15 jaar voor wie de eerste twee jaren Secundair Onderwijs heeft gevolgd) en een deeltijdse leerplicht tot het einde van het schooljaar waarin de jongere 18 jaar wordt. Speciaal voor jongeren, die kozen voor de deeltijdse leerplicht, werd in 1984 het Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs (DBSO) opgericht.