Het scheppen van aandeelhouderswaarde

Aandeelhouderswaarde, daar komt het op aan. Bedrijven konden dan wel klagen over hun koersevolutie, als ze zich blijven concentreren op het scheppen van waarde voor hun aandeelhouders, dan moet het uiteindelijk met de koers op een bepaald ogenblik toch weer kunnen loslopen. Dat hebben we de voorbije dagen op zeer duidelijke wijze gezien. En ondertussen moeten heel wat beleggers van de laatste jaren veel bijgeleerd hebben. Men leert uiteindelijk (alleen?) uit ervaring. Velen zullen zeggen dat ze een volgende keer dezelfde fouten niet meer zullen maken. Churchill voegde eraan toe dat we een volgende keer andere fouten zullen maken. Omdat de beurs niet in exacte beurswetten te vatten is, zijn er in de toekomst zeker nog voldoende kansen om fouten te maken. Maar dus liefst zo weinig mogelijk.In dat verband zochten we in de jongste uitgave van het memento, voor enkele bedrijven die de jongste tijd in de belangstelling stonden, enkele cijfergegevens op. We vergeleken namelijk de hoogste en de laagste koers van 1994 met koersen van begin deze week. Leerrijk. Zeer leerrijk. Als we zes jaar teruggaan in de tijd, dan schommelden de aangepaste koersen van Fortis tussen een hoogste notering van 8,55 en een laagste van 6,27 euro, als we uiteraard de toenmalige koersen in Belgische frank omrekenen. De aandeelhouders die hun Fortis-aandelen veilig in een koffer hebben opgeborgen en ze er elk jaar alleen maar uithalen om de coupon te knippen, die hadden tegen koersen van 25 euro alles behalve te klagen. Als ze ondertussen de ontvangen coupons herbelegd hadden in dezelfde waarde, dan waren ze nog veel beter af. We kunnen de verkopers dan ook maar onze innige deelneming aanbieden. We wedden dat de kopers eerder te vinden waren bij hen die al Fortis-aandelen in portefeuille hadden. Fortis creëert al enkele decennia op een uitzonderlijke manier aandeelhouderswaarde!In de financiële literatuur zijn er verschillende min of meer ingewikkelde formules om de opgebouwde of afgebroken aandeelhouderswaarde te berekenen. Wij houden het hier simpel en vinden het scheppen of vernietigen van aandeelhouderswaarde uitgedrukt in de beurskoers. Die beurskoers wordt door veel factoren bepaald, waarbij de gestegen rente zeker een sterke invloed heeft gehad in de daling van de noteringen in Brussel in de afgelopen 12 maanden. Los van discussies over oude en nieuwe economie. Maar uiteindelijk zijn het de ondernemingswinsten die over de decennia heen, de beurskoersen zullen bepalen. We gaan weer even in de tijd terug met twee verwante aandelen die de jongste maanden werden afgeslacht: Almanij en KBC. Herrekend komen we voor 1994 wat Almanij betreft uit op een hoogste notering van 21,5 euro en een laagste koers van 17,9 euro. Als we in 1994 zouden hebben gekocht tegen een gemiddelde koers rond 19,5 euro, dan zouden we in 1999 met het dividendrendement op de aankoopprijs de meeste spaarboekhouders jaloers hebben gemaakt. En ondertussen staat de koers dubbel zo hoog en nog altijd onder de boekwaarde! In samengestelde intrest is dat 12 procent per jaar, zonder rekening te houden met de ontvangen dividenden!KBC was tegen de laagste koersen van begin deze week, nog stukken beter als belegging over de laatste zes jaar. Koersen van respectievelijk 8,5 en 6,3 euro. Op die manier is het te begrijpen dat er tegenover elke verkoper nog altijd een aankoper stond! Wat trouwens altijd het geval is. Alleen wordt het te dikwijls vergeten. Zo is Rothschild trouwens rijk geworden. Door aandelen te kopen als niemand ze nog wilde, en ze te verkopen... U begrijpt het wel! Alleszins mochten de resultaten van KBC in 1999 er zijn. En ondertussen wordt deze bankverzekeraar toch uitgebouwd tot een belangrijke marktpartij in Oost-Europa. Wacht tot we daarvan de winsten zullen zien.U verwachtte van mij Brederode? 45 euro en 35,7 euro. Toen begin deze week institutionelen, die ingestapt waren tussen 150 en 200 euro, hun stukken probeerden te dumpen onder de 120 euro, dan was het nog altijd tegen driemaal de gemiddelde koers van 1994! We verhelen niet dat we zelf zenuwachtig werden bij de koersterugval. Waar de schitterende resultaten van Monceau zo snel gepubliceerd werden, vragen we ons af waar de resultaten van Brederode voor 1999 blijven. Wellicht kunnen pas dan de particuliere beleggers die Auximines en Belgo Katanga in portefeuille hebben, een zucht van verlichting slaken. Om aandeelhouderswaarde te creëren volstaat het niet hard te werken, degelijk communiceren hoort erbij. Alleszins liet het artikel in Trends niets negatiefs vermoeden dat zon koersterugval kon doen verklaren. De opleving was dan ook in verhouding: van een laagste koers van 115 euro in twee dagen naar 148 euro of +28,7 procent. Om maar te zeggen dat het snel kan gaan, zowel bergop als bergaf. Alleen weten we nooit vooraf wanneer. Maar dat hoeft geen probleem te zijn als men belegt voor de lange termijn en degelijke aandelen bijhoudt.We kunnen zo nog een hele tijd verder gaan. Vooraleer naar aandelen over te stappen waar aandeelhouderswaarde vernietigd werd, toch vermelden dat zelfs de gemiddelde koers van Sofina zes jaar geleden maar de helft bedroeg van de laagste koersen van de laatste dagen. Als we Sofina zowat beschouwen als een aandeel met de doorsneereturn voor de Brusselse beurs, dan viel het in Brussel al bij al goed mee, rekening houdend met de ondertussen geïncasseerde en herbelegde dividenden.Maar heel wat minder was het bij Union Minière. Hoogste koers in 1994 omgerekend 70 euro en laagste 50. Gemiddeld dus 60. Juist het dubbele van de koers van begin deze week. En over de ondertussen ontvangen dividenden moeten we niet naar huis schrijven. Het was dus hoog tijd dat de heer Vinck orde op zaken kwam stellen. Maar hebt u opgemerkt dat het vertrouwen er nog niet is? Ondanks de fors betere resultaten voor 1999 en de sterk positieve vooruitzichten voor 2000. Ook Union Minière klom, maar minder sterk. De kenners kochten waarschijnlijk nog het meest omdat Union Minière zelf aandelen inkocht en inkoopt. Cfr. het artikel van vorige week in deze krant over de inkoop van eigen aandelen die, nagevolgd, bijna een zekere manier is om het op termijn beter te doen dan het marktgemiddelde.Dan is er nog CFE. In 1994 stond de koers al op 250 euro, een koers die nog altijd niet bereikt is. Op zijn laagst was de notering omgerekend 190 euro, nu slechts bekomen door de speculatie rond het groot belang in Deme. We denken dat de heer Boogmans volgende vrijdag en zaterdag op de happening nog enkele moeilijke ogenblikken te wachten staan. Hij heeft geen schuld aan de waardevernietiging van het verleden. De vraag is of hij zijn talrijke publiek zal kunnen overtuigen dat een bod van 350 euro per aandeel CFE voor Deme slechts een koers kan opleveren die amper boven de 200 euro uitkomt. Met de grootste bouwmaatschappij van het land er gratis en voor niets bovenop! Het is nu hopen op enkele grote en goede contracten in het Verre Oosten om de waarde van Deme nog verder op te drijven. Dan wordt het wachten op een initiatief met Ackermans van Haaren dat ook voor de privé-aandeelhouders waarde creëert. Ondertussen moeten we ons troosten met de wetenschap dat er in Brussel heel wat aandelen zijn die amper tegen 50 of 60 procent van hun intrinsieke waarde noteren. Hoe lang nog? In de eerste plaats komt het op winstcreatie aan. Voorwaarde voor aandeelhouderswaarde!Maar aandeelhouderswaarde komt ook tot stand door betere informatie. Daarom juichen we het initiatief van Delhaize toe om voortaan trimestriële resultaten te publiceren. Wie volgt? RVdE