Het verlangen brandde een eigen zaak te hebben

Sinds 1991 leidt de 42-jarige oud-atleet Bob Verbeeck het sportmarketingbureau CIS-Octagon. Verbeeck nam in 1984 deel aan de Olympische Spelen in Los Angeles en was in 1985 nog Europees kampioen 3.000 meter indoor. CIS adviseert bedrijven op het vlak van sportbusiness en treedt op als organisator van massasport- en topsportevenementen. Verbeecks eerste job had niets te maken met sport: hij was aankoper bij Procter & Gamble.Als 19-jarige atleet trok Verbeeck met een sportbeurs naar de Iowa State University. Verbeeck stopte toen hij 25 was met de atletieksport, maar bleef in de VS om er een academische carrière uit te bouwen. Om zijn studie te betalen zocht hij in 1988 een job, stuurde een 70-tal brieven en kreeg van Procter & Gamble een reactie. Verbeeck kon als aankoper van chemicaliën voor wasmiddelen beginnen. Niet in de VS, maar in Europa. In Strombeek-Bever kwam hij in een team van 13 personen van diverse nationaliteiten. P&G zocht iemand met een Amerikaanse scholing van wie ze dachten dat die goede onderhandelingsvaardigheden had of kon ontwikkelen.Op dat moment organiseerde P&G de aankoop van ingrediënten voor de fabrieken niet meer landelijk maar op continentaal niveau. Ik was international buyer voor Europa, het Midden-Oosten en Afrika. P&G kocht soms 80 tot 90 procent van de capaciteit van chemische bedrijven. Ik had contact met de absolute top en zat daar als broekje van 28 mee rond de tafel, aldus Verbeeck.Onderhandelen is een vorm van competitie. Voelde hij het wedstrijdelement weer boven komen? Ja, maar dan anders, subtieler. Je moet echter ook goed voorbereid zijn en dat is een werk van vele jaren. Er zijn veel paralellen tussen de topsport en het bedrijfsleven. Natuurlijk wilde ik de beste aankoper zijn.In 1991 hield Verbeeck het bij P&G voor bekeken. Een groot nadeel van zijn job was dat hij drie tot vier dagen per week in het vliegtuig zat. En zoals bij zoveel jonge managers bij P&G brandde het verlangen om een eigen zaak te hebben. Bovendien miste ik de sport. In die tijd bestond de term sportmarketing amper. Ik zag wel iets in de sportbusiness - sport is een enorm maatschappelijk gebeuren - en heb er mijn bedrijf rondgebouwd.Wat hij zich vooral herinnert van P&G is dat het een bedrijf is met een heel degelijke professionele structuur en met een hoop capabele mensen die er ook voor gaan. P&G is wat dat betreft een belangrijke leerschool geweest voor hem. Ik leerde er ook dat je je moet omringen met de besten van de besten en hen goed moet motiveren. Maar de teugels moeten strak gespannen zijn. Als je ze loslaat, is dat het einde van je bedrijf. Het is net als bij een atleet: als die een paar maanden minder traint, merk je dat dadelijk. AVP