Indexering van het kadastraal inkomen

(van onze medewerker) (tijd) - Jarenlang heeft de Belgische belastingbetaler gesakkerd dat zijn bedrijfsinkomen dank zij de koppeling van de lonen aan de index weliswaar gevoelig steeg maar door de progressieve personenbelasting almaar zwaarder werd belast. Gelijk had hij. Door nominaal steeds meer te verdienen kwam hij in almaar hogere belastingtarieven terecht. De fiskale hervormingswet van 7 december 1988 (artikel 8) heeft de automatische indexering ingevoerd voor alle vaste bedragen in de personenbelasting vanaf aanslagjaar 1991 (artikel 39, 3 van dezelfde wet). Dat betekent dat fiskaal aftrekbare bedragen zoals levensverzekeringspremies of premies pensioensparen, de tariefgrenzen enzovoort voortaan jaarlijks aangepast worden. De indexering gebeurt met behulp van een koëfficiënt die men bekomt door het gemiddelde van de indexcijfers van het jaar dat het inkomstenjaar voorafgaat, te delen door het gemiddelde indexcijfer van 1988. Naast een toelichting inzake de afrondingsregels bevatte artikel 8 ook een uitzondering. de indexering gold niet voor de bedragen van 120.000 fr. en 10.000 fr. die vermeld worden in artikel 10 1, eerste lid WIB (artikel 8 3).