Inflatie- en rentevrees

In Londen werd eerst even geflirt met de grens van 3.000 punten, doch deze kon niet standhouden. De cijfers vanuit de Verenigde Staten waren niet van aard om de beleggers gerust te stellen. Daarenboven viel het geldgroeicijfer in eigen land hoger uit dan algemeen verwacht. Dit cijfer wordt door de overheid gebruikt als een belangrijke inflatie- indicator. Inflatie- en rentevrees wogen dus andermaal op de aandelenkoersen. Dank zij een lager dan verwacht cijfer voor de Britse produktie veerde de markt wat op. Hierdoor hield de Footsie zich in internationaal perspektief relatief stevig. De index daalde met 0,3% tot 2.984,4 punten. De bredere Footsie250 kalfde daarentegen met 1,7% af tot 3.445,5 punten.