Intern gekibbel doet OPEC op zijn grondvesten daveren

(tijd) - De OPEC kampt met problemen. Het oliekartel zit in de diepste krisis sinds zijn oprichting in 1960. Elk akkoord over een produktieplafond is zo goed als zoek; de kartelleden mogen zowat naar hartelust olie oppompen en de prijshaviken, aangevoerd door Iran, liggen op zowat elke OPEC-vergadering hopeloos overhoop met de meer gematigde OPEC-leden onder leiding van Saoedi-Arabië. Ecuador heeft er bovendien nog mee gedreigd het oliekartel te verlaten als een aantal van zijn eisen niet ingewilligd worden. De dertien leden van de Organizatie van Olie-exporterende Landen (OPEC) produceerden in oktober zo'n 25,3 miljoen vaten per dag, het hoogste peil sinds 1980. Tegenover dit hoge produktiepeil staat de vrij geringe vraag naar OPEC-olie vanuit de westerse industrielanden. De ekonomische vertraging in de VS, Japan en de EG hebben de vraag naar olie fiks doen dalen. Dit onevenwicht leidde tot een daling van de koers van de ruwe olie tot rond de 19,25 dollar per vat, meteen het laagste peil in maanden (in reële termen zelfs lager dan voor de oliekrisis van 1973) en een eind verwijderd van het OPEC-streefdoel van 21 dollar per vat.