Is de Vlaamse begroting bestand tegen 11 september?

Op 11 september kreeg de wereld een ander aanschijn. Een nieuwe en onzekere periode is aangebroken, zeker na de aanval op Afghanistan. Hoe zal president Bush zijn land op lange termijn politiek positioneren? Welk effect zal dit hebben op Europa? Zal Europa meer zelf moeten instaan voor de eigen veiligheid? De economische effecten van 11 september zijn nog niet helemaal in te schatten. Daarenboven was de economische situatie voorheen ook al niet zo schitterend. De kalmerende houding van premier Verhofstadt en van minister van Begroting Vande Lanotte van enkele weken geleden heeft plaats gemaakt voor een begroting zonder overschot en zonder schuldafbouw, voor de bekommernissen rond het einde (?) van Sabena, en voor het geruzie over de sociale zekerheid. Toch één hoopgevend teken: de liberale voorzitter De Gucht zou nu plots toch voorstander zijn van een Vlaamse sociale zekerheid En van minister-president Dewael hadden we tot zijn septemberverklaring niets gehoordEen goed begrotingsbeleid gaat uit van het principe van de zorgvuldig handelende huisvader: besteed het beschikbare geld zo verstandig mogelijk, maak zo weinig mogelijk schulden, en zorg ervoor dat er ook voor minder goede tijden een appeltje voor de dorst overblijft. De Euromeesternorm, van de vorige Vlaamse regering, was daarvan de vertaling. De huidige coalitie heeft deze norm echter opzij geschoven. Ik heb alle vertrouwen in de goede wil en dossierkennis van de Vlaamse minister van Begroting Van Mechelen. Maar in de Vlaamse regering als dusdanig (en in de partijvoorzitters die zich om de haverklap komen bemoeien) heb ik iets minder vertrouwen. De duidelijke afkeer van sommige ministers voor cijfermatig onderbouwde dossiers maakt mij ongerust. In juli waarschuwde de Sociaal-Economische Raad voor Vlaanderen nog in krachtige bewoordingen: De beleidsruimte voor de rest van de legislatuur is grotendeels opgesoupeerd. De voorgenomen alternatieve financieringen bieden hierop geen antwoord. Er zijn immers al politieke beslissingen genomen voor de aanwending van deze middelen, m.n. het Masterplan in Antwerpen en initiatieven voor stadsvernieuwing. Intussen is er op economisch vlak heel wat gekeerd; de GIMV zal niet kunnen worden geprivatiseerd en een aantal plannen zal in de lade belanden. De gedetailleerde begrotingsstukken liggen nog niet op de parlementaire banken. Vele vragen blijven alsnog bestaan. Hoe ver is de regering gegaan in haar creativiteit, hoeveel en welke camouflagetechnieken heeft men moeten toepassen? In de kranten lees ik staaltjes van onverantwoordelijk begrotingsbeleid, allerminst het beleid van een goede huisvader. Ik vraag dat de Vlaamse Regering haar begroting realistisch aanpast aan de huidige economische situatie. Zelfs zonder rekening te houden met de gebeurtenissen van 11 september, zal er nog duchtig moeten worden gesleuteld aan het huidige ontwerp. Immers, de maatregelen in het onderwijs worden niet alleen door de vakbonden, door de CD&V, maar ook vandaag nog door twee van de vier regeringspartijen ter discussie gesteld. De SP(A)- en Agalev-ministers hebben de afschaffing van de vervroegde pensionering van leerkrachten goedgekeurd, omdat dit de kredieten in de eigen begrotingen veilig stelt. Daags nadien komen echter diezelfde partijen zeggen dat zij tegen die maatregel zijn en dat er opnieuw moet worden onderhandeld. Na de Septemberverklaring lijkt het allemaal koek en ei en niets is minder waar.Aangezien door de ongebreidelde uitgavendrang van vorige jaren de bodem van de Vlaamse schatkist zichtbaar is geworden, had minister-president Dewael vooropgesteld de uitgaven met maximaal 2 procent te laten groeien. Ik lees echter dat de financiële effecten van bepaalde maatregelen niet meer beschouwd worden als extra uitgaven, en dus buiten de 2-procentnorm vallen. Dit getuigt werkelijk van een onverantwoord beleid. De werkelijke stijging van de uitgaven bedraagt geen 2 procent, maar wel 3,8 procent, ver boven de maximaal te verantwoorden norm! Bovendien moeten we vaststellen dat vele steeds terugkerende uitgaven worden gedekt door eenmalige inkomsten. Men rekent op inkomsten uit laattijdige betalingen van het Kijk- en Luistergeld (terwijl de betrokken personeelsleden hun opzeg krijgen), men haalt eenmalig 3 miljard uit het Minafonds, en de schuldaflossingen voor sociale huisvesting worden voor 2,3 miljard meegerekend. Intussen weten we dat de vroegere onderwijs-CAO op kruissnelheid elk jaar 28 miljard zal kosten, en geen 20 miljard, waar de regering van uitgaat.De regering heeft voorgaande jaren het geluk gehad dat we een economische piek kenden. Waar bij het aantreden van de regering gerekend werd op een middelenaangroei van 121 miljard, werd duidelijk dat dit door de economische hoogconjunctuur verdubbelde tot 240 miljard. Dit jaar kennen we een reële uitgavenstijging van meer dan 6 procent en dit bij een economische groei van geen 3 procent! Dat is zelfs in een economische hoogconjunctuur nauwelijks te verantwoorden.Tot 11 september kon men stellen dat de economische knipperlichten op oranje stonden. Grote multinationals schrapten wereldwijd tienduizenden banen, het ondernemersvertrouwen in de ons omliggende landen ging sterk naar beneden. In de VS sprak men juist niet van een recessie. De terreuraanslagen op de Verenigde Staten, met als gevolg de oorlog tegen Afghanistan, hebben inmiddels de lichten op rood gezet. Wat de Vlaamse regering de voorgaande jaren heeft nagelaten, is nu dringend aangewezen. Vlaanderen zou er goed aan doen een voldoende grote buffer aan te leggen, om een serieuze economische depressie te kunnen opvangen. De cijfers van de begroting 2002 die de regering tot nu toe heeft vrijgegeven, laten niet veronderstellen dat dit in overweging is genomen. Uit gemeende bezorgdheid ben ik ervan overtuigd dat de paars-geel-groene coalitie haar huiswerk moet overdoen om een nieuw werkstuk voor te leggen, ook al is het misschien saai cijferwerk Wivina DEMEESTERDe auteur is Vlaams parlementslid voor de CD&V