Kan het nog beter voor Balfour Beatty?

Balfour Beatty is een van de belangrijkste Britse bouwondernemingen op het gebied van (rail-)infrastructuur. In de laatste maanden haalde het de ene opdracht na de andere binnen, zoals de bouw van 10 nieuwe scholen en de renovatie van 5 andere, waarna het facilitair beheer voor een periode van 31 jaar krijgt. De totale opdracht heeft een omvang van 100 miljoen pond (144 miljoen euro), en komt nadat Balfour Beatty vorig jaar van de gemeente Stoke-on-Trent voor 153 miljoen pond een opdracht heeft binnengehaald om 9 nieuwe scholen te bouwen en de resterende 132 scholen te renoveren. Dat was een van de grootste gemeentelijke projecten van dit type, en toont aan dat Balfour Beatty zijn activiteiten succesvol weet te diversifieren. Maar ook in zijn traditionele metier rijgt het de ene opdracht aan de andere: op maandag werd het door Network Rail uitgekozen als geprefereerde bieder op een railverbeteringsproject van 450 miljoen pond (650 miljoen euro). Network Rail is de voortzetting van het vroegere Railtrack, dat terug onder bescherming van de overheid opereert. Network Rail is van plan in de komende 3 jaar voor 18,8 miljard te investeren in de verbetering van het railnetwerk. Het aandeel Balfour Beatty reageerde echter nauwelijks op het nieuws, hoewel het dit jaar al wel bijna 30 procent hoger klom. Juist de omvang van de geplande railinvesteringen maakt critici sceptisch over de houdbaarheid van de plannen. Afgelopen jaar bedroeg het operationele verlies op de spoorwegen al 1,5 miljard pond, tegenover 0,2 miljard in 2001. Dit verlies komt nadat de begroting afgelopen jaar al met 1,1 miljard euro was verhoogd. In het licht van de oplopende tekorten zijn de Strategic Rail Authority en de Office of the Rail, de twee toezichthouders, een onderzoek gestart naar de kosten van het programma, nu Network Rail zijn budget voor onderhoud, vernieuwing en exploitatie met 25 procent heeft verhoogd in de komende 3 jaar. Of de regering bereid is de oplopende tekorten te blijven dichten, is vooral een politieke keuze. Veel Britse bouwers die werken aan de railinfrastructuur, gaan voor hun winstprojecties nog uit van de laatste plannen van Network Rail. Bedrijven zoals Jarvis, John Laing, Carillion en Amey halen een aanzienlijk deel van hun omzet en bedrijfsresultaat, tussen de 20 en 45 procent, uit hun railactiviteiten. Een van de eerste gebieden waarop zal worden bezuinigd, zijn de niet-railsgerelateerde vernieuwingsprojecten, vanaf volgend jaar wordt al gesnoeid op onderhoud. Relatief veilig lijken de vernieuwing van de rails, en spoorsignalisatie en -elektrificatie. In elk geval zal het onderzoek van de toezichthouders er toe leiden dat de zogenaamde unitkosten van het onderhoud moeten dalen, wat tot margeverkleining van de bouwers zal leiden. Vooral voor Jarvis kan dit negatief uitpakken. In het slechtste geval zou de operationele winst met zo'n 25 procent kunnen dalen. Balfour Beatty behaalt 11 procent van zijn omzet en 9 procent uit de Britse railactiviteiten. Het heeft grote contracten lopen in Massachusetts, in Italie en ook het Londense Metronet. Het is daarmee veel gediversifieerder dan de meeste andere Britse spelers. Hoewel het aandeel met een premie noteert van zo'n 10 procent, heeft het veruit de hoogste geprojecteerde winstgroei in de komende jaren. PB