Kees van Kooten,

Nederlandse televisiemaker en toneelschrijver, over de huidige samenlevingIk zou graag weer eens een woord als nulgroei terug willen zien. Het grote gevaar dat ons bedreigt, is de vermeerdering, de almaar doorgaande vermeerdering van productiemiddelen. Daar is afzet voor nodig, dus vermeerdering van bevolkingen. Of het nu de hyperreligieuze massas zijn, of het aantal bozebrievenschrijvers, of het aantal autos - alles vermeerdert zich. Laatst zag ik in Frankrijk op het journaal een reportage over de Parijse autosalon met woedende mensen, die in de omtrek van zeven kilometer hun auto niet konden parkeren - zo druk was het. Dat zijn toch rare dingen, hé. We zijn aan het verzenuwen, dat is het grote probleem. De VolkskrantAndreas de Leenheer, rector van de Universiteit Gent, over studiekeuzes bij jongerenIn de jaren zeventig, in volle crisis, begon iedereen economie te studeren. De voorbije jaren boomde de informaticasector. Maar nu een aantal hightechbedrijven failliet is gegaan, zien we dat de interesse taant. Of neem het Dutroux-effect: de jongste jaren begint iedereen criminologie te studeren. Weet je dat criminologie bij ons al goed is voor de helft van alle studenten in de faculteit rechtsgeleerdheid? Dat verontrust mij een beetje, want zon ontwikkeling wordt veroorzaakt door een democratisch deficit. Jongeren van achttien zijn immers onvoldoende geïnformeerd over de beroepsmogelijkheden in die richtingen. Vandaar ook de wisselvalligheden: jongeren laten zich leiden door wat in de media verschijnt en hebben geen diepere levenskeuze. (...) Jongeren zien de positieve kanten niet van ondernemen. Ze begrijpen niet dat de maatschappij wordt geschraagd door datgene wat het bedrijfsleven produceert. Hetzelfde geldt voor scheikunde, een richting met een natuuronvriendelijk imago. Nochtans is het precies de scheikunde die in staat is om de milieuproblematiek aan te pakken. TrendsAndré Szasz, oud-directeur van De Nederlandsche Bank, over het Europees StabiliteitspactUiteindelijk gaat het om de politieke wil: de bereidheid om beperkingen te aanvaarden op het nationale budgetrecht, dat de kern raakt van de nationale soevereiniteit. Die is nu onvoldoende om een duurzame gemeenschappelijke munt te verzekeren. Dat kan alleen veranderen als de lidstaten in het kader van een voortgaande integratie Europeser gaan denken. Daarvoor is niet alleen relevant wat de Conventie zegt over de Europese Muntunie, maar vooral ook wat er uitkomt voor de politieke integratie. Het Financieele Dagblad