Ken zonder vrees

De jonge saxofonist Ken Vandermark (1964) werd tot verbazing van velen in 1999 verblijd met een zogenaamde Genius Grant van de McArthur Foundation. Voor deze felbegeerde beurs kunnen kandidaten geen aanvraag indienen, noch zijn aan het verwerven ervan eisen verbonden. De prijzen - per envelop een slordige 350.000 dollar - worden op onregelmatige tijdstippen bij wijze van erkenning geschonken aan wetenschappers, schrijvers en kunstenaars die volgens een even mysterieuze als anonieme adviescommissie op hun terrein de gave van de genialiteit demonstreren. Ook jazz komt in aanmerking - in het verleden viel de cheque op een mooie dag al in de bus bij Max Roach, Cecil Taylor, Ornette Coleman en Anthony Braxton. Telkens ging het om een ruimschoots verdiende bekroning van een weliswaar nog niet afgerond maar toch al lang en avontuurlijk muzikaal parcours. Tegelijk leek het ook een beetje op een compensatie voor het gebrek aan populaire en financiele erkenning dat deze historische figuren daarvoor kregen. In de persoon van Vandermark werd echter voor het eerst een jonge, obscure muzikant uitverkoren. Maar dan wel een die beantwoordt aan de tegendraadse criteria van de onafhankelijke geesten achter de schermen van de stichting. Vandermark beweegt zich ver van de politiek correcte kringen rondom Wynton Marsalis, hij schermt niet met een onwrikbare definitie van de enige echte jazz, verdedigt geen door smetvrees steriel geworden traditie, en wordt door de grote labels niet beschouwd als de volgende grote man. Integendeel. Vandermark cirkelt rond de muzikale geschiedenis van Chicago (van de blues en de honkende saxofonisten in de bars tot de experimenten van de AACM) en de harde Europese free van Brotzmann en konsoorten. Hij neemt voor diverse minuscule labels en met vele verschillende bands grote hoeveelheden platen op, kennelijk zoals het hem uitkomt en zonder een duidelijk uitgestippeld plan. Constante: de organische, onacademische verwerking door deze blanke stadsjongen van zijn encyclopedische kennis van en affiniteit met alle elementen van de zwarte muziek. Met diezelfde bands trekt hij onvermoeibaar op tournee, niet alleen langs festivals en grote concertzalen, maar vooral langs kleine clubs, bars, lounges, kerkjes, schuren en geimproviseerde zaaltjes in kleine stadjes en landelijke locaties. Een nieuwe bus was, zo gaat het verhaal, het eerste wat Vandermark zich aanschafte met het geld van wijlen filantropen en mecenassen meneer en mevrouw McArthur. De nieuwe bus voert Vandermark deze week bij wijze van spreken nog over de oceaan en naar ons land, en wel met bassist Nate McBride en drummer Hamid Drake. Samen noemen ze zich Spaceways Incorporated - de naam doet verwijzingen vermoeden naar de muziek van de superkosmonaut van de jazz, wijlen pianist en orkestleider uit Chicago, Sun Ra. Te meer omdat ook bij Vandermark alle wegen van, naar en via Chicago leiden. De muzikale erfenis van Sun Ra nam Vandermark echter al eerder onder handen, deze Spaceways hebben veeleer wat te maken met het spacy, trippende karakter van de veelgelaagde triomuziek. Hun eerste album onderwierp de stukken van Vandermark - een soort nieuwe, eigen standards - aan een genadeloos energieke behandeling. Het tweede maakt de titel ('Soul version') rijkelijk waar met merkwaardig verbouwde beats uit de werelden van de soul, reggae, funk, New Orleans. Vandermark speelt er voor het eerst ook voluit baritonsax, nieuwe aanwinst in het haast volledige arsenaal aan rietinstrumenten dat hij beheerst. Probeer hem in de Vooruit niet te missen, want ondanks de McArthur-beurs en zijn groeiende faam hebben de meeste festivals ook dit jaar Vandermark weer over het hoofd gezien. Een complete pianist Nog een jazzman met een prijs, en ook in het land, is Fred Hersch. Hij kreeg zopas de Guggenheim Memorial Fellowship in Music Composition. (Was dat niet de beurs die ooit aan Duke Ellington werd ontzegd en destijds aan de reeds bejaarde meester de woorden ontlokte: 'Ik ben blij dat de jury mij nog te jong vindt voor zo'n prijs'?). Of Hersch een groot componist is, moet nog enigszins blijken, onder meer uit de bewerking voor stem en klein ensemble die hij zopas voltooide van Walt Whitmans gedichtencyclus 'Leaves of grass'. Dat hij als pianist op een eenzame hoogte staat, is al langer geweten. Op zijn vierde ging hij door het leven als een wonderkind en aan het conservatorium van Boston voltooide hij buitengewoon veelzijdige en complete studies aan de klassieke afdeling. Maar de jazz trok hem aan en hij kreeg ook les van Jaki Byard, de speelse bewaker van een kleine honderd jaar jazzpiano, van Cecil Taylor tot terug in de tijd van de cakewalk en de ragtime. Hersch leerde het vak in New York, aan de zijde van trompettist Art Farmer, saxofonist Joe Henderson, Toots Thielemans en vele anderen die in de jaren zeventig en tachtig op zijn diensten een beroep deden. Hersch zocht vervolgens aandacht als leider, maar het waren niet de voorspoedigste jaren om een eigen weg te zoeken en te vinden. Als solist en met zijn eigen trio kwam Hersch wellicht tien jaar te vroeg: zijn soort van pianistieke poetica sloeg pas later aan, toen een van zijn eigen studenten plotse faam verwierf: Brad Mehdlau kreeg met zijn verbluffende trio meer en bredere aandacht dan de indrukwekkende repertoirealbums waarin Hersch op persoonlijke wijze gestalte gaf aan het repertoire van Billy Strayhorn, Rodgers & Hammerstein en Thelonious Monk. Het hoogtepunt in de reeks wordt gevormd door het drieluik 'Songs without words' waarin Hersch zich laat kennen als wellicht de compleetste pianist van zijn en de volgende generatie. Dat hij ook stevig kan uitpakken toonde hij meteen daarop met zijn nieuwe trio op een pittig livealbum opgenomen in de Village Vanguard. Die complete pianist kunt u vanavond nog meemaken in Brussel, en morgen donderdag in de muzieksalon van de Chateau Vilain XIIII nabij Maasmechelen. Rob LEURENTOP Ken Vandermark 'Spaceways Inc - Soul version' (Atavistic) Concert: Vooruit, Gent, donderdag 22 mei. Fred Hersch 'Songs without words' (Nonesuch/Warner - 3 cd's): 'Trio Live at the Village Vanguard' (Palmetto/Culture) Fred Hersch solo: Bozar, Brussel, woensdag 21 mei; Chateau Vilain XIIII, Leut (Maasmechelen), donderdag 22 mei