Advertentie
Advertentie

Kerken in Amerika: de cijfers

De drastische deconfessionalisering die zich na de Tweede Wereldoorlog in veel West-Europese landen voordeed, vond in de Verenigde Staten niet met dezelfde intensiteit plaats. Sinds 1990 is er zelfs sprake van een lichte kentering. Op de vraag welk geloof hun religieuze voorkeur heeft, gaf in 1999 volgens gegevens van het US Census Bureau slechts 8 procent van de ondervraagde Amerikanen het antwoord geen. In 1990 was dat cijfer nog 11 procent.Wel is er sprake van een relatieve daling van protestanten en een stijging van andere godsdiensten: niet protestant, katholiek of joods. Noemde in 1980 nog 61 procent van de bevolking zich protestant, in 1999 was dat 55 procent. De groep die zich katholiek noemde daalde tussen 1980 en 1990 van 28 procent naar 25 procent, maar nam met de immigratie van Hispanics uit Mexico en Centraal-Amerika weer toe tot 28 procent in 1999. Joden bleven stabiel op 2 procent terwijl andere geloven, waaronder islam en hindoeïsme, toenamen van 2 procent in 1980 tot 6 procent in 1990, een percentage dat sindsdien stabiel bleef.Niet alleen nam het percentage Amerikanen dat zich identificeerde met een godsdienst in de jaren negentig licht toe, ook het aantal leden van een kerk steeg tussen 1990 en 1999 weer van 65 procent tot 70 procent van de Amerikanen, nadat het in de jaren tachtig was gedaald van 69 procent naar 65 procent. Het aantal Amerikanen dat daadwerkelijk een keer in de week naar een kerk, synagoge of moskee gaat, steeg van 40 procent in 1990 naar 43 procent in 1999.De reputatie van de Bible Belt in het diepe Zuiden van de Verenigde Staten is terecht. Was in 1999 gemiddeld 70 procent van de Amerikanen lid van een kerk, in de Zuidelijke Staten was dit 75 procent. Ook de Mid-West lag met 72 procent boven het gemiddelde, terwijl zowel de Oostkust als het Westen lager scoorden met respectievelijk 67 procent en 60 procent.De babyboomers zijn het minst kerkelijk van alle Amerikanen. In 1999 was 64 procent van de Amerikanen met een leeftijd tussen 30 en 49 lid van een kerk. Misschien hebben Amerikanen op het toppunt van hun economische productiviteit ook minder tijd voor kerken. Voor oudere Amerikanen ligt het cijfer hoger: 72 procent voor 50-64 jarigen en 80 procent voor 65 of ouder. Opmerkelijk is dat ook jonge Amerikanen vaker lid zijn van een kerk dan die van middelbare leeftijd: voor de categorie 18 tot 29 was het percentage 68 procent.Het protestantisme, nog steeds het dominante geloof in de VS, is verspreid over vele honderden verschillende kerken en kerkjes, van de meest strenge tot de meest vrijzinnige. Volgens de laatste cijfers zijn wat betreft ledenaantal de Southern Baptist Convention (16 miljoen leden), de United Methodist Church (8 miljoen), de National Baptist Convention (8 miljoen), de Church of God in Christ (6 miljoen) en de Church of Jesus Christ of Latter-day Saints (5 miljoen) het belangrijkst. Ter vergelijking: de katholieke kerk telt 62 miljoen leden.Deze cijfers over lidmaatschap moeten overigens voorzichtig worden geïnterpreteerd, omdat deze gegevens door de kerken zelf geleverd worden aan het US Census Bureau. De definitie van lidmaatschap kan uiteraard sterk verschillen. HR