Kleine bedrijven onderworpen aan preventief bedrijfstoezicht

(tijd) - Voortaan zullen ook de rekeningen van ondernemingen met minder dan 50 werknemers vanuit de Vlaamse overheid opgevolgd worden met het oog op het voorkomen van faillissementen. Zo kwamen de Vlaamse regering en de sociale partners overeen in het Vlaams Ekonomisch en Sociaal Overlegkomitee (VESOK). Er werd tevens een akkoord bereikt om het premiestelsel voor de aanmoediging van deeltijdse arbeid te verruimen, zoals eerder werd aangekondigd door minister-president Luc Van den Brande.Met het preventief bedrijfsbeleid, dat in de tweede helft van de jaren tachtig bestaansrecht verwierf, probeert de Vlaamse overheid de bedrijfsekonomische moeilijkheden bij de Vlaamse bedrijven tijdig te detekteren om te kunnen bijsturen voor de zaak failliet gaat. De opdracht werd toevertrouwd aan een kommissie van experts in bedrijfsbeheer. Oorspronkelijk dienden ze enkel de bedrijven met meer dan 100 werknemers op te volgen (de overheidsbedrijven en bedrijven uit sektoren met een bijzondere toezichtsregeling, als banken en verzekeringen, uitgezonderd). In 1990 werd die drempel verlaagd tot 50 werknemers. De kommissie screent de rekeningen van al deze bedrijven op basis van een faillissements-prediktiemodel. Bedrijven die in problemen zitten of er op afstevenen, krijgen aanbevelingen tot bijsturingen in het management.